Dankjewel Jan Paul van Soest voor Blog Award!

Tot mijn verrassing kreeg ik een paar dagen geleden van Jan Paul van Soest een ‘blog award’ uitgereikt. Die neem ik dankbaar ik ontvangst; dankjewel Jan Paul! Evenals de Woody Guthrie award, die ik een paar weken terug kreeg voor m’n Engelstalige blog, is dit een “virtuele prijs van bloggers onder elkaar”. Komt al het goede dan toch in tweeën?

Jan Paul van Soest houdt zelf een heel goed doordachte blog bij. Ik vond met name zijn posts over bottom-up versus top-down duurzaamheid interessant en stemmen tot nadenken: Duurzaamheid onderlangs of bovenover? en Het doolhof van de duurzame keuzes. Hij houdt daarin een sterk pleidooi dat structurele veranderingen noodzakelijk zijn om duurzaamheid te bereiken en noemt zichzelf een ‘structuralist’ in tegenstelling tot ‘individuele verantwoordelijksdenkers’. Hij geeft wel aan dat hij de zaken graag van verschillende kanten bekijkt (dat herken ik):

het enthousiasme, de inspiratie, de drive is vooral bottom-up; maar als niet top-down absolute grenzen worden ingesteld, blijft het dweilen met de kraan open. En als die absolute grenzen er dan zijn, is uiteindelijk de enige effectieve actie die grenzen verder naar beneden brengen. Maar er zijn maar weinig beleidsmakers bereid top-down te doen wat nodig is. Dat geldt zeker voor Nederland. Dat zal dus door de Vereniging van Duurzame bottom-uppers moeten worden afgedwongen. 

Ik ben even gaan zoeken wat die blog award inhoudt, of er een verhaal, een geschiedenis aan vast zit. Jan Paul kreeg hem van Annelies Roon van het groene web, en zij van stadsakker, waarop werd uitgelegd wat de opzet van de award is: 

Geef deze award door om anderen te attenderen op leuke, mooie en inspirerende blogs. De spelregels zijn eenvoudig:

  • Je maakt een verwijzing naar de blog en/of persoon die je de award heeft gegeven.
  • Geef vervolgens de award door aan 3 tot 5 van je favoriete blogs en maak in je bericht een koppeling naar deze blogs.
  • Laat een berichtje achter op deze blogs dat ze een Award gewonnen hebben.

Het is de bedoeling dat er vooral aandacht wordt gegeven aan beginnende of nog niet zo bekende blogs.

Met 3 tot 5 awards te vergeven zijn er al snel veel winnaars natuurlijk, en inderdaad kwam ik al snel op een tiental blogs terecht. De lineage gaat via De Dakboerin, Groen Gedoe, en op Natuurlijk Zuinig kwam ik iets tegen dat op een logo lijkt en dat een aantal keer was doorgegeven:

 

Wat wel grappig is, is dat veel van deze en andere blogs in de award stamboom juist sterk inzetten op individueel handelen, bottom-up duurzaamheid, in tegenstelling dus tot Jan Paul van Soest. Ik zit meer op de lijn van Jan Paul, maar evenals hij zie ik dat beide benaderingen nodig en zinvol zijn.

Ik geniet nog even van mijn award voordat ik hem verder geef. De oorsprong lijkt in het Nederlands taalgebied te liggen, dus daar zal ik in eerste instantie zoeken voor een waardige opvolger (of meer). Aangezien de meeste blogs die ik lees Engelstalig zijn, kan ik wel wat pointers gebruiken naar kleine diamanten onder de Nederlandse klimaat en duurzaamheid blogs, dus geef maar suggesties!

Nederland droogste voorjaar ooit gemeten

Je zou het misschien niet zeggen na zo’n regenachtige dag, maar dit voorjaar is uitzonderlijk droog in Nederland tot nu toe. De weinige regen die er in de afgelopen weken gevallen is is bij lange na niet afdoende om het neerslagtekort (meer verdamping dan neerslag) aan te vullen:

Er was veel zon met hoge temperaturen, wat zorgde voor veel verdamping. Bovendien is er maar weinig neerslag geweest.

KNMI over de langjarige trend en het huidige seizoen:

Het neerslagtekort in Nederland in het voorjaar wordt de laatste jaren steeds groter. (…) De toenemende trend hangt samen met een toename van de verdamping, die weer het gevolg is van meer zon en hogere temperaturen. (…) De toenemende trend hangt niet samen met een afnemende trend in de neerslag, de neerslag neemt de laatste jaren eerder toe dan af. Dit voorjaar jaar is de hoeveelheid neerslag echter zeer klein. Daarnaast is er veel zon en is de temperatuur hoog, waardoor er veel verdamping is. Hierdoor is het neerslagtekort dit voorjaar groter dan ooit.

Het klimaatportaal houdt een dossier bij over de droogte in Nederland:

Nederland heeft te maken met het droogste voorjaar ooit gemeten. De waterstanden in de Maas en de Rijn zijn uitzonderlijk laag.
 
Dit heeft gevolgen voor de landbouw en de natuur. Door ontwatering stoten veengebieden extra broeikasgassen uit. De overheid neemt maatregelen om de negatieve gevolgen van de droogte zo veel mogelijk te beperken.
 

IPCC management en coordinatie versterkt

Via het klimaatportaal, mede gebaseerd op het relaas van deelnemers aan de IPCC vergadering:

Het IPCC neemt maatregelen om haar managementstructuur te verbeteren en beleid aan te scherpen. Dit is besloten tijdens de algemene vergadering van het IPCC die plaatsvond van 10 tot 13 mei 2011 in Abu Dhabi, de Verenigde Arabische Emiraten. De wijzigingen moeten zorgen dat het volgende IPCC-rapport duidelijker en genuanceerder wordt en dat het beter aansluit bij de behoeften van de wereldwijde gemeenschap.

Zo is er een streng beleid opgesteld om belangenverstrengeling bij de samenstellers IPCC-rapporten te voorkomen. (…)
 
Het IPCC heeft daarnaast richtlijnen vastgesteld voor de communicatie. Die moet transparant zijn en het IPCC wil snel en doordacht reageren op actuele vraagstukken. Daarnaast moet vastgelegd worden wie er namens het IPCC kan spreken en wie niet. Woordvoerders moeten zich inhoudelijk baseren op gepubliceerde IPCC rapporten en zij moeten zich onthouden van uitspraken over klimaatbeleid of -politiek.
 
Management
Er wordt een bestuur samengesteld om de coördinatie en het management van het IPCC te versterken. Dit bestuur neemt beslissingen die geen uitstel velen, bijvoorbeeld over communicatie, toezicht op de afhandeling van mogelijke fouten en coördinatie tussen werkgroepen. (…)
 
Het IPCC heeft richtlijnen aangenomen die aangeven hoe accuratesse, transparantie en duidelijkheid van procedures kan worden verbeterd. Zo is vastgelegd hoe literatuur verwerkt kan worden in de IPCC-rapporten en hoe de auteurs van de rapporten moeten omgaan met wetenschappelijke onzekerheden.
 
Auteurs moeten toelichten hoe zij tot hun oordeel komen over de mate van wetenschappelijk inzicht in een onderwerp. Ook is vastgelegd dat tijdschriften en kranten in principe geen geldige informatiebron zijn voor de IPCC-rapporten. Blogs, sociale netwerksites en audiovisuele media zijn geen acceptabele informatiebronnen.
 
Een aantal verbeteringen was al doorgevoerd of wordt direct doorgevoerd bij het schrijven van het vijfde assessmentrapport, dat voor 2013 en 2014 gepland staat. Een deel van de verbeteringen vereist nog verdere uitwerking, zoals de implementatie van de regeling belangenverstrengeling en de rol van het secretariaat in het bestuur. Daarnaast moet de definitieve communicatiestrategie worden opgesteld. Deze zaken komen tijdens de volgende IPCC vergadering in november 2011 aan de orde.
 
Inter Academy Council
Met de veranderingen wordt een groot deel van de aanbevelingen van de Inter Academy Council opgevolgd. Het IAC deed vorig jaar onderzoek naar de processen en werkwijzen van het IPCC. Dit gebeurde naar aanleiding van fouten het meest recente IPCC-rapport. Het ging ondermeer om verkeerde schattingen van het afsmelten van de gletsjers in het Himalayagebied en een foutief percentage landoppervlak in Nederland dat onder de zeespiegel ligt.
 
Het IAC concludeerde dat de werkwijze van het IPCC in het algemeen adequaat is. Maar het IPCC moet wel zorgen voor een herziene managementstructuur, sterkere procedures en betere communicatie. Dit is nodig vanwege de groeiende omvang en complexiteit van het werk, de toegenomen maatschappelijke consequenties en de steeds kritischer houding van het grote publiek.
 
Nederland
De fouten in het IPCC-rapport leidden in Nederland tot bezorgdheid binnen de Tweede Kamer. Toenmalig minister Cramer van Milieu gaf het Planbureau voor de Leefomgeving de opdracht om de fouten te onderzoeken.
 
Het PBL concludeerde dat er geen fouten gevonden waren die de hoofdconclusies van het rapport ondergraven. Wel stonden er enkele fouten in de onderliggende hoofdstukken van Werkgroep II over regionale effecten. Daarnaast bleken de conclusies in sommige gevallen onvoldoende gebaseerd op het onderliggende materiaal.
 
Meer lezen:

 Zie ook mij Engelse blog over IPCC history and mandate.

Open discussie

Om de discussie op andere blogs te kunnen focussen op het onderwerp in kwestie is hier een ‘open discussie’ waar alle klimaat gerelateerde onderwerpen ter sprake kunnen worden gebracht.

Guthrie Award, Twitter en een cartoon

Ik kreeg hem voor m’n Engelstalige blog, maar ik neem de vrijheid om de ‘Woody Guthrie award for a thinking blogger‘ ook naar m’n Nederlandse blog te laten uitstralen:

Daarnaast ben ik net begonnen met twitteren (@BVerheggen). Mijn tweets zijn ook op de zijlijn onderaan rechts te vinden. Ik zal in het Nederlands en Engels tweeten, vnl klimaat en energie gerelateerd.

En als afsluting deze cartoon (zie m’n Engelse blog voor context; NL vertaling volgt misschien nog. Is daar trouwens behoefte aan of volgt iedereen die dit leest ook die andere?)

(*) “Zis is ze German coastguard,  What are you sinking about?”

Forse bezuiniging op Nederlands onderzoek en innovatie

Onderzoek en innovatie in Nederland krijgt een flinke knauw. Via de NOS:

FES-gelden

De groei in het wetenschappelijk onderzoek is de afgelopen jaren mede mogelijk gemaakt doordat de kabinetten-Balkenende vanuit de aardgasbaten veel geld (de zogeheten FES-gelden) beschikbaar stelden voor innovatie en onderzoek.

Het kabinet-Rutte heeft besloten daarmee te stoppen. De universiteiten hebben uitgerekend dat daarmee oplopend tot 2015 zeker 2835 onderzoeksplaatsen verloren gaan. Dat is ongeveer twintig procent van het totaal.

Marktwerking

De vereniging van universiteiten, de VSNU, waarschuwt dat tientallen onderzoeksinstellingen zullen moeten sluiten. Voorzitter Sijbolt Noorda van de VSNU: “Komt er geen vervanging voor de aardgasbaten, dan verklaren wij ons tot spelers in de tweede divisie. Dan gaan we niet meer mee met de grote jongens en worden we internationaal minder aantrekkelijk voor slimme jonge onderzoekers.”

Noorda heeft in dit verband ook geen vertrouwen in een stimulerende rol van het bedrijfsleven, de markt: “Als we de markt zijn werk laten doen, gaan de jonge onderzoekers naar China, naar Brazilië, dan gaan ze in Rusland aan het werk en niet hier.”

Dat gaat gevolgen hebben voor de positie van de Nederlandse kenniseconomie. De botte bezuinigingsbijl kan nog wel eens een boemerang blijken te zijn.

In het regeerakkoord stond over de FES gelden het volgende vermeld:

De belegde ruimte in het Fonds Economische Structuurversterking (FES) van middelen op het gebied van Verkeer en Vervoer, Ruimtelijke Ordening, Milieu en Duurzaamheid en Kennis en Innovatie wordt overgeheveld naar het Infrastructuurfonds respectievelijke de departementale begrotingen. Er vindt deze periode geen additionele voeding plaats van het FES. De onbelegde ruimte komt ten goede aan de algemene middelen.

Pier Vellinga: Hoezo klimaatverandering?

Hoogleraar Pier Vellinga heeft een boek geschreven over klimaatverandering: Hoezo Klimaatverandering?

Kennis voor Klimaat:

In klare taal, met een genuanceerd oog voor de twijfels, maar vooral ook met een scherpe analyse van de werkelijke feiten en ontwikkelingen.

Wie moeten we geloven als het om klimaatverandering gaat, de doemdenkers of de sceptici, en waarom? Kan het zijn dat de klimaatonderzoekers overdrijven? Hoe reëel is de opwarming zolang het IJsselmeer nog dichtvriest? Wat is de rol van de zon? En, hoe erg is dat trouwens, een iets warmere wereld? Is overschakelen op andere energiebronnen niet veel te duur?

Klimaatportaal:

Hoe zit het met alle vragen over het klimaat, hoe kunnen we de feiten van de fabels onderscheiden? Op deze vraag geeft hoogleraar Pier Vellinga een antwoord in zijn nieuwe boek Hoezo Klimaatverandering.

“Feit is dat de opwarming wereldwijd doorzet. Zonnevariatie kan deze opwarming niet verklaren”, aldus Vellinga.

Vellinga heeft alle argumenten van de klimaatsceptici nog eens nagelopen. Vervolgens heeft hij de belangrijkste fabels over klimaatverandering ontkracht. Eén van de hardnekkige fabels die volgens Vellinga de ronde doet is dat de temperatuurmetingen niet zouden kloppen: “zeker de afgelopen dertig jaar zijn de metingen zeer betrouwbaar”. Een andere fabel is dat de invloed van de mens op de natuur klein is. De natuur zou zo sterk zijn dat de mens er niet toe doet. “De mens heeft wel degelijk invloed en we kunnen deze invloed bijsturen.”
Volgens Vellinga wordt het menselijk voorbestaan niet door klimaatverandering bedreigd: “Ook in warme tijden is er uitbundig leven mogelijk, kijk maar naar de tijd van de dinosauriërs. Als het klimaat snel verandert, ontstaan er wel problemen. De helft van de mensen woont in kustgebieden. Zij krijgen te maken met de zeespiegelstijging.”
ANP:

De vraag of het zinvol is om in Nederland maatregelen te treffen, hangt af van hoe je het bekijkt. Vellinga: ,,Je kan het vanuit economisch oogpunt bekijken: pas als de schade van klimaatverandering meer kost dan de maatregelen om het te voorkomen, loont het om er wat aan te doen. Maar je kan het ook moreel bekijken. De zware effecten zijn waarschijnlijk pas voelbaar over tientallen jaren. De volgende generaties krijgen hiermee te maken. De vraag is of we nu al willen ingrijpen om dat straks te voorkomen.”

Trouw (Janne Chaudron):

Wanneer de aarde daadwerkelijk minstens 2 graden warmer wordt in 2100, waar Vellinga vanuit gaat, vraagt dat om vergaande aanpassingen. Want het probleem is niet zozeer de iets hogere temperatuur, dat is in het verleden ook gebeurd. Het probleem is wel dat er nu overal mensen wonen, en dat zich ecosystemen hebben ontwikkeld die passen bij het klimaat dat er nu is. (…)

Hij maakt duidelijk waarom de aarde in 2100 2 graden of meer opwarmt. Hij beargumenteert op een geloofwaardige manier waarom de zon daar niet verantwoordelijk voor is, zoals sceptici zeggen. Ook gaat hij in op de kwaliteit van temperatuurmetingen en ijstijden die volgens critici meer invloed hebben op het klimaat dan extra broeikasgassen.

Maar in de tweede helft van het boek zet hij een politieke pet op en dat komt niet geloofwaardig over. Hij lijkt politici en beleidsmakers te willen overtuigen van het nut van duurzame vormen van energie (…).

In het dankwoord benadrukt Vellinga dat klimaatverandering investeringen vergen en dat we ook ons gedrag moeten aanpassen. Die moralistische boodschap is jammer en niet nodig. Want met het wetenschappelijke betoog overtuigt Vellinga genoeg.

Dit boek (ik heb het niet gelezen; het is pas vanaf vandaag verkrijgbaar) biedt wellicht een goed tegenwicht tegen dat van Marcel Crok (volgens Vellinga “wel een erg persoonlijke interpretatie” – Trouw). Vanavond (10 mei) gaan beide heren met elkaar (en met Salomon Kroonenberg en Peter Siegmund) in debat trouwens, onder het vaandel van Studium Generale in Leiden.

Waarom was april zo warm?

Via Klimaatportaal en KNMI:

De afgelopen maand was uitzonderlijk zacht. De gemiddelde temperatuur over de hele maand april was in De Bilt 13,1 graden. Daarmee evenaart april 2011 het warmterecord 2007 en bereikt de hoogste waarde sinds het begin van de metingen in 1706. Gemiddeld over 1981-2010 bedraagt de temperatuur in april 9,2 graden.

Waarom was April zo warm?

De wereldwijde opwarming , schonere lucht, minder bewolking en meer waterdamp in de lucht vergeleken met even zonnige maanden hebben bijgedragen aan de hoge temperaturen.

Oorzaken van deze warme april:

Luchtdruk en zonneschijn
De hoge luchtdruk in Nederland en omgeving leidde tot overvloedige zonneschijn en is daarmee één van de hoofdoorzaken van de hoge temperatuur in april 2011. Toch is dit niet de enige factor want in april 1938, 1954, 1955, 2007, 1997, 1957, 1984 was de luchtdruk hoger dan in april 2011. In april 2007, 1942 en zelfs in 2010 scheen de zon meer uren dan in april 2011.

Luchtvervuiling
Sinds midden jaren 80 is de zichtbare luchtvervuiling met roetdeeltjes en zwavel (aërosolen / fijn stof) sterk afgenomen, waardoor meer zonneschijn de grond bereikt. Er is echter geen reden om aan te nemen dat de lucht in april veel schoner is dan in de jaren 60, en toch zijn de temperaturen veel hoger dan toen.

Luchtvochtigheid
Hoewel er in april 2011 weinig bewolking was, was de hoeveelheid waterdamp (een doorzichtig gas) wel hoog vergeleken met andere jaren met hoge luchtdruk en veel zon. In 1942 en 2010 was de lucht veel droger. Waterdamp is een zeer krachtig broeikasgas, dat de aarde warm houdt door uitstraling naar de ruimte tegen te houden. De waarneming dat dit jaar de nachten warmer waren dan in 2007 ondersteunt dit vermoeden.

Broeikaseffect (KNMI)

Uiteraard heeft de opwarming van de aarde en dus ook van Nederland ook bijgedragen. Zonder deze opwarming zouden dit soort temperaturen vrijwel onmogelijk zijn geweest. Echter, de temperaturen van de laatste jaren steken ver boven de trend uit.

En:

Klimaatmodellen voorspelden een veel langzamere opwarming en laten geen verhoogde kans op warme uitschieters zien.

Figuur: Geobserveerde Centraal Nederland Temperatuur (CNT, rode lijn) vergeleken met de gemodelleerde temperatuur in het CMIP3 ensemble (54 kruisjes per jaar van 23 modellen). De blauwe lijn geeft het gemiddelde van de 23 modellen aan.

Het is duidelijk dat de temperatuur in april veel sneller oploopt dan de modellen aangeven. Voor een gedeelte is dit uiteraard toeval, maar het verschil is te groot om hier volledig mee te verklaren. Ook de uitwijkingen boven de trend lijken groter dan we verwachten, een uitwijking zoals in 2007, 2009 of 2011 zou zelfs met een twee keer zo snelle temperatuurstijging maar ongeveer eens in de 50 jaar voorkomen. Nader onderzoek zal moeten uitwijzen in hoeverre we nog meer van dit soort zomerse aprilmaanden kunnen verwachten.

Conclusies
In 2007 dachten we dat de temperatuur van april een zeer uitzonderlijke uitschieter was. De waarneming dat het in 2009 bijna even warm was en in 2011 dit record geëvenaard wordt geeft aan dat deze verklaring niet meer voldoet. De wereldwijde opwarming , schonere lucht, minder bewolking en meer waterdamp in de lucht vergeleken met even zonnige maanden hebben bijgedragen aan de hoge temperaturen. Welke factoren er precies achter zaten en een inschatting van wat de toekomst zou kunnen brengen vergt echter een uitgebreidere analyse.

Jan Rotmans bij Essent: Botsing der werelden

De aanvoerder van de Nederlandse hoogleraren tegen kolencentrales, Jan Rotmans, was met een aantal collega’s op bezoek bij de gewraakte energiebedrijven (Volkskrant 8 april). Met twee van de vier bezochte bedrijven viel niet te praten, aldus Rotmans. De reden:

Ik heb de vergelijking gemaakt met de afschaffing van de slavernij en van de kinderarbeid. Die praktijken stopten niet vanwege de wetgeving. Ze stopten omdat ze moreel niet meer verantwoord waren. Ik vroeg aan de bestuursvoorzitter tegenover me: kun jij straks aan je kinderen uitleggen waarom je kolencentrales hebt neergezet? Peter Terium van Essent werd oprecht boos.

Ja, vind je het gek? Als iemand jouw manier van werken met slavernij/kinderarbeid vergelijkt, hoe zou je dan reageren? Ik ben het met Rotmans eens dat het klimaatvraagstuk een ethische dimensie heeft die onder de aandacht dient te worden gebracht. Maar ik denk dat veel mensen die het er diep in hun hart mee eens zijn dat hun huidige werk wellicht niet goed is voor de wereld, verbolgen raken om een dergelijke vergelijking.

Dan kan het natuurlijk zijn dat ze, nadat de boosheid is verdwenen, de redenering erachter juist meer ter harte zullen nemen. Maar het kan ook zijn dat ze er juist tegen gaan rebelleren. Het wordt hen namelijk wel heel makkelijk gemaakt om degene die hen op deze manier tegemoet treedt als “extremistisch” terzijde te schuiven. Juist omdat het grote publiek nog niet van de wetenschappelijke basis van klimaatverandering doordrongen is, kunnen we ons beter niet van al te extreme vergelijkingen bedienen. Daarmee zetten we onszelf buitenspel in de publieke discussie.

Een vriend van mij werkt voor een sigarettenfirma. Hij weet heus wel dat sigaretten slecht voor je zijn (en hij rookt zelf ook niet trouwens). Maar als iemand hem zou zeggen dat hij aan genocide meewerkt, zou hij wel kwaad worden denk ik. Of misschien hard lachen. Maar serieus nemen zou hij je niet. En je hebt hem niets bijgebracht dat hij al niet wist.

Het verschil is dat bij roken het grote publiek wel van de wetenschappelijke basis van de gezondheidseffecten doordrongen is. En daarom schaad je je positie (van betrouwbaarheid) wellicht minder als je op deze manier ten strijde trekt. Aan de andere kant kun je zeggen dat bij roken een dergelijke uitspraak niets toevoegt, want hij weet al wat de nadelige effecten van “zijn”product zijn. Bij kolencentrales kan dat anders liggen: Veel mensen weten het niet, of willen het niet weten.

Interessant is de karakterisering die Rotmans van het verloop van het gesprek geeft:

Tegenover ons zat de bestuursvoorzitter, een financiële man, de projectleider, een woordvoerder. Vervolgens kregen we meestal een presentatie, waarin ze allemaal vertelden dat ze meer investeren in duurzaamheid dan de concurrent. Daar legden wij dan de harde cijfers tegenover: dat het allemaal nogal tegenvalt, en dat die beweringen niet hard te maken zijn. Dan volgden de excuses: de overheid is inconsequent en onbetrouwbaar, de CO2-markt functioneert zo slecht. Daar hebben ze een punt, maar het is ook gemakkelijk. Als je echt wilt verduurzamen, ben je intrinsiek gemotiveerd. Je moet jezelf niet afhankelijk maken van een slecht functionerende overheid of markt.

Dat lijkt me een beter punt om op in te haken voor een constructieve discussie. Het geeft ook een kijkje in de keuken van bedrijfs-PR.

Marcel Crok’s alternatieve Staat van het Klimaat

Wetenschapsjournalist Marcel Crok bracht in november 2010 zijn boek ‘De staat van het klimaat – een koele blik op een verhit debat’ uit. Een kritische review van zijn alternatieve ‘Staat’ is op de site van het PBL beschikbaar. Disclaimer: Ik heb er aan bijgedragen. Het is een lijvig document geworden. Via een hele reeks aan links kun je tot meer gedetailleerde info komen over het onderwerp van je interesse.

Marcel heeft een vlotte pen: z’n boek leest lekker weg. Eenzelfde gevoel had ik bijvoorbeeld ook bij Spencer Weart’s Discovery of Global Warming. Dat leest als een avonturenboek. Er is echter een groot verschil tussen beide boeken: De laatste geeft een evenwichtig beeld van de klimaatwetenschap (en diens evolutie in de tijd). Crok doet dat uitdrukkelijk niet. Zoals hij zelf op zijn blog schreef:

Het PCCC verwijt mij diverse malen dat ik aan selectief winkelen doe. In zekere mate is selectief winkelen (in het Engels zo mooi cherry picking genoemd) inherent aan de aanpak die ik voor het boek hanteerde, zoals beschreven op pagina 33/34:

“De aanpak in het boek is rechttoe, rechtaan. Bij ieder onderwerp kijken we of er kritiek was op ‘de consensus’ en zo ja, of die kritiek hout sneed en hoe het IPCC met die kritiek omging in vooral het vierde IPCC-rapport.”

Door slechts één kant van de zaak te belichten krijgt de achteloze lezer een scheef beeld van de wetenschap. Hierin onderscheidt Crok zich van een meer wetenschappelijke aanpak, waarin het belangrijk is de verschillende aanwijzingen en argumenten te wegen om tot een zo nauwkeurig mogelijk beeld te komen van hoe het zit.

Toegeven: Zijn boek geeft een goed en helder verwoord beeld van een hele reeks aan veelgehoorde kritieken op de klimaatwetenschap, en dat is een verdienste. Hij schetst een beeld van ‘het valt allemaal wel mee’ door stelselmatig van extreem onwaarschijnlijke waarden uit te gaan. Een vergelijkbare argumentatie zou zijn dat het juist allemaal veel erger is dan de gangbare wetenschap stelt, door uit te gaan van extreem onwaarschijnlijke waarden die aan de andere kant van het spectrum liggen.

Neem de klimaatgevoeligheid: Door een veelheid aan studies te combineren komt het IPCC tot een waarschijnlijke range van 2 tot 4,5 graden opwarming bij een verdubbeling van de CO2 concentratie. Crok noemt hiervoor meerdere malen 0,5 graden (met een dergelijk lage klimaatgevoeligheid zouden grote klimaatveranderingen in het verleden, zoals de ijstijdencyclus, echter niet hebben kunnen optreden). De studies die hij daarvoor aanhaalt zijn in de meeste gevallen bekritiseerd vanwege forse tekortkomingen, maar voor het gemak wordt dat niet genoemd of wordt de kritiek gebagatelliseerd als zijnde “alarmistisch”.

Een spiegelbeeld van Crok’s boek is dus niet het IPCC, maar dat zou een (denkbeeldig) boek zijn die het IPCC even hard bekritiseert als Crok dat doet, maar dan vanuit de andere hoek: Ervan uitgaande dat het IPCC veel te conservatief is en worst case scenario’s wegmoffelt. Die ervan uitgaat dat de klimaatgevoeligheid geen 3 graden is, maar 6 of 10 graden. Klinkt belachelijk? Dat zou eenzelfde type redenering zijn als Crok ophangt. Nuttig om eens te zien wat de kritieken van deze of gene zijde zijn, maar verwar het vooral niet met een evenwichtig beeld van hoe het zit.

Zoals Richard Alley zei (in de context van een getuigenis voor het Amerikaanse Congres, EOS Nov 2010):

You have now had a discussion or a debate here between people who are giving you the blue one and people giving you the green one. This is certainly not both sides. If you want both sides, we would have to have somebody in here screaming a conniption fit on the red end, because you are hearing a very optimistic side.

Crok heeft het veelvuldig over “beide partijen” in het klimaatdebat. Terwijl het in werkelijkheid natuurlijk om een spectrum van opinies gaat, waarbij de mate van wetenschappelijke onderbouwing niet persé hetzelfde is.

 

Ik zal de komende tijd enkele onderwerpen uit dit review hier bespreken, zoals bijvoorbeeld:

Stadseffect
Menselijke oorzaak van klimaatverandering
Klimaatgevoeligheid
Koelend effect van aerosolen en Effect daarvan op schattingen van de klimaatgevoeligheid

Voor deze en talloze andere veel gehoorde argumenten verwijs ik de lezer ook naar Skeptical Science voor wetenschappelijk gefundeerde antwoorden en context. Daar is ook een Nederlandse vertaling te vinden van de wetenschappelijke handleiding voor klimaat scepticisme, waarin de belangrijkste pijlers van onze klimaatkennis en enkele sceptische argumenten daartegen worden besproken (met veel plaatjes en grafieken om e.e.a. te verduidelijken).

Over het grote plaatje van wat er bekend is staat in de review het volgende:

  1. De laatste 100 jaar is de gemiddelde temperatuur op aarde met bijna 0.8 C gestegen.
  2. De CO2-concentratie is sinds het industriële tijdperk met bijna 40% gestegen ten gevolge van de uitstoot van fossiele brandstoffen en ontbossing.
  3. CO2 heeft een opwarmend effect op de atmosfeer.
  4. De waargenomen opwarming kunnen we alleen afdoende verklaren uit de toename van de CO2-concentratie en andere broeikasgassen.
  5. De temperatuurstijging zet door in de toekomst wat leidt tot schadelijke gevolgen.
  6. De belangrijkste remedie is de terugdringing van de uitstoot van broeikasgassen en daarnaast is aanpassing aan klimaatverandering onvermijdelijk.

Ondanks de onzekerheden (die natuurlijk beide kanten opgaan) is het grote plaatje inderdaad vrij helder.