Judith Curry in De Telegraaf: aantoonbare onwaarheden en drogredenen van een ex-wetenschapper

Judith Curry wordt vaak genoemd als één van de (weinige) klimaatwetenschappers die zich distantieert van de wetenschappelijke consensus over de menselijke invloed op het klimaat. In een interview in De Telegraaf laat ze zien dat ze zich eigenlijk ergens anders van distantieert: van de wetenschap. Ze doet verschillende beweringen die op zijn minst erg onzorgvuldig zijn, en verschillende keren zelfs aantoonbaar onjuist. Van iemand die zelf als klimaatwetenschapper heeft gewerkt zou je toch aan mogen nemen dat ze weet hoe de vork in de steel zit. Door de plank meermaals zo mis te slaan maakt ze zichzelf ongeloofwaardig als wetenschapper. Ze laat zich kennen als iemand die de wetenschap heeft ingeruild voor holle retoriek en politiek activisme of lobbyisme. Dat mag natuurlijk, maar het zou wel netjes zijn als ze daar open kaart over zou spelen. Dat doet ze absoluut niet.

Dat Curry niet bepaald de wetenschappelijke nuance opzoekt als het over onzekerheden gaat hadden we eerder al geconstateerd. Het is een frame dat prima werkt; Telegraaf-journalist Edwin Timmer gaat er gewillig in mee. Hij meent dat Curry een “gevaarlijke rebel” is omdat ze “ook benoemt wat we niet weten”. Wie wel eens een IPCC-rapport van dichtbij heeft gezien weet hoe het werkelijk zit: het wemelt er van opmerkingen over en analyses van onzekerheden en leemtes in kennis. Die er nu eenmaal altijd zijn: nieuwe kennis roept altijd ook weer nieuwe vragen op. De wereld heeft Judith Curry helemaal niet nodig om te wijzen op wat er nog niet bekend is, dat doet de klimaatwetenschap zelf uitstekend. De onzekerheid wordt dus al meegewogen in alle analyses en doet niet af aan de conclusie dat de mens op dit moment de dominante factor is in het klimaat. Curry winkelt uiterst selectief in de onzekerheid: ze ziet alleen mogelijke meevallers en vergroot die nog eens uit en de mogelijke tegenvallers laat ze onbenoemd. Of ze verdraait onzekerheid tot onwetendheid. Het heeft allemaal niks met wetenschap te maken, het is holle retoriek.

Een goed voorbeeld van die retoriek is wat Curry zegt over het bekende attributie-statement van het IPCC: de menselijke bijdrage aan de opwarming sinds midden vorige eeuw is zo goed als zeker meer dan 50%. Die 50% is dus de ondergrens. Curry doet net alsof dit zou impliceren dat er zeker ook natuurlijke opwarming is, en dat die even goed 1% als 50% van het totaal zou kunnen zijn. De realiteit: volgens het IPCC is de meest waarschijnlijke menselijke bijdrage iets meer dan 100% – natuurlijke factoren hebben vermoedelijk de opwarming wat afgeremd – en de bovengrens ligt daar nog een flink eind boven. Een klimaatwetenschapper zou dit moeten weten; bovendien is het Curry al meermaals uitgelegd. Ze weet dus ook dat ze een onvolledig, en daarmee misleidend, beeld geeft van wat de wetenschap werkelijk zegt. Of zou ze werkelijk niet kunnen begrijpen dat natuurlijke factoren een afkoelend effect kunnen hebben in een opwarmend klimaat?

Lees verder →

Koolstof in beweging

Robert Rohde, bekend van de Berkeley Earth temperatuurreeksen, heeft een fascinerende animatie gemaakt van (de veranderingen in) de mondiale koolstofcyclus sinds 1850:

Je ziet daar:

  • de verschillende ‘stocks’ (reservoirs) van koolstof zoals in de oceanen, in de atmosfeer als CO2, in de biosfeer en als ondergrondse fossiele reserves;
  • de ‘flows’ (massastromen of fluxes) tussen de reservoirs.

Elk zwart of rood blokje staat voor één gigaton koolstof. Een gigaton is gelijk aan de massa van een kubieke kilometer water (disclaimer: bij goede benadering en dan zoet water even boven het vriespunt. De dichtheid van zeewater is iets groter). Robert Rohde heeft ook een versie op Youtube en die is wat makkelijker leesbaar:

Als je rechtsonder klikt of op ‘YouTube’, kan je de animatie in full-screen bekijken.

Het begin van de animatie toont de ‘stocks’ en ‘flows’ zoals die waren in het pre-industriële tijdperk, vóór het grootschalig ingrijpen door de mens. Elk jaar werden er grote hoeveelheden koolstof uitgewisseld tussen de reservoirs, maar er was een natuurlijk evenwicht tussen de ‘flows’ waardoor de totale hoeveelheid koolstof in elk reservoir ongeveer gelijk bleef. Zo ook in de atmosfeer, totdat de mens fossiel koolstof (steenkool, aardolie, aardgas) ging verstoken:

Het laatste frame van de animatie laat zien hoe het fossiele koolstof – de rode blokjes – nu verdeeld is over de andere koolstof-reservoirs, waaronder ook als CO2 in de dampkring.

Over de komende eeuwen zal het koolstof dat wij uit de fossiele reservoirs halen en verbranden, zijn weg vinden naar de oceanen. Indien we eenmaal stoppen met dit verbranden dan zal daardoor het CO2 in de atmosfeer geleidelijk af gaan nemen – hoe snel of hoe langzaam dit gaat, kan je zien aan de omvang van de ‘flows’. Het mechanisme om dit koolstof uiteindelijk weer  ‘in de Aarde’ te krijgen is de sedimentvorming, een zeer traag proces dat ook in de animatie staat aangegeven. De natuurlijke processen zullen er dan ook > 100.000 jaar over doen om het extra koolstof in de dampkring weer ondergronds vast te leggen.

Verdere info is op Robert Rohde’s twitter feed te vinden.

De onheilsprofeet, het andere uiterste in het klimaatdebat

Als we hier kritiek hebben op iemand die het niet zo nauw neemt met de feiten of de wetenschap rond het klimaat en klimaatverandering, dan gaat het vrijwel altijd om iemand die de menselijke invloed op het klimaat ontkent of minimaliseert, of die de gevolgen ervan bagatelliseert. Goed, incidenteel is er wel eens een politicus die de verwachte zeespiegelstijging veel te hoog inschat, en er komt wel eens iemand voorbij die zich heel nadrukkelijk op worst-case scenario’s richt, maar dat zijn uitzonderingen. Toch is het niet zo dat we dat ene uiterste bewust opzoeken om op te reageren. We komen het gewoon regelmatig tegen, in de media bijvoorbeeld, of in de politiek. Het andere uiterste veel minder.

Een kanttekening: worst-case scenario’s of staartrisico’s zijn wetenschappelijk interessant en relevant vanuit het oogpunt van risicomanagement. En dus kunnen ze ook nieuwswaardig zijn. Waarbij het wel de vraag is tot hoever dat het geval is – hoe onwaarschijnlijk moet iets zijn om het niet meer als scenario te beschouwen dat serieus te nemen is – en wat de goede toon is om erover te berichten. Mijn antwoord daarop is: ik weet het niet. Het enige dat ik daarover weet is dat het onmogelijk is om het voor iedereen goed te doen. Zolang er bij zulke scenario’s duidelijk wordt aangegeven dat het geen harde voorspelling is, maar dat de kans dat het werkelijk gebeurt juist klein is, is een bericht erover in principe niet in strijd met de wetenschap.

Als een worst-case scenario wordt gepresenteerd als een onontkoombare ontwikkeling wordt de wetenschap wel geweld aangedaan. En wanneer er nog een flinke schep bovenop zo’n scenario wordt gedaan is dat ook het geval. Er zijn mensen die zulke verhalen ophangen, maar ze trekken daarmee, zoals gezegd, niet veel aandacht. Ze komen op dit blog daarom ook maar weinig aan de orde. Maar het is best interessant om ook eens te kijken hoe er aan die uiterste zijde gedacht en geredeneerd wordt. Het is immers ook een stem in het klimaatdebat. Lees verder →

Tien klimaatacties die werken – Pieter Boussemaere

Er zijn legio lijstjes met wat je als individu zoal kunt doen om klimaatverandering te beperken. Vaak zijn die lijstjes heel lang, en staan de meer symbolische acties die weinig zoden aan de dijk zetten (bijv telefoonoplader niet in het stopcontact laten zitten) op een gelijk plan als de grote klappers (bijv minder vliegen). Ook is het soms lastig om door de politiek-ideologische lading van dit onderwerp heen te kijken.

Het recente boek “Tien klimaatacties die werken” van Pieter Boussemaere is daarom een welkome aanvulling. Dat hij een goede schrijver is wisten we al van zijn vorige boek, Eerste Hulp Bij Klimaatverwarring, waar Jos toendertijd een review over schreef. De goede structuur van het boek valt ook op: weloverwogen kiest Boussemaere voor een bepaalde indeling van verschillende duurzame keuzes, waardoor het geheel overzichtelijk en behapbaar blijft. Hij geeft de lezer een idee van de orde van grootte van zowel het probleem als van verschillende oplossingsstrategieën, en onderbouwt dat met solide argumentatie en bronverwijzingen. Van een sterk ideologische inkleuring, wat je bij dit onderwerp nogal eens ziet, is geen sprake. Dit maakt het een helder en verfrissend boek.

Het boek wekt niet de illusie dat door individuele actie het probleem wel eventjes opgelost zal worden – een valkuil waar veel van dergelijke “to-do” lijstjes mijns inziens wel in vallen. Maar het nut ervan wordt ook niet gebagatelliseerd. Dat is best een lastig evenwicht, en Boussemaere bewandelt dat heel erg goed. Met nuance, met onderbouwing, en met flair.

Lees verder →

Medialogica – Klimaat van Verwarring

Medialogica onderzoekt hoe feiten het verliezen van emotie met klimaatverwarring tot gevolg.

Naar wie moet het publiek luisteren? Welke belangen spelen mee? En door wie wordt de publieke opinie beïnvloed?

Afgelopen zondagavond ging Medialogica over het publieke klimaatdebat en hoe politici en media over de wetenschap communiceren. Ik kom ook een paar keer voorbij als één van de geïnterviewden. De aflevering ‘Klimaat van Verwarring’ valt hier terug te zien.

De dynamiek van het debat werd heel helder uitgelegd door Jan Paul van Soest:

  • Het afwijzen van de klimaatwetenschap gebeurt vooral uit onvrede met het voorgestelde klimaatbeleid. (‘solution aversion’)
  • Het uitvergroten van anti-wetenschappelijke meningen in de media zorgt voor verwarring.

Lees verder →

Jakobshavn-gletsjer: krimp en groei

De Jakobshavn-gletsjer ligt aan de westkant van Groenland. Het fraaie radarbeeld hierboven uit 2015 (bron: ESA Sentinel-1A) laat duidelijk de rand van de gletsjer zien en het tientallen kilometers lange ijsfjord dat ongeveer loopt tot het plaatsje Ilulissat. Het ijsfjord staat op de Werelderfgoedlijst van UNESCO en is gevuld met ijsschotsen en ijsbergen afkomstig van de gletsjer (de ijsmassa die op het land ligt). De Jakobshavn-gletsjer is de snelst stromende gletsjer op dit grootste eiland ter wereld. De rand van de gletsjer, waar het ijs afbreekt en ijsbergen vormt (“calving front” in het plaatje hierboven), ligt nu ver landinwaarts, maar daar heeft hij natuurlijk niet altijd gelegen. De opwarming van de aarde heeft een grote uitwerking gehad op de lengte van de gletsjer zoals het plaatje hieronder laat zien (figuur 1 uit Steiger et al. 2018). In 1850 lag de rand van de gletsjer ongeveer halverwege het huidige ijsfjord en is hij met de jaren steeds verder landinwaarts komen te liggen. De laatste jaren is de stroomsnelheid van de Jakobshavn-gletsjer echter enigszins afgenomen en onlangs werd duidelijk dat de gletsjer weer gegroeid is en de rand van de gletsjer een beetje opgeschoven is richting Ilulissat.

Sommigen zien in dit soort berichten direct een aanleiding om alle wetenschappelijke bevindingen over het klimaat sinds de tijd van Fourier en Tyndall ter discussie te stellen. Wetenschappers daarentegen gaan echter met groot enthousiasme op zoek naar het waarom: Waarom groeit de Jakobshavn-gletsjer weer enigszins na jaren van snelle teruggang?
Lees verder →

Wat is eigenlijk een broeikasgas?

Eerder en in iets andere vorm verschenen op NU.nl in de serie “Klimaatvragen”

Als de hoeveelheid broeikasgassen in de atmosfeer stijgt, gaat de temperatuur omhoog. Maar hoe komt dat eigenlijk? En waarom hebben sommige gassen wel deze werking, en andere niet?

Broeikasgassen zijn gassen die warmtestraling opnemen. Die warmte wordt vervolgens weer teruggestraald naar de omgeving. Oók terug naar de aarde, die daardoor een hogere temperatuur krijgt. Dit noemen we het broeikaseffect. Als de hoeveelheid broeikasgassen in de atmosfeer toeneemt, dan stijgt de temperatuur.

Maar wat maakt een gas dan een broeikasgas?

Verreweg het grootste deel van de lucht, stikstof en zuurstof, is niet alleen doorzichtig voor zichtbaar licht (blauw, geel en rood), maar ook voor warmtestraling (infrarood). Die straling gaat er dus net als zichtbaar licht dwars doorheen. Een aantal andere gassen laat warmtestraling niet zomaar door. Dat zijn broeikasgassen: gassen die een deel van de warmtestraling absorberen. Hoewel hun concentratie in de lucht relatief laag is, is hun effect op de temperatuur groot.

Maar waarom dan? Dat heeft te maken met de vorm van de moleculen waar het gas uit bestaat. En dat is nog best complex: een molecuul kan warmtestraling absorberen als het kan meetrillen met dezelfde golflengte als de warmtestraling. Dat kun je vergelijken met een stemvork die meetrilt met een bepaalde toonhoogte. Het trillende molecuul neemt de warmtestraling in zich op, waardoor de lucht er omheen ook opwarmt. De extra warmte wordt vervolgens in alle richtingen uitgestraald, dus ook terug naar de aarde.

Om warmtestraling te kunnen opnemen, moeten gasmoleculen een beetje kunnen trillen, waarbij de verdeling van elektrische lading binnen het molecuul een beetje verandert. Dat kan alleen als een gasmolecuul uit drie of meer atomen bestaat. Bron: DynamicScience.com.

Een voorwaarde om warmtestraling te kunnen absorberen is dat een molecuul asymmetrisch kan trillen. Simpele, rechte moleculen die uit slechts twee atomen bestaan, zoals zuurstof (O2) en stikstof (N2) kunnen dat niet, en zijn dus geen broeikasgassen. Broeikasgassen bestaan uit drie of meer atomen: bijvoorbeeld CO2 of methaan (CH4). Ook waterdamp (H2O) is een belangrijk broeikasgas.

Lees verder →

Open Discussie voorjaar 2019

De eerste warme dag van het jaar hebben we inmiddels gescoord. Geen record, hoewel het aantal warme dagen in Nederland gestaag toeneemt. In februari zijn er wel enkele records gevestigd, de drie warmste februaridagen die in De Bilt zijn gemeten, vielen alle drie in dit jaar. Zo’n eerste warme dag noopt ons in ieder geval om maar eens afscheid te nemen van de oude Open Discussie winter 2019 en een nieuwe te openen.

Dat naast Nederland ook het Arctische gebied opwarmt is een open deur natuurlijk. In een nieuwe publicatie hebben wetenschappers de belangrijkste indicatoren van de opwarming van het Arctische gebied over 1971-2017 op een rijtje gezet. De open deur is toch een stuk verder ingetrapt dan mogelijk leek. De gemiddelde temperatuur in het Arctische gebied is in die periode bijvoorbeeld met maar liefst 2,7 °C gestegen, met allerlei gevolgen voor de permafrost, neerslag, zee- en landijs en de ecosystemen. Samengevat concluderen de onderzoekers:

“The Arctic biophysical system is now clearly trending away from its 20th Century state and into an unprecedented state, with implications not only within but beyond the Arctic.”

Co-auteur Bert Wouters vertelt op de NOS-site het volgende:

“Maar toen ik al die cijfers bij elkaar zag, was het voor mij toch ook nog een grote schok. Dat de veranderingen zo snel gaan.”

De video hieronder geeft een overzicht van het onderzoek.

In deze nieuwe Open Discussie kunnen alle zaken die geen betrekking hebben op specifieke blogstukken aan de orde worden gebracht.

Klimaatverandering, Kinderen en Bevolkingsgroei

Zondagavond 24 Maart was er een reportage bij Nieuwsuur over mensen die geen kinderen willen, omdat je de planeet ermee belast, of omdat de effecten van klimaatverandering steeds zichtbaarder worden en zij daar hun toekomstige kinderen niet mee willen belasten. Ik werd gevraagd hoe ik hierover denk.

Mijn eerste reactie was dat dit een hoogstpersoonlijke beslissing is, en ik niet oordeel over de keuze die mensen hierin voor zichzelf maken. Dat moeten ze helemaal zelf weten. Maar of ik dan als wetenschapper iets kon zeggen over waar het heen gaat met klimaatverandering, en wat de rol van (over-)bevolking nu eigenlijk is? En zo geschiedde. Dit is natuurlijk een ontzettend heikel onderwerp, en het was tegelijkertijd mijn vuurdoop voor de televisie. Hieronder enige context bij het interview en over de rol van (over-)bevolking in het bijzonder.

Is de angst voor klimaatverandering terecht?

Angst is een subjectieve ervaring, dus daar kan ik als klimaatwetenschapper niet zo veel over zeggen. Maar het is wel duidelijk dat als de uitstoot van broeikasgassen ongebreideld door blijft gaan er flink negatieve effecten zullen optreden die niet allemaal omkeerbaar zijn op menselijke tijdschaal. Denk bijvoorbeeld aan zeespiegelstijging. En tot nu toe ziet het er niet naar uit dat we de uitstoot heel snel naar nul zullen hebben teruggeschroefd, zoals we onszelf wel tot doel hebben gesteld in Parijs.

Is overbevolking de kern van het probleem?

Het is een factor, maar niet de enige, en volgens mij ook niet de belangrijkste.

Lees verder →

Dilemma’s van de wetenschapper: Ik loop mee met de klimaatmars

Zondag 10 Maart is de klimaatmars in Amsterdam. Ik loop ook mee.

Ik houd me het liefste bij de wetenschap; demonstreren is niet zo mijn ding. Maar uit de wetenschap blijkt dat in een ‘business-as-usual’ scenario de opwarming heel fors zal oplopen, wat een heel scala aan risico’s met zich meebrengt. Zowat elk aspect van ons leven wordt direct of indirect door klimaatverandering beïnvloed: weerpatronen, gezondheid, voedselvoorziening, waterhuishouding, zeespiegelstijging, extreem weer, geopolitieke spanningen. Het is niet voor niets dat klimaatverandering wel een “threat multiplier” wordt genoemd: bestaande problemen worden er veelal door verergerd. Daar komt nog eens bij dat veel veranderingen in het klimaatsysteem (bijv zeespiegelstijging) onomkeerbaar zijn op menselijke tijdschalen.

Dat brengt mij in een dilemma. Stel ik me op als stoïcijnse wetenschapper die zich zogemaand niets aantrekt van wat dit allemaal betekent voor de maatschappij, voor mij, voor mijn kinderen, voor de toekomst? In hoeverre wil ik laten zien dat ik me dat wel degelijk aantrek? En als ik dat dan doe, zal dat dan tegen mij worden gebruikt, in een poging mijn wetenschappelijke geloofwaardigheid te ondergraven? Ongetwijfeld. Als je de boodschap niet inhoudelijk kunt pareren kun je nog altijd de boodschapper aanvallen, en dat gebeurt dan ook ook geregeld.

Zoals Jaap Tielbeke mij in De Groene citeerde hierover:

Maar aan de andere kant moet je waken voor onbewuste zelfcensuur. ‘Het gevaar is dat je je gaat inhouden of omfloerst gaat formuleren, uit angst om voor alarmist te worden uitgemaakt.’ Daarom wordt Verheggen ook zo kwaad wanneer mensen zijn blog activistisch noemen. ‘Het is bijna emotionele chantage en een ontzettend geniepig verwijt, want waarom zou ik activistisch zijn als ik de wetenschap uitleg?’

Zoals een collega mij schreef: Waarom zou je geloofwaardigheid afnemen als je publieke mening in overeenstemming is met je wetenschappelijke inzichten? Het lijkt soms of klimaatwetenschappers de enige wetenschappers zijn die zo aangevallen worden op hun uitspraken over wat we als maatschappij zouden moeten doen. Als medische wetenschappers oproepen tot vaccinatie worden ze niet voor activisten of alarmisten uitgemaakt. Einstein, toch één van de meest gerespecteerde wetenschappers aller tijden, was een uitgesproken pleitbezorger tegen bijvoorbeeld kernwapens.

Wel denk ik dat het belangrijk is om duidelijk onderscheid te maken tussen wetenschappelijke kennis en inzichten enerzijds, en wat we als maatschappij zouden moeten doen anderzijds (het klassieke is-ought onderscheid van David Hume). Bij het tweede, wat we zouden moeten doen, komt onherroepelijk een waarde-oordeel kijken. Hoe belangrijk vind je het, wat voor wereld sta je voor? Welnu, ik vind het belangrijk om het welzijn van toekomstige generaties niet negatief te beïnvloeden. Uit de wetenschappelijke kennis blijkt duidelijk dat ongelimiteerde klimaatverandering sterk negatief zal uitpakken, en dat die trend alleen met een forse tijdsvertraging kan worden omgebogen. Daarom vind ik het zaak om daar beter vroeger dan later mee te beginnen. Nou is het al best wel wat later geworden na een aantal decennia hierover bekvechten met elkaar, maar dan geldt nog steeds: meer uitstel lijdt tot een nog moeilijker opgave en/of tot nog meer risico’s.

Nou zou je kunnen zeggen, dat wil toch iedereen: “do no harm”? Ja, ik denk dat dat wel een breed gedeelde waarde is, om het toekomstige welzijn niet te willen schaden. Ook mensen die tegen mitigatie ageren hebben het beste voor met hun (klein-)kinderen, zou ik denken. Maar vanwege hun aversie tegen de voorgestelde beleidsmaatregelen hebben zij zichzelf ervan overtuigd dat het probleem schromelijk wordt overdreven of zelfs helemaal niet bestaat. Dat is de eenvoudigste oplossing voor de cognitieve dissonantie die ze anders zouden ervaren tussen enerzijds hun zorg voor de toekomst en anderzijds hun aversie tegen beleidsmaatregelen. Let maar op in de discussie: Er is nagenoeg niemand die fel tegen emissiereductie pleit, maar die tegelijk wel de wetenschappelijke inzichten over klimaatverandering accepteert.

Affijn, dit is een vrij lange intro om eigenlijk gewoon deze video van mezelf hier te willen delen, opgenomen ter ondersteuning van de klimaatmars: