Categorie archief: klimaatsceptici

Misinformatie in Planet of the Humans

De nieuwe documentaire van Jeff Gibbs, Planet of the Humans, doet veel stof opwaaien. Raar genoeg spreekt de documentaire zowel pseudosceptici als antikapitalisten en neomalthusianen aan, maar zoals te verwachten om heel andere redenen.

Pseudosceptici smullen van de films aanklacht tegen hernieuwbare energie en tegen de milieubeweging, zeker omdat een links icoon als Michael Moore er als uitvoerend producent aan heeft meegewerkt.

Sommige fervente milieuactivisten vinden daarentegen de onderliggende boodschap van de film – dat overbevolking en kapitalisme de bron van alle kwaad zijn – heel waardevol, en knijpen dan blijkbaar een oogje toe wat betreft de vele onjuistheden die voorbij komen.

Want daar zit de film vol mee. Energiedeskundige Thijs ten Brinck benoemt er tientallen op zijn zeer lezenswaardige blog. Om een voorbeeld te geven: er wordt beweerd dat het meer energie kost om zonnepanelen te produceren dan ze gedurende hun levensloop produceren. Dat is onjuist. De energetische terugverdientijd is een paar jaar. En in tegenstelling tot wat in de film wordt betoogd zorgt ook windenergie wel degelijk voor CO2-reductie. Veel van de clips en getallen die genoemd worden (zoals de efficiëntie van zonnepanelen) zijn al 10 jaar oud. De ongefundeerde aanklacht tegen duurzame energie komt waarschijnlijk deels uit de koker van Ozzie Zehner, auteur van het boek “Green Illusions” en producent van de film. Hij wordt meerdere keren als expert opgevoerd door Gibbs, terwijl hij aantoonbare onwaarheden spuit.

Lees verder

De wetenschappelijke basis van CLINTEL (part II)

Gastblog van Prof. Guido van der Werf

Professor Guus Berkhout van CLINTEL heeft eerdere kritiek op een oudere versie van de wetenschappelijk onderbouwing van het CLINTEL verhaal ter harte genomen. Niet alleen zijn sommige stukken aangepast -overigens alleen in de onderbouwing, de conclusies blijven min of meer hetzelfde-, ook heeft CLINTEL een reactie online gezet en gaan we eind maart weer in gesprek. Dat was althans de uitgangspositie toen ik deze brief op 5 maart mailde naar Berkhout. En hoewel er geen bevestiging meer gekomen is het aannemelijk dat het gesprek pas later plaats zal vinden vanwege COVID-19.

Vooruitlopend op dat gesprek staan hier alvast wat gedachtes, met name om een aantal misverstanden uit de weg te ruimen. Het eerste misverstand is het geloof van sceptici dat de attributie van de temperatuurstijging aan CO2 en andere menselijke factoren alleen op modellen zou berusten (“die veronderstelde zekerheid is tot nu toe uitsluitend gebaseerd op de uitkomst van computermodellen”). Dit is simpelweg niet waar. Met een computermodel probeer je met name de interacties tussen de verschillende componenten van het aardsysteem te begrijpen. Het is een belangrijk stuk gereedschap waarmee inderdaad ook veel projecties gemaakt worden. Maar ook zonder die klimaatmodellen kan je veel zeggen over het verleden en de toekomst. Een mooi voorbeeld is het grotendeels op waarnemingen gebaseerde rapport van Nic Lewis en Marcel Crok waar in Tabel 3 op pagina 49 ook gewoon staat dat we richting de 2 à 3 graden opwarming gaan zonder mitigatie. Er zijn overigens genoeg redenen om aan te nemen dat dat rapport wat te rooskleurig is maar feit is dat we niet precies weten of we nu op 2 of op 5 graden afstevenen, of uiteraard daar tussenin.

Groeisnelheid van CO2
Het tweede misverstand gaat over een nieuwe grafiek. CLINTEL kopieert een grafiek van Ole Humlum over de mate waarin CO2 in de atmosfeer toeneemt. Deze komt uit het niets en er staat verder geen context bij behalve de opmerking dat variaties in de toename van CO2 volgen op variaties in temperatuur. Daar is op deze site eerder aandacht aan geschonken. Volgens CLINTEL geeft dit “mede aan dat het helemaal niet zeker is of de mainstream klimaatwetenschap wel de juiste richting is ingeslagen.”

Humlum en CLINTEL zijn niet de eerste die zagen dat variaties in CO2stijging volgen op variaties in temperatuur. Let op, dit is een andere vertraging dan die we zien bij het veranderen van de CO2-concentratie bij het komen en gaan van ijstijden. We weten sinds de jaren ’70 dat CO2 sneller toeneemt in de atmosfeer na een warm jaar (meestal samenhangend met El Niño), zie bijvoorbeeld Bacastow (1976). Ikzelf heb eerder over een van de oorzaken gepubliceerd (van der Werf et al., 2004). En iedereen die een keer rustig naar de data kijkt ziet ook in dat dit niet alleen oud nieuws is maar ook dat het conceptueel goed begrepen is.
Lees verder

Clintel, slordig met feiten en met de eigen principes

2019 jaar in “warming stripes”. Een weergave van dezelfde data in een traditionele grafiek met onzekerheidsintervallen staat verderop in dit stuk. Bron: Climate Lab Book / Ed Hawkins

Helder en transparant?

Clintel kreeg de afgelopen weken de nodige kritiek te verduren. Onder meer op ons blog, met de gastbijdrage van Guido van der Werf, maar ook via de berichtgeving van Follow the Money en Pointer. Clintel is, begrijpelijk, niet blij met alle kritiek. Maar hun verdediging is tot nu toe niet bijster overtuigend.

Een punt uit het stuk van Guido dat ook terugkwam in de uitzending van Pointer gaat over een grafiek met een temperatuurreconstructie over de afgelopen 2000 jaar die Clintel gebruikt. Die grafiek stopt in 1935. De opwarming van ongeveer 1°C die we sindsdien hebben gehad is er dus niet in te zien. En toch voerde Clintel die grafiek op als bewijs van de claim dat die opwarming niet uitzonderlijk zou zijn:

Even in more recent times (Figures 1b,c), the Medieval Warm Period (MWP) – around 850 AD – was warmer than today, while in the Little Ice Age (LIA) –around 1650 AD – the seasons were cooler than today. Hence, it is no surprise that after the LIA the Earth is warming-up again to a next kind of MWP (Figure 1d). That has been the natural sequence of warm – cold – warm periods.

Het is een claim die in de verste verte niet vol te houden is als de opwarming die we sinds midden vorige eeuw hebben gehad meegenomen wordt. Clintel reageert hierop vooralsnog met, voorzichtig gezegd, omtrekkende bewegingen. Zo beweert Berkhout in de uitzending van Pointer hier niet van op de hoogte te zijn. Dat is best merkwaardig. Volgens een tweet van Marcel Crok was het interview met Pointer op 17 februari, terwijl het stuk van Guido al op 30 januari op ons blog stond. En het was voor de publicatie al naar Clintel gestuurd. Berkhout had dus allang op de hoogte kunnen – of moeten – zijn van die fout. Lees verder

De wetenschappelijke basis van CLINTEL

Gastblog van Prof. Guido van der Werf

Inleiding
Volgens hun website is “Stichting Climate Intelligence (CLINTEL) een onafhankelijke stichting die objectief bericht over klimaatverandering en klimaatbeleid”. CLINTEL is in 2019 opgericht door emeritus-hoogleraar innovatiemanagement Guus Berkhout en wetenschapsjournalist Marcel Crok.

Vlak voor de kerst had ik een prettig gesprek met Berkhout en Crok over klimaatverandering en de implicaties voor de maatschappij. Het is altijd goed om te zien dat mensen met ogenschijnlijk tegenstrijdige opvattingen elkaar op een hoger niveau toch kunnen vinden. In dit geval waren dat zorgen over de maatschappij. Voor mij zorgen over de gevolgen van door de mens geïnitieerde klimaatverandering, voor Berkhout en Crok zorgen over maatregelen die genomen worden om klimaatverandering te beperken (zogenaamde mitigatie).

Op dit moment is CLINTEL druk bezig om hun “World Climate Declaration” te promoten met de kernboodschap “There is no climate emergency”. Bij die declaratie hoort ook een wetenschappelijke onderbouwing en die is in de “Science behind the climate declaration” gegeven. Dat is prettig want het geeft een startpunt voor de discussie die CLINTEL graag wil aanzwengelen. Die onderbouwing is ook het onderwerp van deze blogpost, die volgt op eerdere posts over uitspraken van Berkhout die helaas nooit tot een discussie hebben geleid.

Hieronder worden één voor één de grafieken behandeld die getoond worden in de onderbouwing, inclusief uitspraken daarover. Het onderschrift is letterlijk overgenomen. Om gelijk met de deur in huis te vallen:

  • De grafieken ondersteunen de uitspraken vaak niet.
  • In belangrijke delen wordt er impliciet van uitgegaan dat CO2 de enige factor is die het klimaat zou beïnvloeden.
  • Grafieken worden foutief geïnterpreteerd om de indruk te wekken dat klimaatmodellen veel meer opwarming voorspelden dan er gemeten is.

Lees verder

Pseudosceptische mist over de openheid van het IPCC

Wanneer het over complotdenkers of wetenschapsontkenners gaat valt wel eens de term motivated reasoning. In wezen is dat heel normaal menselijk gedrag: we redeneren allemaal wel eens naar een gewenste conclusie of naar bevestiging van onze mening toe. Een grappig voorbeeld van dat fenomeen is vaak te zien op fora waar supporters van verschillende voetbalclubs commentaar leveren op wedstrijden. Enigszins gechargeerd komen de commentaren erop neer dat elke club altijd de scheidsrechter tegen heeft, en veel pech, en een tegenstander die bijzonder onsportief is. Veel voetbalsupporters geloven dus dat hun club tekort wordt gedaan, omdat ze zo graag willen dat die club altijd beter is dan de tegenstander. Maar sommige supporters gaan daar heel ver in, terwijl anderen er een stuk realistischer naar kijken. En zo gaat het ook bij andere onderwerpen. Vooral mensen met heel stellige – of moet ik zeggen extreme – overtuigingen zijn heel bedreven in dat gemotiveerd redeneren. Sommigen slagen erin om werkelijk alle informatie die ze vinden zo te verdraaien dat ze er een bevestiging van hun overtuigingen in zien. De afgelopen week werd dit op een bijna surrealistische manier geïllustreerd door enkele Vlaamse pseudosceptici.

Het draait allemaal om het open review proces van het klimaatpanel IPCC. Pseudosceptici hebben het meestal liever niet over dat proces. Want als ze het zouden noemen zouden ze daarmee hun eigen retoriek over het IPCC als gesloten bolwerk, dat niet open staat voor kritiek en niet transparant is, behoorlijk onderuithalen. Het IPCC biedt via die open review namelijk iedereen die zichzelf deskundig genoeg vindt de gelegenheid om commentaar te leveren op concept-rapporten. Wie expert reviewer wil worden kan zich daarvoor aanmelden via de website van het klimaatpanel. In het verleden werd er bij die aanmelding helemaal niet naar deskundigheid gevraagd, sinds enige tijd wordt bij een aanmelding wel een eigen verklaring over de expertise verwacht. Bewijs, bijvoorbeeld in de vorm van wetenschappelijke publicaties, is niet nodig. De enige andere voorwaarde is ondertekening van een verklaring om vertrouwelijk om te gaan met concept-rapporten, omdat men wil voorkomen dat teksten naar buiten komen voordat die ofwel definitief zijn, ofwel zijn afgewezen of aangepast. Dat zou immers verwarring op kunnen leveren. Concept-rapporten worden wel gepubliceerd, maar pas nadat ook het definitieve rapport er is. Dan worden ook alle opmerkingen van expert reviewers gepubliceerd, en alle antwoorden daarop van de auteurs van het rapport. En de auteurs moeten elke opmerking beantwoorden. Lees verder

Robuustheid van homogenisatie van KNMI onderzocht

We hebben hier het afgelopen jaar al twee keer aandacht besteed aan het kritische rapport van Dijkstra, Ruis, De Vos en Crok over de homogenisatie van temperatuurmetingen van De Bilt door het KNMI. Inmiddels heeft meteoroloog Ben Lankamp van Weerplaza de homogenisatie van het KNMI gereproduceerd. Hij heeft ook onderzocht hoe gevoelig de resultaten zijn voor gemaakte keuzes die door Dijkstra bekritiseerd werden. De invloed van die keuzes op het resultaat van de homogenisatie is klein. De gebruikte referentie heeft het meeste invloed: een combinatie van Nederlandse en Duitse stations levert een wat kleinere correctie op dan wanneer alleen Eelde wordt gebruikt.  Maar de keuze voor Eelde is een logische, op basis van meteorologische argumenten. De conclusie: de homogenisatie is reproduceerbaar en robuust. Hieronder licht Ben zijn analyse toe.

Gastblog van Ben Lankamp

In het voorjaar van 2019 verscheen het rapport ‘Het raadsel van de verdwenen hittegolven’, door Frans Dijkstra, Jan Ruis, Rob de Vos en Marcel Crok. Zij hebben de homogenisatie van de temperatuurgegevens in De Bilt, uitgevoerd door het KNMI in 2016, onderzocht en stellen dat deze ‘te rigoureus’ is uitgevoerd.

In navolging daarvan heb ik contact gehad met zowel de auteurs van het rapport als de auteur van de homogenisatie, Theo Brandsma, bij het KNMI. Mijn doel was allereerst om te kijken of de resultaten van het KNMI binnen acceptabele marges kunnen worden geproduceerd. Dit was namelijk de auteurs van het ‘hittegolvenrapport’ niet gelukt.

Vervolgens ben ik de belangrijkste kritiekpunten in dit rapport nagelopen om te kijken of die hout snijden. Mijn eigen uitgangspunt hierin was neutraal en zo goed als mogelijk objectief: mensen zijn niet feilloos, ook wetenschappers niet. De discussie moet je zo veel mogelijk aangaan en niet vermijden. Lees verder

Klimaatbullshit hoeft niet mee te wegen

Gastblog van Jan Paul van Soest, eerder verschenen op EnergiePodium

Of conservatief Nederland eens kan ophouden met het ontkennen van de klimaatfeiten, vroeg ik me in mijn vorige column op Energiepodium af. Zou het niet mogelijk zijn een goed doordachte conservatieve beleidsvisie te maken die wel de werkelijkheid als uitgangspunt als uitgangspunt neemt, maar die vervolgens op basis van het conservatieve gedachtegoed beargumenteert waarom er toch geen beleid of een andersoortig beleid zou moeten worden gevoerd? Het maatschappelijk debat is daarmee gediend, terwijl klimaatdrogredenen niet als basis voor beleidsvorming kunnen gelden.

De column is veel gedeeld en besproken, via social media, linkedin en herplaatsing op het populair-wetenschappelijke blog Klimaatverandering dat ook een reactieplatform biedt.

Maar de kwaliteit van de reacties uit die conservatieve hoek vallen me niet mee, moet ik zeggen. Laat ik echter eerst een eervolle vermelding uitreiken, aan Jilles van den Beukel, die een doordachte visie als antwoord op mijn uitdaging neerlegde in Energeia en die als prijs hiervoor een exemplaar van De Twijfelbrigade tegemoet kan zien. Zoiets was de bedoeling: kom eens met een op feiten gebouwde consistente beleidsargumentatie vanuit het conservatieve gedachtegoed. Van den Beukel pakte de handschoen op, maar wijst er op dat zijn bijdrage eerder als liberaal dan als conservatief moet worden gezien. Daar heeft hij gelijk in, en dat maakt de conclusies over wat het conservatisme in het klimaatdebat vermag alleen maar schrijnender. Een liberale beleidsvisie met de wetenschap als vertrekpunt is mogelijk, maar een conservatieve? Of een populistische, laten we het breed houden? Zo’n visie lijkt me denkbaar, maar ik heb er een hard hoofd in dat ‘ie er ook komt. Lees verder

Graag conservatieve meningen, geen feitenvrije kulkoek

Gastblog van Jan Paul van Soest, eerder verschenen op Energiepodium

Jawel hoor. Het was even een paar dagen koel in augustus, en meteen uitten verschillende conservatieve politici en columnisten hun twijfel over de opwarming van de aarde, en over de mens als de oorzaak. Gemiste kans: het energie- en klimaatbeleid staat voor grote uitdagingen en afwegingen, en in dat debat mag een goed beargumenteerd conservatief geluid niet ontbreken.

Echter, erkenning van de feiten is wel een entreekaartje tot dat debat en de besluiten die eruit voortvloeien. Een mening die op misinformatie en nonsens berust, hoeft niet serieus te worden genomen. “It’s not your opinion, you’re just wrong” luidde de titel van een veelgeciteerd artikel in de Houston Press, 4 jaar geleden. De schrijver, Jef Rouner, beargumenteert dat een mening geen mening is als iemand de feiten aan zijn laars lapt, het is slechts een feitelijke onjuistheid, niet meer en niet minder.

Stel, iemand beargumenteert in een debat over vaccinatie dat vaccinatie niet verplicht moet worden omdat vaccins autisme veroorzaken. De oorspronkelijke claim van een verband tussen vaccinatie en autisme berustte op een frauduleus onderzoek, dat werd teruggetrokken, en talloze onderzoeken daarna wezen uit: er is géén verband. De bewering dat vaccins autisme veroorzaken, kan dus nooit als argument voor of tegen verplichte vaccinatie gelden. Wie tegen vaccinatie is, zal zich van andere, wel verdedigbare argumenten moeten bedienen: moreel-ethische en/of feitelijk juiste argumenten. Hetzelfde geldt voor de mening dat HIV-remmers niet zouden moeten worden verkocht omdat AIDS een bedenksel is van de farmaceutische industrie om de omzet te vergroten. Dat is kulkoek, en dus geen relevante mening die mee hoeft te wegen in het maatschappelijke of politieke debat. Lees verder

Climate Intelligence – Clintel

Vastgoedmagnaat Niek Sandmann wil een stichting oprichten om onafhankelijke klimaatstudies te financieren, bericht De Telegraaf. De naam van die stichting wordt Climate Intelligence, afgekort Clintel.

Nu is er geen enkele reden om aan te nemen dat het overgrote deel van het klimaatonderzoek van de afgelopen twee eeuwen niet onafhankelijk zou zijn. Voor de regelmatig terugkerende insinuaties van het tegendeel, afkomstig van mensen die de wetenschappelijke conclusies niet kunnen of willen accepteren, is geen enkel bewijs. Maar extra onderzoek, of een extra toetsing van de bestaande kennis, kan natuurlijk nooit kwaad. Zolang het tenminste volgens de wetenschappelijke methode gebeurt. Berkeley Earth is een goed voorbeeld van hoe dat kan. Berkeley Earth werd in 2010 opgericht door Richard en Elizabeth Muller, omdat ze hun twijfels hadden over de juistheid of de accuraatheid van datasets over de mondiale temperatuur van instituten als NASA, NOAA, Hadley en JMA. Ze besloten daarom om hun eigen versie van zo’n dataset te ontwikkelen. Ze zochten en vonden financiering voor hun onderzoek, zetten een team op en gingen aan de slag. Binnen enkele jaren volgde het resultaat: een bevestiging van de opwarming die ook bleek uit de gegevens van anderen. Hun scepsis leverde dus een echte bijdrage aan de wetenschap op: een dataset die onafhankelijk van andere datasets een beeld geeft van de ontwikkeling van de mondiale temperatuur. En Richard Muller herzag zijn mening.

Tegenover Berkeley Earth staan de nodige voorbeelden van hoe het niet moet. Er zijn in het verleden nogal wat pogingen ondernomen om de bekende en eindeloos vaak weerlegde pseudosceptische retoriek te vermommen als serieuze wetenschap. Enkele opmerkingen van mede-oprichter Guus Berkhout van de nieuwe stichting wekken het bange vermoeden dat het die kant op gaat. Zo blijkt de eerste studie te gaan over “misleiding rond hittegolven”. Dat werkt wel heel sterk de indruk dat al bij voorbaat vaststaat wat de conclusie van die studie zou moeten zijn. En als er direct al van misleiding wordt gesproken lijkt het meer de bedoeling om de mainstream klimaatwetenschap verdacht te maken, dan om iets toe te voegen aan de bestaande kennis. Lees verder

Stropop, cherry-pick, ad ignorantiam: een retorisch standaardrecept

In de argumentatie van pseudosceptici komen nogal wat drogredenen voorbij. En er is een vast patroon van drie drogredenen dat heel regelmatig terugkomt. Het kan handig zijn om dat patroon te herkennen. Het patroon gaat als volgt: eerst een stropop, dan een cherry-pick en tenslotte een ad ignorantiam.

De verhalen bij de grafiekjes van Baudet volgen steeds weer dat patroon. Dat is goed te zien in de toelichting op die grafieken van de hand van Marcel Crok, die inmiddels op de site van het FvD is verschenen. Een weerlegging van onze kritiek op die grafieken is het allerminst. Het is eerder een herhaling van de onwetenschappelijke retoriek waar we op wezen. Retoriek die steeds weer als volgt is opgezet.

Stropop. Dit is een verzonnen “alarmistische” claim, die zonder bronvermelding, meer of minder expliciet wordt gepresenteerd. De suggestie is dat die claim een algemeen geaccepteerd en belangrijk onderdeel is van de wetenschappelijke kennis over de menselijke invloed op het klimaat. In werkelijkheid is het in het beste geval een van alle nuances ontdane karikatuur van wat de wetenschap zegt en in het slechtste geval een bewering die maar bar weinig met de echte wetenschap te maken heeft. Veel voorkomend voorbeeld: de verwachting van iets dat in de loop van deze eeuw zou kunnen gebeuren wordt gepresenteerd als een voorspelling die nu al waarneembaar zou moeten zijn.

Cherry-pick. Uit alle beschikbare wetenschappelijke literatuur en data wordt precies dat ene stukje gepikt dat het meest in tegenspraak is met de stropop. Alle andere beschikbare kennis en informatie wordt simpelweg genegeerd.

Ad ignorantiam. Dat de stropop niet bevestigd wordt door de cherry-pick wordt gepresenteerd als hard bewijs dat er niets aan de hand is, of als bewijs van het tegenovergestelde van de stropop. Terwijl het simpele feit dat iets niet bewezen wordt in een bepaald onderzoek natuurlijk niet automatisch betekent dat het uitgesloten kan worden. Ofwel: afwezigheid van bewijs is geen bewijs van afwezigheid.

De truc wordt steevast uitgehaald met onderwerpen waarover veel onzekerheid is. Omdat ze moeilijk te meten zijn, of omdat de variabiliteit groot is, of omdat het gebeurtenissen zijn die zelden voorkomen, bijvoorbeeld. De cascade van drogredenen wordt gebruikt om die onzekerheid één kant op te redeneren. Terwijl er in werkelijkheid twee kanten aan onzekerheid zitten: het kan mee- en het kan tegenvallen.

De individuele beweringen in zo’n redenering zijn op zich vaak niet onwaar, maar de conclusie die er (impliciet of expliciet) uit wordt getrokken is vaak wel misleidend en in strijd met de wetenschappelijke logica. Retorisch is het misschien handig, maar wetenschappelijk is het waardeloos.