Wordt klimaatactie in Nederland ondermijnd door misinformatie?

In de loop van de jaren tachtig kregen publiek en overheden in de gaten wat de fossiele industrie al een tijdje wist: de verbranding van fossiele brandstoffen heeft verwoestende gevolgen voor het klimaat en de kwaliteit van het leven op aarde. De roep om effectief klimaatbeleid en het draagvlak voor hernieuwbare energiebronnen als zonne-energie werd dan ook snel groter. En dus staken een aantal bedrijven die hun geld verdienden met het oppompen van fossiele brandstoffen miljarden dollars in een reeks misleidende campagnes gericht op het publiek en beleidsmakers. Daarin werd bijvoorbeeld het wetenschappelijk bewijs voor klimaatverandering in twijfel getrokken, de urgentie gebagatelliseerd, ambitieuze klimaatactie geveinsd of de hoofdverantwoordelijkheid voor klimaatactie verschoven naar de individuele burger.

Deze manipulatieve acties lijken tot dusver succes te hebben gehad; terwijl wetenschappers in steeds steviger bewoordingen alarm slaan over de gevolgen van de uitstoot van broeikasgassen, blijven bedrijven megawinsten boeken met de verkoop van fossiele brandstof …

Maar zou het manipuleren van de overtuigingen en attitudes van het publiek op dit moment ook nog steeds een significant verschil kunnen maken voor de mate van opwarming van de aarde? En heeft het eigenlijk zin om het publiek weerbaarder te maken tegen misleidende informatie over het klimaat? Of is dat inmiddels óók een misleidend idee dat, net als de greenwashing campagne van BP, de verantwoordelijkheid verschuift van bedrijven en overheden naar het individu?

Individu of collectief?

In een studie, geleid door klimaateconoom Frances Moore, werd onlangs onderzocht hoe gedrag, politieke besluitvorming en technologische ontwikkeling van invloed kunnen zijn op door de mens veroorzaakte klimaatverandering. Haar simulaties laten zien dat met name de publieke perceptie van klimaatverandering wel eens grote invloed zou kunnen hebben op de mate waarin het klimaat de komende decennia zal veranderen.

Daarnaast lijken onder andere de verwachte kosten en doeltreffendheid van oplossingen, de mate waarin mensen geneigd zijn zich aan te passen aan sociale normen én de geloofwaardigheid van mensen die pleiten voor collectieve verandering een belangrijke rol te spelen.

Een voorbeeld: als iemand ontdekt wat de gevolgen van klimaatverandering zijn en daarom stopt met het eten van dierlijke producten, is het effect van deze gedragsverandering op de opwarming van de aarde maar klein, zelfs als iedereen hetzelfde zou doen. Maar stoppen met het eten van dierlijke producten maakt die persoon wel een veel geloofwaardiger en overtuigender pleitbezorger van de wáárden die ten grondslag liggen aan de motivatie om vaker plantaardig te eten, of we de zogenaamde heiligheidseis nu vervloeken of niet. En zo kan een kleine actie toch een grote schaduw hebben en een verschuiving in publieke opinie aanwakkeren.

Simulaties in de studie van Moore laten zien dat juist wanneer waarden en publieke opinie verschuiven, een domino-effect op kan treden dat uiteindelijk kan leiden tot grootschalige gedragsverandering. Onder druk van de publieke opinie kunnen immers niet alleen de bedrijven, maar vooral ook overheden plotseling een veel ambitieuzer en effectiever klimaatbeleid gaan voeren. Ze kunnen bijvoorbeeld zorgen voor betere systemen voor energie, huisvesting, transport en voedselproductie, wat het gebruik van schone technologieën kan stimuleren, wat weer kan zorgen voor lagere kosten, meer draagvlak, enzovoort.

Dat effect zou in Nederland wel eens éxtra groot kunnen zijn omdat grootschalige gedragsverandering in welvarende landen een grote bijdrage kan leveren aan emissiereductie. Volgens het laatste IPCC-rapport kan gedragsverandering voor een daling van maar liefst 40-70% in 2050 zorgen ten opzichte van 2020.

De gebruikte icoontjes zijn gemaakt door Eucalyp

Met de studie van Moore en haar team in het achterhoofd, is het bijna onmogelijk om individu, collectief en bedrijven los van elkaar te zien. Het individu is immers van groot belang voor morele, sociale en politieke besmetting, maar alleen het collectief en de bedrijven kunnen grootschalige gedragsverandering in gang zetten door middel van zeer ambitieus en effectief klimaatbeleid. Het is én, én, én.

Klimaatzombies

Naast het direct beïnvloeden van beleid via bijvoorbeeld lobbyen, is het voor tegenstanders van ambitieus klimaatbeleid dan ook heel interessant om te spelen met de factoren die in het onderzoek van Moore belangrijk lijken te zijn voor een verschuiving in publieke opinie. En dat zie je duidelijk terug in de ‘klimaatzombie’ taxonomie van Skeptical Science oprichter John Cook en collega’s, waarin hardnekkig terugkerende beweringen door tegenstanders van effectief klimaatbeleid in kaart werden gebracht.

De beweringen in de eerste drie categorieën in deze taxonomie richten zich vooral op de perceptie van de klimaatcrisis; er is niets aan de hand, het is niet onze schuld, en het doet er niet toe. De beweringen in de laatste twee categorieën richten zich meer op de effectiviteit en betaalbaarheid van oplossingen en het in twijfel trekken van de geloofwaardigheid van klimaatdeskundigen en -beweging. Precies die factoren noemt Moore ook.

Figuur 1 uit Computer-assisted classification of contrarian claims about climate change sks.to/cardspaper

Figuur 1 uit Computer-assisted classification of contrarian claims about climate change

Dit soort ronduit onjuiste of inhoudelijk en retorisch misleidende beweringen worden vaak door belanghebbenden de wereld in geholpen en vervolgens bedoeld óf onbedoeld gedeeld door nationale denktanks vermomd als academische instellingen, klimaatsceptici die verkiezingsprogramma’s, publiek en organisaties proberen te beïnvloeden, lobbyisten, pr-bureaus, bots, astroturfers, stennisschoppers, grappenmakers, puzzelaars, bezorgde burgers, docenten, verveelde pensionado’s, journalisten, politici, complotdenkers en influencers die uit zijn op clicks.

Hoewel de luidruchtige stroom commentaar die ontstaat soms de indruk wekt dat er veel steun of belangstelling is voor dit soort misleidende ideeën, kijken we in werkelijkheid naar een poging om de uitvoering van effectief klimaatbeleid zo lang mogelijk uit te stellen door het zaaien van tweedracht en twijfel. De gevolgen van misleidende claims sijpelen zo langzaam door in het gedachtegoed en het gesprek van alledag.

Is de Nederlandse publieke opinie beïnvloed door misinformatie over het klimaat?

Er zijn natuurlijk veel factoren die de overtuigingen en attitudes van een persoon en het publiek beïnvloeden. Denk bijvoorbeeld aan persoonlijke en culturele voorkeuren, ervaringen, denk- en beoordelingsfouten, copingstrategieën, algoritmes en psychologische barrières zoals afstand en tijd. Maar zou de misleidende boodschap van de twijfelbrigade ook terug te zien zijn in de Nederlandse publieke opinie?

In juni 2022 publiceerde het Yale Program on Climate Change Communication in samenwerking met Meta een studie waarin werd gekeken naar de overtuigingen en attitudes ten aanzien van klimaatverandering van bijna 100.000 Facebook-gebruikers. De deelnemers vertegenwoordigen 192 landen en gebieden, waaronder Nederland. 

Een beetje inzoomen op de verschillende overtuigingen en attitudes van Nederlanders met de taxonomie van klimaatzombies als leidraad, kan misschien wat inzicht geven in de speerpunten en effectiviteit van misleidende strategieën in Nederland en in de hiaten in klimaatcommunicatie:


1. Het is echt waar; onze planeet warmt op.
Met onder andere thermometers en satellieten meten we de opwarming van het aardoppervlak en de warmteontwikkeling in de atmosfeer en oceanen. Overal op onze planeet zijn de directe gevolgen van de opwarming van de aarde al merkbaar. In Nederland zorgt klimaatverandering nu al voor een sterke toename van zomerhitte, een grotere kans op meerjarige droogtes en extremere buien met een hogere kans op valwinden. Het is duidelijk waarneembaar dat onze planeet opwarmt, inmiddels al met 1,2 graad ten opzichte van de negentiende eeuw, en als we ons mitigatiebeleid wereldwijd niet drastisch aanscherpen kan de temperatuur zelfs met 3,2 graden gestegen zijn als de kinderen van nu opa en oma zijn.

Wat denkt Nederland?
Gelukkig laten zowel de hierboven genoemde studie van Yale, als een peiling van het CBS ter controle, zien dat de meeste Nederlanders zich ervan bewust zijn dat het klimaat verandert. Uit de peilingen wordt echter niet duidelijk of Nederlanders voldoende inzicht hebben in de mate van opwarming en in de al waarneembare, directe gevolgen van klimaatverandering, zoals een grotere kans op extreme weersomstandigheden.

Figuur 1.2 uit International Public Opinion on Climate Change 2022

Figuur 1.2 uit Appendix II van International Public Opinion on Climate Change 2022

2. Het ligt aan ons; de mens veroorzaakt de huidige klimaatcrisis.
Onze planeet heeft een aangenaam natuurlijk dekentje dat haar op een leefbare temperatuur houdt. Maar omdat wij te veel fossiele brandstoffen verbranden en teveel van ons voedsel op een manier produceren die niet duurzaam is, maken we er een viezig dik donzen dekbed van. Resultaat; de temperatuur op onze planeet is nog nooit zo snel gestegen. Onze onmisbare moeder aarde heeft een ernstige koorts te pakken. Maar liefst 97% van de klimaatwetenschappers is het erover eens dat de mens, voor het eerst in de geschiedenis van de planeet, de veroorzaker is van deze klimaatverandering.

Wat denkt Nederland?
Uit zowel de Yale-peiling als de CBS-peiling ter controle blijkt dat slechts een kleine meerderheid van de Nederlanders denkt dat de huidige klimaatverandering grotendeels door de mens wordt veroorzaakt.

Figuur 1.3 uit International Public Opinion on Climate Change 2022

Figuur 1.3 uit Appendix II van International Public Opinion on Climate Change 2022

Hoewel het waarschijnlijk veel beter zou zijn voor het draagvlak voor ambitieus en effectief klimaatbeleid als meer Nederlanders zouden begrijpen dat de huidige klimaatcrisis door de mens wordt veroorzaakt, ‘scoort’ Nederland met haar 51% toch nog niet zo slecht. De hoogste score, een schamele 65% ten opzichte van de 97% consensus onder wetenschappers, wordt gehaald door Spanje.

Dat maar een kleine meerderheid van de deelnemers denkt dat klimaatverandering grotendeels door de mens veroorzaakt wordt, zou het gevolg kunnen zijn van ongeloof, maar ook van een desinformatiecampagne over consensus die in de Verenigde Staten begon. Deze campagne maakte van de oorzaak van klimaatverandering een politieke in plaats van een wetenschappelijke kwestie, en lijkt nu nog steeds wereldwijd zijn uitwerking te hebben.

Klein lichtpuntje; nog ongeveer een derde van de Nederlanders denkt dat klimaatverandering evenveel door de mens als door de natuur veroorzaakt wordt en dat de mens dus ook invloed heeft. En dat is belangrijk, want wie iets veroorzaakt kan immers ook iets veranderen.

3. Het is foute boel; de opwarming van de aarde is schadelijk voor ons.
De klimaatverandering die we al veroorzaakt hebben is al schadelijk voor de gezondheid van iedereen, ook die van Nederlanders. Hitte zorgt ook hier voor oversterfte. Het maakt luchtvervuiling erger en dat kan problemen met de ademhaling en bloedsomloop veroorzaken. Organisme-, water– en voedselgerelateerde infectieziekten zoals Lyme, blauwalg en salmonella nemen toe. Extremere buien kunnen leiden tot levensbedreigende overstromingen en tot meer verkeersongevallen. De klimaatcrisis kan bovendien gevoelens van angst en depressie veroorzaken bij mensen die beseffen hoe hoog de nood eigenlijk is.

De gevolgen van onze uitstoot van broeikasgassen kun je ook al stevig gaan voelen in je portemonnee. Denk aan hogere medische kosten, maar ook aan hogere verzekeringspremies, zelf op moeten draaien voor schade en stijgende kosten door schaarste van hulpbronnen als drinkwater en elektriciteit. Daarnaast maken we nu al kosten voor de pogingen om ons te beschermen tegen de onontkoombare gevolgen van al veroorzaakte klimaatverandering, zowel op lokaal als op nationaal en internationaal niveau.

Verdere opwarming van de aarde kan leiden tot nog meer verlies van essentiële biodiversiteit en natuur waar we in onze vrije tijd zo van genieten, tot voedseltekorten, allesvernietigende natuurbranden, zeespiegelstijging, wereldwijde sociale onrust, ongelijkheid tussen én in landen, pandemieën, internationale oorlogen, financiële crises en storingen in elektriciteitsnetwerken.

Daarnaast wordt de kans steeds groter dat bepaalde gevolgen, zoals het smelten van ijs, het ontdooien van grond of het verdwijnen van bossen, niet meer te stoppen zijn. Er kan dan een gevaarlijke neerwaartse spiraal ontstaan waarvan de klimatologische, politieke en economische gevolgen nauwelijks nog te voorspellen zijn en waar technologische oplossingen absoluut niet tegen opgewassen zullen zijn.

Maar op dit moment is er, ook in Nederland, nog een enorme kloof tussen wat we zouden moeten doen, wat we beloven te doen en wat we werkelijk doen om verdere klimaatontwrichting te voorkomen en burgers te beschermen. We lijken onze eigen waarnemingen en beloften absoluut niet serieus te nemen. Voor iedereen die een veilige en comfortabele toekomst voor zichzelf en dierbaren wil zou dit toch voldoende reden moeten zijn om zich serieus zorgen te maken over de klimaatcrisis. Maar doen we dat ook?

Wat denkt Nederland?
De uitslagen van de peilingen van Yale en het CBS rondom dit thema verschillen nogal. Opvallend in de peiling van Yale is ook hoe Nederland scoort in vergelijking met andere landen.

Figuur 2.1 uit International Public Opinion on Climate Change 2022

Figuur 2.1 uit Appendix II van International Public Opinion on Climate Change 2022

Het verschil in de peilingen zou kunnen komen door de vraagstelling; in de peiling van het CBS vindt 62% van de respondenten klimaatverandering een groot probleem, maar in de peiling van Yale maakt maar 13% zich veel zorgen* over klimaatverandering en is 46% enigszins bezorgd. Dat je iets als een groot probleem ziet, hoeft natuurlijk ook niet te betekenen dat je je ook veel zorgen maakt. 

(* in een peiling van I&O research uit april 2022 geeft 29% van de respondenten aan zich veel zorgen te maken over klimaatverandering, een hoger % dan in de peiling van Yale.)

Misschien besef je nog onvoldoende wat de directe en indirecte gevolgen van klimaatverandering zijn of dat de gevolgen van klimaatverandering nu al schadelijk zijn voor jou en je dierbaren. Of misschien gok je er op dat overheden en experts in jouw welvarende, uitzonderlijke kikkerlandje dat al eeuwen strijd levert tegen de elementen, er in zullen slagen haar burgers ook in de toekomst te beschermen met innovatieve maar nu nog niet bestaande oplossingen, en dat de onomkeerbare gevolgen van nog meer klimaatverandering zo steeds opnieuw kunnen worden “afgekocht”.

Figuur 2.2, 2.3, 2.4, en 2.5 uit International Public Opinion on Climate Change 2022

Figuren 2.2, 2.3, 2.4 en 2.5 uit Appendix II van International Public Opinion on Climate Change 2022

Dat iemand zich niet zoveel zorgen maakt over zo’n urgente situatie zou ook kunnen komen doordat iemand onderschat hoeveel zorgen anderen zich maken en hoe belangrijk anderen natuur & klimaat vinden. Als er door familie, vrienden en collega’s, maar ook door media en politieke leiders relatief weinig wordt gesproken over de zorgen die zij hebben, over het belang dat zij hechten aan behoud van natuur en over de concrete maatregelen die dringend moeten worden genomen om klimaatverandering tegen te gaan, dan kun je denken dat er weinig is om je druk over te maken. Zeker als daar relatief veel verhalen met abstracte beloften, slecht voorstelbare klimaatellende in andere landen, grote bedragen, adaptatiemogelijkheden en geruststellende technologische doekjes voor het bloeden tegenover staan.

4. Goed klimaatbeleid is betaalbaar, effectief en levert voordeel op.
Omdat klimaatontwrichting wordt veroorzaakt door onze uitstoot van broeikasgassen, bepalen wij ook hoeveel groter onze problemen als gevolg van die uitstoot nog zullen worden. Wij hebben de komende paar jaar nog de vrije keus om onze eigen uitstoot en die van andere landen voldoende terug te brengen en zo onder die eigenlijk al te hoge 1,5 graad Celsius opwarming te blijven.

Het beperken van onze uitstoot is niet alleen een verstandige keus omdat we dat nu eenmaal hebben afgesproken of omdat de rechter dat zegt, maar vooral omdat het op korte én lange termijn beter is voor ons en iedereen om ons heen. Door nu ambitieus en effectief klimaatbeleid te gaan voeren kunnen we zorgen dat er straks nog van alles mag en kan, in een wereld die gezonder, mooier en veiliger is dan zonder klimaatbeleid het geval zou zijn. Rechtvaardig klimaatbeleid vermindert daarnaast energiearmoede, geeft burgers zelf zeggenschap over hun basisbehoeften en laat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen.

Het klimaatbeleid van Nederland kost op dit moment ongeveer 0,5% van het BBP. Ambitieus en effectief klimaatbeleid kost meer. Maar een wereld waarin geen kosten gemaakt worden om klimaatverandering tegen te gaan én geen schade plaatsvindt door klimaatontwrichting bestaat niet. Beweren dat klimaatbeleid economische groei zal verminderen en banen zal kosten is feitelijk klimaatverandering ontkennen. De schade die klimaatverandering met zich mee zal brengen is veel groter dan de kosten die gepaard gaan met het tegengaan van de klimaatcrisis.

"what if it's a big hoax and we create a better world for nothing" cartoon uit 2009 door Joel Pett voor USA Today

Nog steeds actuele cartoon uit 2009 door Joel Pett voor USA Today

Omdat elk beetje uitstoot ertoe doet, móéten alle landen samenwerken in de race tegen de klok om verdere klimaatontwrichting tegen te gaan. Maar onder meer wantrouwen en klimaatontkenning lijken ons er, sinds de eerste internationale klimaatconferentie in 1989, regelmatig van te hebben weerhouden om internationale afspraken te maken over het terugdringen van de CO2 uitstoot. 

Het klimaatakkoord van Parijs zorgde in 2015 gelukkig voor een doorbraak; er werd een doel gesteld, maar wel onder voorwaarde dat de 195 landen zelf hun bijdrage mogen formuleren. Stap voor stap kunnen landen die al veel aan vervuiling bijdroegen of nu steeds vervuilender worden omdat zij bijvoorbeeld onze consumptiegoederen zijn gaan produceren, elkaar laten zien wat zij bereid zijn te doen. Tot nu toe gaat dat echter veel te langzaam en zijn de toezeggingen en uitvoering nog volstrekt onvoldoende om het doel te halen.

Een economisch sterk land als Nederland, met zelfs voor Europa een hoge uitstoot per hoofd van de bevolking, kan door veel grotere stappen te zetten in mitigatiebeleid en uitvoering, andere landen bewegen om ook grotere stappen te zetten. Net zoals een geloofwaardige individuele pleitbezorger het collectief in beweging kan zetten, kan een klein vervuilend land andere landen ertoe bewegen hun uitstoot sneller terug te dringen.

Wat denkt Nederland?
In de peiling van het CBS van juni 2021 geeft maar 42%* van de respondenten aan dat het klimaatbeleid van de overheid niet ver genoeg gaat.

(* in een peiling van I&O research uit april 2022 geeft 51% van de respondenten aan dat het kabinet meer zou moeten doen.)

De antwoorden op vragen in de peiling van Yale laten zien dat Nederlanders er in vergelijking met andere Europese landen minder vertrouwen in hebben dat het verminderen van klimaatverandering goed zal zijn voor de economie. Daarnaast vinden Nederlandse respondenten dat hun land niet zo verantwoordelijk is voor het terugbrengen van de uitstoot.

Figuur 4.1 en 3.3 uit International Public Opinion on Climate Change 2022

Figuren 4.1 en 3.3 uit Appendix II van International Public Opinion on Climate Change 2022

Het voor het kabinet zo belangrijke draagvlak voor ambitieuzer klimaatbeleid wordt vast niet groter door lekker bekkende uitspraken als “het moet wel haalbaar en betaalbaar blijven” en “laten we elkaar nou niet de maat nemen of we op dit postzegeltje wel genoeg doen”.

Dit laaggelegen doorvoerland, over wiens vestigingsklimaat we zo graag opscheppen en waar eeuwenlang knetterhard gewerkt is aan dijken, polders, natuurgebieden, steden en dorpen, deels teruggeven aan het water omdat je wantrouwend “liever niet eerst wil” terwijl je dat wel kunt, lijkt niet alleen heel kinderachtig maar ook oliedom.

5. Vertrouwen, geloofwaardigheid en maatschappelijke goedkeuring
In de studie van Moore, waarin werd gekeken naar factoren die van invloed kunnen zijn op toekomstige klimaatverandering, kwam naar voren dat de geloofwaardigheid van mensen die pleiten voor effectief klimaatbeleid ook een rol zou kunnen spelen.

En bij het samenstellen van de taxonomie van klimaatzombies bleek dat juist het betwisten van de betrouwbaarheid van deskundigen, journalisten, wetenschappelijke technieken en pleitbezorgers veruit het grootste cluster van misleidende beweringen vormde. Tegenstanders van effectief en ambitieus klimaatbeleid zijn zich er heel goed van bewust dat we minder geneigd zijn iets aan te nemen van iemand die we wantrouwen.

Cranky Uncle cartoon door John Cook

Een eenvoudig retorisch trucje als “op de persoon spelen” is zeer geschikt om de geloofwaardigheid te ondermijnen. Denk bijvoorbeeld aan klimaatwetenschappers of pleitbezorgers met een alarmerende boodschap die ten onrechte alarmistisch worden genoemd. Of aan ‘stropoppen’ over bibberende geitenwollensokkendragers en zwart-witfoto’s waarin duurzaam gedrag gekoppeld wordt aan karikaturen.

Tijdens de coronapandemie hebben we gezien dat dit soort manipulatie, pestgedrag en zelfs intimidatie ook in Nederland extreme vormen aan kan nemen wanneer overheden maatregelen moeten nemen waar sommige burgers moeite mee hebben. Zowel op sociale media, in het persoonlijke leven, als in het politieke debat.

Wat denkt Nederland?
De peiling van Yale gaat helaas niet in op overtuigingen ten aanzien van de betrouwbaarheid van deskundigen en pleitbezorgers. Uit onderzoek van het Rathenau Instituut blijkt gelukkig dat het vertrouwen in de wetenschap in 2021 was toegenomen. Er werd echter niets gezegd over mogelijke terughoudendheid van wetenschappers als gevolg van intimiderend gedrag.

Een peiling van het CBS laat een vergelijkbaar beeld zien wat betreft het vertrouwen in de pers. Ook dat steeg in 2021. Misleidende strategieën die zich richten op geloofwaardigheid zouden er echter wel toe kunnen leiden dat journalisten zich vaker dan nodig gedwongen voelen om ook dat ‘andere geluid’ te laten horen, of in een poging onpartijdig te zijn, proberen om een bericht niet ‘te alarmistisch’ te laten klinken. Daardoor kan het publiek de indruk krijgen dat er meer twijfel is dan daadwerkelijk het geval is of zich onterecht gerustgesteld voelen.

Luidruchtige retorische trucjes als op de persoon spelen en stropoppen kunnen er ook toe leiden dat bezorgde burgers aarzelen om zich uit te spreken omdat ze denken dat ze hun keuzes moeten rechtvaardigen, onderschatten hoe bezorgd anderen zijn of omdat er veel twijfel of polarisatie lijkt te bestaan over klimaatverandering. Terwijl het voor een verschuiving in publieke opinie en ambitieuzer beleid juist zo belangrijk is dat mensen zich wel uitspreken en zichtbaar maken hoe bezorgd ze zijn over klimaatverandering en het ontbreken van ambitieus mitigatiebeleid.

Weerbaarheid tegen misinformatie is belangrijk

Om verdere klimaatverandering tegen te gaan, is een onmiddellijke versnelling van klimaatactie nodig, ook in Nederland. Er is helaas geen tijd meer om dit probleem stapje voor stapje aan te pakken, de klimaatcrisis vraagt om een grote sociale en technologische transitie. Draagvlak voor, en luidere roep om dergelijk ambitieus klimaatbeleid is onder meer afhankelijk van goed geïnformeerde burgers. De Nederlandse deelnemers aan de peilingen lijken, zeker in vergelijking met andere landen, onvoldoende te bevatten dat de klimaatcrisis foute boel is en dat ook Nederland ambitieuzer beleid kan en zou moeten voeren om verdere klimaatontwrichting tegen te gaan, al was het maar in haar eigen belang.

Of deze toch wat zorgeloze en afwachtende houding het directe gevolg is van opzettelijk verspreide misleidende boodschappen is lastig vast te stellen. Allerlei psychologische processen, het te simplistisch voorstellen van het probleem en de oplossingen, persoonlijke voorkeuren en het ontbreken van een eenduidige, urgente boodschap spelen ongetwijfeld ook een rol. Maar ook die factoren kunnen weer beïnvloed zijn door twijfel zaaiende berichten. Opvallend is in ieder geval dat de hardnekkige klimaatzombies lijken na te galmen in de overtuigingen en attitudes van de Nederlanders die deelnamen aan de peilingen.

Misleidende boodschappen zijn schadelijk, watervlug en blijven heel gemakkelijk hangen. Tegen de tijd dat factcheckers en debunkers hun belangrijke werk gedaan hebben, heeft misinformatie zich al als een virus verspreid en blijft onbewust het denken beïnvloeden.

En nu de gevolgen van klimaatverandering, wetenschappelijke bevindingen, treuzelend klimaatbeleid en internationale onrust steeds meer impact hebben op het dagelijks leven, zien gehaaide belanghebbenden en hun marketeers weer nieuwe mogelijkheden voor het verspreiden van misleidende informatie. Deskundigen zien momenteel bijvoorbeeld een gevaarlijke verschuiving naar misinformatie over het klimaat die gericht is op het vergroten van een tweedeling. De verraderlijke illusie wordt gewekt dat er een strijd over klimaatverandering gaande is tussen bevolkingsgroepen. Welke doet er eigenlijk niet toe. Zolang die denkbeeldige kloof maar bestaat, worden er nauwelijks beslissingen genomen en is het op z’n minst ‘business as usual’.

Gelukkig zijn er naast factchecken en debunken nog meer mogelijkheden om het schadelijke effect van misinformatie te bestrijden. Communicatieprofessionals kunnen door het leren herkennen van inhoudelijke en retorische patronen anticiperen op misinformatie en zo hun boodschap beter beschermd de wereld insturen. Daarnaast kan het publiek haar weerbaarheid tegen misinformatie vergroten door het leren herkennen van misleidende trucjes. Manipulatieve boodschappen krijgen zo minder kans om schade aan te richten. En dat zou wel eens hard nodig kunnen zijn.

23 Reacties op “Wordt klimaatactie in Nederland ondermijnd door misinformatie?

  1. Lennart van der Linde

    Dank, Nienke, voor dit mooie overzicht van de rol van desinformatie in de klimaatdiscussie, en voor de goede verwijzingen.

    Misschien is dit artikel van Lamb et al 2020 nog een nuttige aanvulling hierop, als het gaat over steeds subtielere vertragingstactieken/-mechanismen in die discussie: https://www.cambridge.org/core/journals/global-sustainability/article/discourses-of-climate-delay/7B11B722E3E3454BB6212378E32985A7

    “‘Discourses of climate delay’ pervade current debates on climate action. These discourses accept the existence of climate change, but justify inaction or inadequate efforts. In contemporary discussions on what actions should be taken, by whom and how fast, proponents of climate delay would argue for minimal action or action taken by others. They focus attention on the negative social effects of climate policies and raise doubt that mitigation is possible. Here, we outline the common features of climate delay discourses and provide a guide to identifying them.”

    Stoddard et al 2021 plaatsen deze tactieken en mechanismen nog in een wat breder kader op zoek naar de belangrijkste (machts-)factoren die effectief klimaatbeleid tot dusver verhinderd hebben: https://www.annualreviews.org/doi/full/10.1146/annurev-environ-012220-011104

    “Despite three decades of political efforts and a wealth of research on the causes and catastrophic impacts of climate change, global carbon dioxide emissions have continued to rise and are 60% higher today than they were in 1990. Exploring this rise through nine thematic lenses—covering issues of climate governance, the fossil fuel industry, geopolitics, economics, mitigation modeling, energy systems, inequity, lifestyles, and social imaginaries—draws out multifaceted reasons for our collective failure to bend the global emissions curve. However, a common thread that emerges across the reviewed literature is the central role of power, manifest in many forms, from a dogmatic political-economic hegemony and influential vested interests to narrow techno-economic mindsets and ideologies of control. Synthesizing the various impediments to mitigation reveals how delivering on the commitments enshrined in the Paris Agreement now requires an urgent and unprecedented transformation away from today’s carbon- and energy-intensive development paradigm.”

    Om alle uitstel en vertraging nog goed te kunnen maken, is veel hoop nu gevestigd op het in gang weten te zetten van sociale tipping points, zoals verkend door Otto et al 2020: https://www.pnas.org/doi/10.1073/pnas.1900577117

    “Safely achieving the goals of the Paris Climate Agreement requires a worldwide transformation to carbon-neutral societies within the next 30 y. Accelerated technological progress and policy implementations are required to deliver emissions reductions at rates sufficiently fast to avoid crossing dangerous tipping points in the Earth’s climate system. Here, we discuss and evaluate the potential of social tipping interventions (STIs) that can activate contagious processes of rapidly spreading technologies, behaviors, social norms, and structural reorganization within their functional domains that we refer to as social tipping elements (STEs). STEs are subdomains of the planetary socioeconomic system where the required disruptive change may take place and lead to a sufficiently fast reduction in anthropogenic greenhouse gas emissions. The results are based on online expert elicitation, a subsequent expert workshop, and a literature review. The STIs that could trigger the tipping of STE subsystems include 1) removing fossil-fuel subsidies and incentivizing decentralized energy generation (STE1, energy production and storage systems), 2) building carbon-neutral cities (STE2, human settlements), 3) divesting from assets linked to fossil fuels (STE3, financial markets), 4) revealing the moral implications of fossil fuels (STE4, norms and value systems), 5) strengthening climate education and engagement (STE5, education system), and 6) disclosing information on greenhouse gas emissions (STE6, information feedbacks). Our research reveals important areas of focus for larger-scale empirical and modeling efforts to better understand the potentials of harnessing social tipping dynamics for climate change mitigation.”

    Het tegengaan van (de effecten van) klimaat- en energie-desinformatie zal dan vooral bijdragen aan de social tipping interventies 4-6 (normen & waarden, educatie & betrokkenheid, informatiefeedbacks). En dan zullen we zien hoe effectief die interventies zullen zijn in het nog zoveel mogelijk realiseren van de doelen van het Parijs-akkoord.

  2. Nienke,

    met alle respect voor de verschafte info.
    Maar ‘klimaatactie in NL’ wordt vooral ondermijnd door besluiteloosheid van de regering en niet door misinformatie. Die mensen zijn al heel lang heel goed ge-informeerd en moest het Urgendaproces aan te pas komen om hen daaraan te herinneren. Overigens is het recente gedoe rond de stikstof-reductie van hetzelfde laken een pak: regering neemt geen besluit en zet een verkenner uit (Remkes) om de nieren te proeven van de industriele veehouderij zonder hetzelfde te doen met de overige industrie.

    Lennart,

    met alle respect voor de links waarujit je citeert.Maar het is allemaal al jarenlang meer van hetzelfde. Elk socio-economisch onderzoek concludeert dat meer onderzoek nodig is. Als epistemolooog zie ik het met lede ogen aan om de simpele reden dat het object van onderzoek een moving target is. Het ‘onderzoek’ is slag in de lucht. Ter illustratie geef ik je de opmerking (tussen neus en lippen door in het artikel gemaakt waarop Nienke’s blogstuk is gebaseerd):

    “ Even further uncertainties and more complex behaviour could emerge if parameter values were allowed to drift or change over time, for example, due to the evolution or reform of political institutions, a dynamic not explored in this analysis (onderstrfepingh van mij).”

    Het punt is dat de ‘political institutions’ op drift zijn net zoals het klimaatsysteem waar de ‘institutions’ mee zijn geconfronteerd. Superwicked problem.

  3. Lennart van der Linde

    Goff,
    Met alle respect voor je terechte punt dat sprake is van een superwicked problem, wat we eerder besproken hebben n.a.v. jouw bijdragen daarover, maar minimaliseer je nu niet het punt dat Nienke en anderen (zoals Stoddard et al 2021) maken m.b.t. de rol van desinformatie in de klimaatdiscussie?

    Dat regeringen en fossiele bedrijven al sinds de jaren ’60 intern goed geinformeerd zijn over het klimaatprobleem, maakt hun desinformatie juist zo effectief en verwijtbaar. Desinformatie is ook zeker niet de enige factor die ervoor zorgt dat regeringen nog altijd niet tot effectief klimaatbeleid besloten hebben, maar het levert zeker een belangrijke bijdrage aan vertraging en uitstel daarvan door een aanzienlijk deel van de bevolking aan het twijfelen te brengen over de noodzaak van zulk beleid. Hetzelfde zien we inderdaad gebeuren in de stikstof- en andere discussies.

    De desinformatie doorzien en zichtbaar maken, en mensen daarmee weerbaarder maken, lijkt me zeker een belangrijke bijdrage aan het vinden van een uitweg uit het superwicked problem waar we mee te maken hebben.

    Misschien zul je zeggen dat er per definitie geen uitwegen zijn uit superwicked problems, maar dat lijkt me een vorm van fatalisme die miskent dat we wel degelijk keuzes kunnen maken die zulke problemen meer of minder groot kunnen maken. Ik ben zeker benieuwd naar een update van jouw kijk hierop.

  4. Lennart,

    Ofschoon ik inderdaad geen uitweg zie ben ik niet fatalistisch. In tegendeel, ik ben strijdbaar en onderschrijf van harte de energietransitie. Die is m.i. om een aantal redenen hard nodig en rechtvaardigt pijnlijke en ook riskante (laten we dat niet vergeten!) keuzes van beleidmakers om de transitie momentum te verschaffen. Maar ik heb geen enkele illusie dat de klimaatdoelen van Parijs worden gerealiseerd. Daarvoor is het wereldtoneel te complex en al te onstuimig.

    Wat betreft het pareren van desinformatie ben ik sceptisch op grond van twee overwegingen.

    1) Tegen leugenaars/misleiders in het publieke domein is niets te doen tenzij er sancties tegenover staan. Er is ooit de reclamecode-met-sancties opgetuigd voor het verspreiden van info over handelswaar. Voor het verspreiden van info over klimaat en energietransitie bestaat er dergelijke code niet. Dat is m.i. bizar aangezien het soortelijk gewicht in het maatschappelijke domein van info over klimaat en energietransitie vele malen groter is dan info over handelswaar. Voilà het superwicked problem in een notendop.

    2) Mensen redeneren marginaal op grond van externe info en vooral op grond van interne info zoals emotie, feeling states en (groeps)belangen. De communicatie-technieken die op het eind van het blogstuk worden opgesomd [debunken, anticiperen op misinfo, herkennen van retorische trucs] zijn machteloos daartegen.
    Je hebt het afgelopen jaren zelf meegemaakt op dit blog. Verstokte pseudo-sceptici hebben jarenlang hun poot stijf gehouden ondanks de communicatie-technieken die vakkundig en uittentreure door hun opponenten zijn toegepast. Dat de pseudo-sceptici zich op dit blog niet meer roeren is m.i. toe te schrijven aan de metereologische feiten anno 2022 waarmee ze net sals ieder ander geconfronteerd zijn, niet aan de communicatie-technieken van het Klimaatveranda-team.

    Dus nee, ik ben geen fatalist. En ja. de energietransitie is wat mij betreft hoogst wenselijk. Maar ik betwijfel (scepsis dus) dat zakelijke info opweegt tegen emotie en belang van wie de zakelijke info niet goed uitkomt.

  5. Lennart van der Linde

    Goff,
    Het wereldtoneel is complex en onstuimig, en in welke mate de Parijs-doelen nog gerealiseerd zullen worden, zal moeten blijken. Sancties kunnen meer of meer hard zijn, en lijken geleidelijk harder te kunnen worden als het om het verspreiden van klimaatgerelateerde desinformatie gaat, gelet op diverse rechtszaken op dit vlak. En hoewel emoties en belangen sterk zijn, kunnen die ook twee kanten op werken. Nienke wijst erop dat “inenting” tegen desinformatie weliswaar niet almachtig is, maar wel de kans kan verkleinen dat mensen misleid worden. Een gewaarschuwd mens telt voor twee, maar toch stoten mensen zich soms meermaals aan dezelfde steen.

  6. In het blogstuk betoogt Nienke dat klimaatactie ondermijnd wordt door desinformatie. Gof stelt daar tegenover dat de bedreiging vooral komt door de besluiteloosheid van de regering.

    Ik denk dat dit twee zijden van dezelfde medaille zijn. In het huidige politieke klimaat zie je vooral dat politici afwachtend zijn. Ze tasten graag eerst af wat ‘de achterban’ ervan vindt, maken dan plannen die de achterban niet tegen de haren in strijkt (waarschijnlijk in de hoop stemmen te behouden/winnen).

    Daarmee is de publieke opinie ook op inhoudelijk gebied van invloed op de politieke besluitvorming. Logischerwijs is het dan zo dat wanneer de publieke opinie met desinformatie opgeschoven kan worden dit vanzelf doorsijpelt in het naderhand geformuleerde beleid.

    Vanwege de tijdsvolgorde: desinformatie –> opschuiven publieke opinie –> invloed op publieke besluitvorming –> beleid denk ik dat het bestrijden van desinformatie prioriteit heeft.

    Helaas weet ik zelf niet goed hoe desinformatie goed te bestrijden is. Toevallig sprak ik deze week informeel met een mede-gemeenteraadslid en de burgemeester en het gesprek kwam op klimaatverandering. Beiden zeiden doodleuk dat ze wel geloven dat er klimaatverandering is maar dat ze niet geloven dat de mens daarvoor verantwoordelijk is…. Flabbergasted viel ik even stil. Maar het bevestigde mijn mening dat het tegengaan van desinformatie zeer belangrijk is.

  7. Lennart van der Linde

    Beste Paul, je zegt:
    “Toevallig sprak ik deze week informeel met een mede-gemeenteraadslid en de burgemeester en het gesprek kwam op klimaatverandering. Beiden zeiden doodleuk dat ze wel geloven dat er klimaatverandering is maar dat ze niet geloven dat de mens daarvoor verantwoordelijk is.”

    Denk je dat ze dat alleen informeel zeggen of zouden ze dat ook publiek willen herhalen? En in hoeverre zijn hun partijen dat met hun eens (hoewel een burgemeester in principe niet namens een partij benoemd is).

    We hebben iets soortgelijks hier in Den Haag meegemaakt met de vorige burgemeester van VVD-huize, die binnenskamers wel de opwarming erkende, maar niet de menselijke rol daarin. Bestrijding van zulke ontkenning blijft inderdaad belangrijk.

  8. Een korte reactie in de hoop misverstanden te voorkomen:
    – Strategieën als debunken, anticiperen op misleidende informatie, herkennen van retorische trucs en inoculatie zijn bedoeld om te voorkomen dat er nieuwe pseudo-sceptici opstaan, niet om bestaande pseudo-sceptici van gedachten te laten veranderen.

    – Ik heb in mijn stuk oa gepoogd de wisselwerking te laten zien tussen misinformatie, publiek en beslissingen over beleid.

    – Ik hoop eigenlijk dat we niet verzanden in een discussie over wat de beste methode is. Ik geloof eigenlijk niet in een ‘silver bullet’ maar wel in, zoals Katharine Hayhoe dat zo mooi zegt, in ‘silver buckshot’. Er zijn heel veel mogelijkheden om iets te doen. En die haken vaak prachtig in elkaar. Iedereen heeft zijn eigen expertise en mogelijkheden, laten we daar gebruik van maken en elkaar motiveren.

  9. @Nienke

    “Ik geloof eigenlijk niet in een ‘silver bullet’ maar wel in, zoals Katharine Hayhoe dat zo mooi zegt, in ‘silver buckshot’.

    Met hagel schieten, aardige metafoor.
    Maar dan niet mikken op leugen & misleiding maar op v e r s p r e i d e r s daarvan (lees: de roemruchte social media). Op die media sla je met fact check, debunking, etc geen deuk in het pakje boter. Het enige dat helpt tegen een nieuwe lichting pseudo-sceptici is de baas van Facebook c.s. tot de orde en op het matje roepen.

    Botttom line: desinfo is niet te bestrijden, massale verspreiding ervan wel. Wat mij betreft wordt op de uitbaters van social media met hagel geschoten. En niet op individuele kletskousen die daar podium krijgen.

  10. Hans Custers

    Nee Goff,

    Het is geen kwestie van óf óf, maar van én én. Het blijft belangrijk om geïnteresseerden weerleggingen aan te bieden van misleidende beweringen. En je moet degenen die desinformatie verspreiden op het matje roepen. Beide zijn belangrijk en er is geen enkele reden waarom je je volledig op een van die twee zou moeten richten.
    Overigens kun je verspreiders van desinformatie pas op het matje roepen als je aan kunt tonen dat ze kunnen weten dat het desinformatie is. Alleen al daarvoor heb je inhoudelijke weerleggingen nodig.

  11. Precies, er worden echt al heel wat pogingen ondernomen om de verspreiders van desinformatie over het klimaat aan te pakken. Misschien is dat een topic waar ik nog wel eens een blog over zou kunnen schrijven…

    Maar desinformatie verspreiders zijn sluw, fact checken gaat langzaam, misinformatie verspreid zich razendsnel oa door het gebruik van bots. Het machine learning project van John waarnaar ik verwijs in mijn stuk is een van de pogingen om de snelheid van misinformatie te tackelen. Er wordt heel veel onderzoek gedaan wat effectieve manieren zijn om misinformatie van sociale media te weren.

    Je hoeft echt niet te kiezen; je kunt én debunken, én verspreiders aanpakken, én mensen weerbaarder maken, én prebunken, etc.. Stellig net doen alsof je zou moeten kiezenn is eerlijk gezegd een ‘vals dilemma’ en laat weinig ruimte voor een nieuwsgierig en constructief gesprek. En dat vind ik eigenlijk niet zo interessant.

  12. Paul den Hartog

    Beste Lennart,

    Je vraag is lastig te beantwoorden. Op het gebied van gemeentelijk beleid gaat het minder om de wereldwijde oorzaak alswel het bedenken van lokale oplossingen voor een mondiaal probleem. De betreffende personen zijn overigens van CU en VVD. Deze partijen zitten bij ons in het college, maar omdat mijn partij (GL) de grootste is geworden hebben ze ingestemd met vergaande maatregelen op het gebied van verduurzaming.

    Dat is mooi, zou je zo zeggen. En dat ís natuurlijk ook zo. Maar je hoeft geen Einstein te zijn om te snappen wat er gaat gebeuren als zij in de toekomst onverhoopt de grootste partij vertegenwoordigen.

  13. Lennart van der Linde

    Paul, dat veel VVD’ers niet overtuigd zijn van de menselijke invloed op het klimaat is geen verrassing, maar bij de Christenunie zou je wel verwachten dat de meeste leden daar wel van overtuigd zijn. Maar goed, misschien is er bij jullie nog een behoorlijke invloed vanuit de SGP. Mooi in ieder geval dat jullie op dit moment de grootste zijn.

  14. Hans, Lienke

    dweilen doe je het effectiefst als je de kraan flink afknijpt. Dat is uiteraard mijn argument en ik neem aan dat jullie dat niet ontgaan is.

    Een (weliswaar mislukte) poging was de de klacht die XR Nieuwsmedia onlangs deponeerde bij de ombudsman van NPO. De klacht was dat het NOS-journaal onvoldoende aandacht besteedt aan de klimatologische en ecologische stand van zaken. De NPO ombudsman was het er niet mee eens maar nam wel een paar suggesties over van de klager.

    Markant is dat de NPO ombudsman stelt dat Het Journaal niet de megafoon van een thema of een belang is. (H)aha.

    Duidelijk zo wat ik bedoel?

  15. Hans Custers

    Goff,

    Jij, of Nienke, of ik, kunnen beargumenteerde kritiek leveren op de NPO, of op de Telegraaf, of op Facebook, en dat doen we soms ook. Maar we zijn daar niet de baas, dus wij kunnen niet beslissen om daar iets te veranderen. De vraag is hoe je daarmee omgaat? Je kunt mismoedig wijzen naar wat anderen allemaal verkeerd doen en het daarbij laten. Of je kunt blijven zoeken naar mogelijkheden om zelf iets bij te dragen. Waardoor je misschien toch ergens een steentje verlegt in de rivier. Wat mijn betreft heeft dat laatste de voorkeur.

  16. Van twee filosofen verscheen onlangs een informatief artkel over een thema dat nauw aansluit op het blogstuk, namelijk wetenschapscommunicatie.

    https://bostonreview.net/articles/the-inflated-promise-of-science-education/

    De auteurs zijn prof. Catarina Dutihl Novaes aan de VU Amesterdam, en onderzoeker Silivia Ivani aan de universiteit Dublin en expert in public trust issues Ze argumenteren dat wetenschapscommunicatie, zoals doorgaans gepraktiseerd, gebaseerd is op het ‘knowledge deficit’ model, dwz de aanname dat het publiek niet goed geinformeerd is over wetenschappelijke feiten en hoe die feiten verzameld worden.
    Een alternatief waarvoor de auteurs een lans breken is het ‘trust deficit model’ dat er van uitgaat dat het publiek wantrouwig is jegens het wetenschappelijke bedrijf. Onder meer vanwege de grote financiele belangen en politieke implikaties die ermee gemoeid zijn. De auteurs wijzen erop dat wetenschappelijke bevindingen grote maatschappelijke gevolgen hebben en pleiten ervoor dat het publiek – hoe dan ook- betrokken wordt in de organisatie van het wetenschappelijke bedrijf.

    Kort door de bocht: de auteurs pleiten voor verschuiving van kennisverspreiding onder het publiek naar kennisparticipatie van het publiek. Persoonlijk kan ik met dat pleidooi sympathiseren. Het is overigtens een reden (onder anderen) dat ik mijn mening heb gwijzigd over het fenomeen burgerberaad. Ik was daar skeptisch over maar over die skepsis van mij ben ik skeptisch geworden.

  17. @G.J. Smeets Dat is leuk! Ik ga het lezen. Dank! Ik heb een blogje over vertrouwen klaar liggen. Maar eerst een miniserie over zekerheid…

    Vertrouwen vind ik een heel interessant concept. Er is tegenwoordig een overvloed aan informatie. Het is een uitdaging om uit te vinden welke informatie we moeten vertrouwen en welke niet.

    Hebben mensen die misleidende claims maken over klimaatverandering er bewijs voor? Vaak niet. Het komt gewoon overeen met wat ze al (willen) geloven en wat mensen die zij (willen) vertrouwen hen vertellen.

    Maar mensen die denken dat klimaatverandering echt is doen vaak hetzelfde… Het is niet zo dat iedereen die denkt dat klimaatverandering echt is, de peer-reviewed wetenschappelijke tijdschriften heeft gelezen en de bewijzen heeft bekeken en tot die conclusie is gekomen. Nee, zij luisterden naar mensen die ZIJ vertrouwen…

    Dus iedereen doet min of meer hetzelfde.

    Ik ben benieuwd naar wat de auteurs zeggen over kennisparticipatie. Wat iig ook kan helpen is uitleggen hoe wetenschap werkt en waarom het een betrouwbare methode is.

  18. Ik denk dat het goed is te onderkennen dat in de wetenschap zelf ook vaak overtuigingen vooraf de koers sturen.
    Het betrouwbare van de wetenschap is niet dat ze het op elk moment bij het rechte eind heeft.
    Maar dat er een opvallende tendens is om daar wel uit te komen, ook al duurt dat soms één of twee generaties, ook in de exacte wetenschappen.

  19. Lennart van der Linde

    Dank voor de verwijzing, Goff, en inderdaad belangrijk om uit te vinden hoe publiek en wetenschap het vertrouwen in en betrokkenheid bij elkaar kunnen vergroten. Ook goed om te horen dat je in het verlengde daarvan inmiddels ook positiever staat tegenover het burgerberaad.

    In Nederland zou het parlement dit najaar een beslissing moeten nemen of en hoe een burgerberaad over klimaat en/of energie in 2023 georganiseerd gaat worden. De provincie Gelderland organiseert zo’n beraad komende maanden al. In gemeente Den Haag worden op dit moment twee beraden op wijkniveau afgerond. De lessen daarvan zouden eind dit jaar bekend moeten zijn.

    Het mini-burgerberaad afgelopen najaar in Amsterdam heeft al een aantal lessen opgeleverd: https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/11433166/1/8__Onderzoeksrapport_HvA_mini-burgerberaad Zie voor meer info over dat beraad: https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/duurzaam-amsterdam/mini-burgerberaad/

  20. Hans Custers

    Dirk,

    Dat is best een lastig punt. Dat overtuigingen invloed kunnen hebben is een feit. Dat was zeker ook het geval in de geschiedenis van de klimaatwetenschap. En het was interessant om daar meer over de weten te komen bij het spitwerk in die geschiedenis dat ik de afgelopen jaren heb gedaan.

    Ik heb inderdaad meer vertrouwen in wetenschappers (of journalisten, of opiniemakers) die erkennen dat ze ook maar gewone mensen zijn met hun voorkeuren en overtuigingen, dan in degenen die plompverloren beweren objectief te zijn. Want pas als je je er bewust van bent, kun je kritisch kijken naar hoe die overtuigingen je misschien sturen. En kun je daar dus rekening mee houden.
    Maar ik heb niet het idee dat iedereen dat zo ziet. En wat het extra lastig maakt is dat er groeperingen zijn die in elk beetje kwetsbaarheid dat een klimaatwetenschapper durft te tonen aanleiding kunnen zien om de aanval de openen.

  21. Hans,
    het wordt hoog tijd dat ik je boek ga lezen.

  22. Hans Custers

    Even geduld nog, Dirk. Volgende maand komt het uit.

  23. Lennart van der Linde

    Interessant stuk van Lawrence Torcello over de morele en juridische vragen rond het verspreiden van desinformatie door bedrijven: https://social-epistemology.com/2022/09/13/climate-change-disinformation-and-culpability-a-sympathetic-reply-to-pongiglione-and-martini-lawrence-torcello/

    Zijn conclusie:
    “In showing that even the most careful and responsible of citizens still stands a good chance of being misled by disinformation, Pongiglione and Martini force us to look at disinformation as a serious social harm. Disinformation does not just undermine public discourse, it leaves actual victims in its wake. Rather than blame the victims of disinformation for not seeing through a sometimes sophisticated and always pseudoscientific façade, we ought to turn our attention to the moral and legal culpability of corporations and their supporting institutions for actions that affect every lifeform on the planet.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s