Commissie van The Lancet brengt rapport uit over gezondheid en klimaatverandering

gr2

Een door medisch tijdschrift The Lancet in het leven geroepen commissie publiceerde vorige week zijn rapport (gratis toegankelijk na registratie) over de effecten van klimaatverandering voor de gezondheid. Een uitvoerig rapport dat zich niet zomaar samen laat vatten in een blogpostje. Dat hoeft ook niet, want The Lancet heeft de hoofdpunten zelf al op een rijtje gezet in een video.

Lees verder

To Pause Or Not To Pause

Het zal de meeste volgers van het klimaatnieuws niet zijn ontgaan: NOAA – NCEI (voorheen NCDC) heeft zijn oppervlaktetemperatuur dataset geüpdatet en UAH is druk doende om zijn temperatuurdataset van de lagere troposfeer op basis van satellietdata te updaten. Updaten van datasets is gewoon een onderdeel dat hoort bij de wetenschappelijke vooruitgang.
De nieuwe NOAA data laten zien dat er geen vertraging waar te nemen is in het lange termijn opwarmingssignaal. In versie v6.0-bèta van de UAH data kan men, net als bij de RSS data, weer lijntjes trekken die vanaf het bekende jaar 1998 ongeveer vlak lopen. Daarbij moet men wel de ogen sluiten voor de grotere onzekerheid in de trendbepaling bij de satelliettemperaturen ten opzichte van de oppervlaktetemperaturen en ook de invloed van de enorme piek in de satelliet-temperatuurdata rond 1998 op de trendbepaling negeren. NOAA wordt op sommige websites natuurlijk beschuldigd van manipulatie, terwijl de nieuwe UAH bèta-dataset al vrolijk wordt ingezet om te melden dat ‘global warming has stopped’. Geen verrassingen dus op dat terrein.

De wetenschappelijke beschrijving van NOAA’s update zijn te vinden in een artikel van Karl e.a. in Science (pdf). De grootste wijzigingen zitten in hun oceaan dataset en bestaan bijvoorbeeld uit correcties voor het overstappen van het meten van de temperatuur van zeewater met boeien i.p.v. met schepen. De nieuwe oceaan-dataset heet ERSST version 4.0.0. Men is tevens bezig met het verbeteren van de land-dataset (o.a. meer meetstations) en het artikel van Karl 2015 heeft daar al gebruik van gemaakt. De data die NOAA-NCEI rapporteert t/m mei 2015 zijn vooralsnog gebaseerd op de land-dataset GHCN version 3.0.0 en niet op de nieuwe land-dataset. Zie hier voor een uitleg en links. Interessant is de vergelijking in Karl 2015 tussen de ruwe data en de data met daarin alle correcties, zie figuur 1.

Figuur 1. De temperatuur anomalie zonder correcties (lichtgroen) en met de correcties van NOAA-NCEI (grijs). Bron: figuur 2B uit Karl 2015.

Lees verder

Pauselijke Encycliek ziet klimaatverandering als ethisch-moreel issue

Met de Encycliek Laudato Si heeft Paus Franciscus klimaatverandering duidelijk als een moreel issue gepresenteerd. En terecht: In de kern gaat de maatschappelijke discussie niet over hockeysticks of over andere details van de wetenschap, maar vooral over ethische vragen en andere aspecten van iemands wereldbeeld. Welke waarde hecht je aan de toekomst in relatie tot het heden? Hoe kunnen we het beste de natuurlijke hulpbronnen, de ‘commons’, verdelen onder de mensen die vandaag leven, en delen met toekomstige generaties? Dit zijn de fundamentele vragen die onder de onenigheid over klimaatverandering verborgen zitten, en die meer expliciet bediscussieerd zouden moeten worden. De encycliek zou daar best eens een belangrijke impuls voor kunnen betekenen.

Mondiaal gemiddelde temperatuur t.o.v. preïndustriele tijdperk vanaf de laatste ijstijd tot het heden, en projecties naar de toekomst toe op basis van vier verschillende emissie scenario’s (RCP’s). Grafiek is samengesteld uit verschillende datasets, analoog aan de ‘wheelchair’ grafiek van Jos. Temperatuurranges voor de drempelwaarde waarbij bepaalde ‘tipping points’ worden bereikt zijn aangegeven in de geel-rode balken. Bron: Schellnhuber, Common Ground, artikel behorend bij zijn presentatie op de Vaticaan persconferentie.

Lees verder

De risico’s van hitte en kou

Het is zo’n welles-nietes onderwerp dat met enige regelmaat terugkomt in de blogosfeer: overlijden er nu meer mensen door hitte of door kou? Het is ook een van die onderwerpen waarover een welles-nietes discussie nogal onzinnig is. Daar is het namelijk veel te ingewikkeld voor. Simpelweg heel veel overlijdensaktes onderzoeken op “kou” of “hitte” als doodsoorzaak geeft geen antwoord. Er zijn tal van andere overlijdensoorzaken waar de temperatuur een rol in kan spelen. Bij kou heeft het lichaam meer energie nodig om warm te blijven waardoor bijvoorbeeld het afweersysteem op een lager pitje gaat en infecties een kans kunnen krijgen; hitte kan effect hebben op hart en bloedvaten. Bij kou kan op veel plekken in de wereld gladheid tot ongelukken leiden, bij hitte zoeken mensen het water op met verdrinkingsrisico’s tot gevolg. En er schijnt wel eens aangetoond te zijn dat excessief alcoholgebruik tot de meeste doden leidt bij mooi zomerweer en in de kerstperiode. Zo zijn er ongetwijfeld nog veel meer voorbeelden te vinden van manieren waarop temperatuur invloed kan hebben op overlijdensrisico’s.

In plaats van het doorvlooien van grote aantallen overlijdensaktes is statistisch onderzoek daarom een betere manier om helderheid te krijgen. In de medische wereld spreekt men dan van epidemiologisch onderzoek. Dergelijke onderzoeken zijn in de loop der tijd op verschillende plaatsen in de wereld gedaan. In een recent artikel in The Lancet van Gasparrini et al. (open access) worden de resultaten van een groot aantal onderzoeken gebundeld. De resultaten zijn interessant, maar ze kunnen ook tot nogal wat misverstanden leiden. Het kan geen kwaad om een aantal van die mogelijke misverstanden te bespreken. Lees verder

What’s up met de ijskap van Antarctica?

Soms is het goed om even over je schouder naar het verleden te kijken. Een tijdje terug waren zaken die nu normaal lijken of bekend zijn nog onbekend of abnormaal. Rond de eeuwwisseling bestond bijvoorbeeld een smartphone niet en was whatsapp niet meer dan een verbastering van Bugs Bunny’s “what’s up doc”. Aangaande Antarctica had men in 2001 het idee dat daar voorlopig weinig zou veranderen, zo kun je in het Third Assessment Report van het IPCC namelijk het volgende lezen:
“The Antarctic ice sheet is likely to gain mass because of greater precipitation…”

Dat was dus in de tijd dat niemand verkondigde dat de opwarming van de aarde zogenaamd gestopt zou zijn. Inmiddels is die zin uit het derde IPCC rapport al geruime tijd achterhaald want de Antarctische ijskap verliest massa en niet zo’n beetje ook, circa 160 Gt/jaar over 2010-2013 (zie ook dit blogstuk van Hans). Onderstaande figuur 1, afkomstig uit het laatste IPCC rapport, laat zien dat dit massaverlies aan landijs ongeveer na 2000 duidelijke vormen begon aan te nemen. Daarna volgt een beknopt overzicht van diverse publicaties hierover vanaf begin 2014 die mij zijn opgevallen.

Figuur 1. Het cumulatieve massaverlies (linkeras) en het equivalent in mm zeespiegelstijging (rechteras) van Antarctica vanaf 1991 t/m 2012 (IPCC AR5 figuur 4.16).

Lees verder

Sijpelende twijfel – Beïnvloedt de twijfelcampagne de klimaatwetenschap?

FLICC1

Vijf karakteristieken van wetenschapsontkenning uit de online-cursus Making Sense of Climate Change Denial, (via Twitter).

Wie zich – al dan niet beroepsmatig – bezighoudt met klimaatwetenschap wordt vroeg of laat geconfronteerd met verhalen over dat vakgebied die van buiten de wetenschap komen. Via nieuwsmedia bijvoorbeeld, of via vragen op opmerkingen van familie, vrienden, of kennissen. Veel van die onwetenschappelijke of zelfs anti-wetenschappelijke verhalen komen vanuit de campagne die twijfel probeert te zaaien over de wetenschappelijke inzichten over de menselijke invloed op het klimaat. Let wel, het gaat dan over twijfel aan de wetenschap; dat is iets heel anders dan de altijd aanwezige twijfel in de wetenschap. Beoefenaren en volgers van de klimaatwetenschap ontkomen niet aan de vraag hoe om te gaan met die twijfelverhalen. Sommigen zullen ze liefst zo veel mogelijk negeren, terwijl anderen ervoor kiezen tegengas te geven via bijvoorbeeld blogs, presentaties of opiniestukken. Sommigen specialiseren zich zelfs in dat tegengas geven. Zo iemand is John Cook, oprichter van Skeptical Science. Onder leiding van Cook begon vorige maand bij de University of Queensland de MOOC (massive open online course) “Making Sense of Climate Change Denial”. Via het Youtube kanaal van de cursus zijn de videocolleges, veelal in de vorm van interviews met vooraanstaande wetenschappers, vrij toegankelijk te bekijken.

De meeste klimaatwetenschappers zullen zich zo nu en dan dus afvragen of en hoe ze moeten reageren op niet-wetenschappelijke verhalen over hun vak. Ze zullen daar een (min of meer) bewuste keuze in maken, waarvan ze vinden dat die het verstandigst is of het beste bij hen past. Maar er is meer. Wetenschappers zijn namelijk heel gewone mensen en dus zijn ze, net als iedereen, gevoelig voor goed gevoerde en nadrukkelijk aanwezige PR-campagnes. Lees verder

Open discussie voorjaar 2015

De meteorologische lente is alweer bijna voorbij en de CO2-concentratie heeft een nieuw record bereikt — hoog tijd voor een nieuwe Open Discussie:

Carbon Dioxide in the Atmosphere for the past 800,000 Years

Hier kunnen inhoudelijke discussies over klimaatwetenschap en klimaatverandering worden gevoerd of voortgezet, die niet direct betrekking hebben op een specifiek blogstuk. Reminder: als je voelt dat je in herhaling dreigt te vallen in antwoord op de herhalingen van een mede-discussiant, dan is een “agree to disagree” wellicht het hoogst haalbare en dat is oké.

Eerste Hulp Bij Klimaatverwarring

‘Eerste hulp bij klimaatverwarring’ is de titel van een nieuw boek op het interessante terrein van ons klimaat en dat wij ter commentaar al in hebben mogen zien. Het boek is geschreven door een van onze zuiderburen, Pieter Boussemaere. Pieter is historicus en doceert prehistorie en wereldgeschiedenis aan de Vives Hogeschool, afd. Brugge. Hij leidt daar toekomstige leerkrachten op en ontdekte dat het triest gesteld is met hun klimaatkennis (ook in Nederland een punt van zorg). De huidige aspirant-leerkrachten en hun leerlingen zullen immers veel meer met de gevolgen van klimaatverandering worden geconfronteerd dan de oudere generaties.

Het boek van Pieter Boussemaere biedt een uitgebreid overzicht over wat we weten, de geschiedenis ervan en de bijbehorende onzekerheden. Alles komt voorbij; van temperatuurmetingen en Tyndall tot onze klimaattoekomst, van Keeling tot klimaatontkenners. Het vlot geschreven en mooi geïllustreerde boek is een goede ingang voor mensen die nog onbekend zijn met klimaatopwarming en kan zeker als ‘eerste hulp’ klimaatboek dienen. ‘Klimaatopwarming’ is een term die in het boek veelvuldig wordt gehanteerd, omdat het volgens de schrijver “..de meeste accurate en beknopte omschrijving is voor wat ons te wachten staat..”. Inderdaad.
Lees verder

Kip-en-ei bij CO2 en de temperatuur

Door Jan van Rongen en Jos Hagelaars

IJstijden

De ijstijden zijn fascinerende klimatologische fenomenen. Ze waren in het verleden dan ook vaak een bron van inspiratie voor wetenschappers (zoals Arrhenius) voor gedachten en inzichten over de oorzaken van deze grote klimaatveranderingen. Tijdens een ijstijd waren grote delen van de wereld volledig bedekt met ijs, plekken waar wij nu dorpen en steden hebben gebouwd. Figuur 1 geeft een visualisatie van de ijsbedekking circa 18500 jaar BC, zo te zien zouden we toen zeker elk jaar een Elfstedentocht hebben kunnen rijden.

Figuur 1. Een visualisatie van de ijsbedekking circa 18500 jaar BC. Bron: Zurich University of Applied Sciences (de video is de moeite van het bekijken waard).

Lees verder

Bart en Bart reageren op opiniestuk van Maarten Keulemans over de klimaatenquête

Op de site van De Volkskrant verscheen afgelopen vrijdag een antwoord van Bart Strengers en Bart Verheggen op een opiniestuk van Maarten Keulemans van eerder in de week. Dat stukje van Keulemans kende een voorgeschiedenis. Het begon op Twitter. Daar meldde Keulemans dat hij het artikel over de PBL enquête van juli vorig jaar had gevonden en dat hij het maar onzin vond. Al snel bleek het voor Keulemans allemaal om de antwoorden op één van de 19 vragen te gaan; de weergave daarvan in het artikel kan worden gezien als een zweempje van kritiek op de mondiale media. Meer of minder diplomatiek geformuleerde tegenargumenten van enkelen van ons wilden er niet in bij Keulemans. Integendeel, binnen de kortste keren was er geen houden meer aan; beschuldigingen van fraude en belangenverstrengeling, kreten als “pseudowetenschap” en “klimaatactivisten”, een juichtweet over een citaat uit een commentaar op het artikel dat vol stond met complottheorieën (zie hier het antwoord op dat commentaar), het kwam allemaal voorbij alsof het niks was.

es-2014-01998e_0009

Het hete hangijzer: geënquêteerden die de menselijke invloed op het klimaat laag inschatten geven aan relatief vaak in de media op te treden

Als er al eens iets inhoudelijks kwam van Keulemans dan was de kwaliteit al niet veel beter, zoals het stuk van Bart en Bart laat zien. Al had hij, eerlijk is eerlijk, op één punt niet helemaal ongelijk. Bij de openingszin van het artikel, die zegt dat de publieke opinie verdeeld is over de menselijke invloed op het veranderende klimaat, staat maar één referentie, en wel naar een onderzoek dat zich uitsluitend op Amerika richt. Dat is wat mager. Deze Wikipedia pagina laat zien dat er heel wat meer informatie beschikbaar is; informatie waaruit blijkt dat die verdeeldheid ook in andere landen bestaat, niet het minst in Nederland. De mediaberichtgeving, en de zogenaamde “false balance” daarin, is ook onderzocht. Bijvoorbeeld door Max Boykoff, maar ook in Nederland, door het Rathenau instituut. Volgens dit onderzoek wordt in de Nederlandse media de mainstream wetenschappelijke visie 2,5 keer zo vaak genoemd als de zogenaamd sceptische visie, terwijl de verhouding in de wetenschap ongeveer 9:1 is. Dit is consistent met de conclusie uit de klimaatenquête hierover. Hoe dan ook, wat extra referenties hadden hier geen kwaad gekund. Maar laat ook duidelijk zijn dat dit de inleiding van het artikel betreft, waarin de achtergronden van het onderzoek worden geschetst, en dat het allemaal geen enkele invloed op de resultaten en de conclusies heeft. Lees verder