De sceptische top 10 of: waarom klimaatsceptici ongeloofwaardig zijn (3)

Gastblogger Hans Custers behandelt “De 10 redenen waarom er geen klimaatcatastrofe komt” van Climategate.nl

“3. Het enige “fundamentele bewijs” dat klimaatmodellen leveren is dat hun instituten meer geld nodig hebben”

De obligate kritiek van klimaatsceptici op modellen is overbekend. Die kritiek is zonder uitzondering vaag en oppervlakkig. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit één klimaatsceptisch verhaal heb gezien dat ook maar één concrete fout of onnauwkeurigheid in de modellen wist aan te wijzen. Laat staan dat men constructief is en met voorstellen voor verbeteringen komt. Je zou bijna gaan denken dat die sceptici helemaal niet weten hoe die modellen precies in elkaar zitten, of hoe ze precies worden gebruikt.

Vaak komt het er op neer dat ze vinden dat het gebruik van modellen in het algemeen en computermodellen in het bijzonder geen “echte wetenschap” zou zijn. Laten we eens bij de bron van alle wijsheid, Wikipedia, kijken wat een wetenschappelijk model precies is: “In een wetenschappelijke of technische context is een model een vereenvoudigde voorstelling, beschrijving of nabootsing van (een deel van) de werkelijkheid.” Een formule – volgens nogal wat mensen het summum van wetenschap – is volgens deze definitie een model. En als we die formule in een spreadsheet zetten hebben we een computermodel! Dat er iets principieel mis zou zijn met het gebruik van modellen is dus niet zo’n sterk argument.

Er is nog een veel voorkomend misverstand: dat de modellen bedoeld zijn om het klimaat te voorspellen. Dat is niet het geval. De modellen laten zien wat de invloed van verschillende factoren is op het klimaat, en dus ook van veranderingen in deze factoren. Maar geen enkele klimatoloog zal beweren dat hij al die factoren jaren of zelfs decennia vooruit kan voorspellen. Sterker nog, prognoses van bijvoorbeeld de zonne-activiteit, vulkanische activiteit en zelfs broeikasgasemissies vallen helemaal niet onder het vakgebied van de klimaatwetenschap. Dat is het werk van astronomen en astrofysici, vulkanologen en geologen, economen en ingenieurs. Het IPCC heeft het om deze reden in zijn rapporten over projecties in plaats van voorspellingen. Die projecties geven de te verwachten invloed van een toename van broeikasgassen in de atmosfeer aan, volgens een aantal scenario’s. Niets meer, niets minder. Lees verder

Open discussie December

Voor klimaatgerelateerde discussies die niet onderwerp zijn van een recente blogpost.

De sceptische top 10 of: waarom klimaatsceptici ongeloofwaardig zijn (2)

Gastblogger Hans Custers behandelt “De 10 redenen waarom er geen klimaatcatastrofe komt” van Climategate.nl

“2. Behalve de periode 1975-1998 is er geen periode in de geschiedenis waarin CO2-concentratie en temperatuur ook maar enig verband vertonen”

Een denkfout die klimaatsceptici vaak lijken te maken is deze: als CO2 invloed heeft op de temperatuur, dan moet de temperatuur de CO2-concentratie precies volgen. Dat is natuurlijk niet waar, want er zijn ook andere factoren die invloed hebben. Alle metingen laten zien dat de aarde nu al zeker een eeuw steeds warmer wordt, terwijl ook de hoeveelheid broeikasgassen in die periode toeneemt. (Wat overigens weer niet betekent dat het toegenomen broeikaseffect de enige oorzaak is van die temperatuurstijging; correlatie zegt niets over oorzaak en gevolg.) De temperatuur zal een geleidelijke toename van broeikasgassen zelden of nooit in één soepele lijn volgen, omdat in korte periodes andere factoren een grotere invloed hebben. Precies zoals de wetenschap dat verwacht op basis van vrij eenvoudige statistische analyses. Sinds de jaren zeventig is elk decennium warmer dan het voorafgaande,en vooralsnog is er niets dat er op wijst dat dat zal veranderen in het decennium waarin we nu leven.

bjefgcaf

Gemiddelde temperatuur per decennium sinds 1900 voor 5 verschillende datasets

Lees verder

IPCC AR5 concept gelekt – invloed van zon op opwarming nog steeds minimaal

Het is intussen bij de fervente blog-lezers wel bekend dat het concept IPCC rapport naar buiten is gebracht door een skeptische “expert reviewer”, Alec Rawls.

Dit is tegen de uitdrukkelijke afspraak in die elke “expert reviewer” aangaat door zich als zodanig in te schrijven (en vrijwel iedereen die dat wil kan dat, dus aan de titel “expert reviewer” moet niet al te zwaar getild worden).

Rawls beweert dat volgens het nieuwe IPCC rapport (werkgroep 1 van AR5) de zon een grotere invloed zou hebben op het klimaat. De skeptische blog WUWT noemt het een

game-changing admission of enhanced solar forcing

Dit is tegengesteld aan wat er in het concept-rapport staat te lezen, namelijk dat de klimaatforcering door de zon naar beneden is bijgesteld. Wat Rawls en Watts bedoelen is echter dat het effect van de zon zou worden versterkt door kosmische straling. Dat wordt in hoofdstuk 7 besproken, en inderdaad zijn er intussen voorzichtige aanwijzingen dat kosmische straling kan bijdragen aan de vorming van aerosolen, microscopisch kleine deeltjes in de lucht (“fijn stof”). Maar dan ben je nog mijlenver verwijderd van een eventueel effect op het mondiale klimaat (zie bijv mijn beschrijving van de verschillende stappen in dat proces).

De zin die niet werd geciteerd door Rawls c.s., maar wel in de conceptversie staat, gaat over de ordegrootte van de amplificatie. Er wordt geschreven dat (via Ben Lankamp):

Hoewel alle studies een aantoonbare fysische relatie tussen kosmische straling en wolkencondensatiedeeltjes (CCN) vinden, lijkt de reactie te zwak om enig significant stralingseffect te hebben, omdat het mechanisme niet in staat is om de mondiale concentratie van deze deeltjes te beïnvloeden.

En

kosmische straling kan bijdragen aan aerosolvorming in de vrije troposfeer, maar het effect is te zwak om enige invloed te hebben op het klimaat tijdens de zonnecyclus of gedurende de laatste eeuw. (…) Er is geen robuuste associatie tussen kosmische straling en bewolkingsgraad geïdentificeerd.

Ben Lankamp vat het als volgt samen: Ja, er zijn meer manieren waarop de zon invloed heeft op de atmosfeer op aarde dan alleen via ‘gewone’ straling, maar nee, de kwantitatieve invloed van de zon op moderne klimaatverandering wordt niet groter ingeschat dan in eerdere rapporten.

Elders in het concept rapport wordt geconcludeerd dat het “extreem onwaarschijnlijk” is dat de bijdrage van de zon aan de opwarming sinds 1950 groter zou zijn dan die van broeikasgassen.

Voor verdere berichtgeving (in het Engels) hierover, zie bijv SkS en ABC (goed interview met een van de hoofdauteurs van het bewuste hoofdstuk). Over de invloed van de zon op het klimaat, zie bijv de (Nederlandstalige) gastblog van Jos Hagelaars of mijn eerdere Engelstalige zonneblog. De invloed van de zon zal ook nog uitgebreid aan bod komen in de skeptische top-10 van Hans Custers – nog even geduld voor deel 4, 8 en 9.

Het IPCC heeft een statement uitgebracht over het naar buiten gebrachte concept, waarin o.a. wordt benadrukt dat het om een concept gaat (en dus nog kan en zal veranderen). Over de voors en tegens van het vertrouwelijk proberen te houden van de concept teksten wordt intussen ook weer hevig gediscussieerd. Het lijkt in ieder geval schier onmogelijk om met een zo massaal en open review proces de vertrouwlijkheid te waarborgen (AR4 werd ook voortijdig gelekt). Dat vormt dus een dilemma in het licht van de op zich goede redenen om het schrijfproces (en dus ook de review) in relatieve rust te kunnen uitvoeren.

De sceptische top 10 of: waarom klimaatsceptici ongeloofwaardig zijn (1)

Gastblogger Hans Custers behandelt “De 10 redenen waarom er geen klimaatcatastrofe komt” van Climategate.nl

“1. Warme tijden zijn in het verleden altijd de betere geweest voor mens, dier en plant (Holocene Climate Optimum, Minoïsch Optimum, Romeins Optimum, Middeleeuws Optimum) en de koude fasen rampzalig (Kleine IJstijd 1350-1850)”

We beginnen meteen maar bij het onderwerp waarover discussies op blogs altijd oeverloos uit de hand lopen: paleoklimatologie. Ofwel: temperatuur­reconstructies, op basis van zogenaamde proxies zoals ijsboringen, sedimenten, boomringen, gletsjers en historische documenten. Al die proxies bij elkaar, en het zijn er inmiddels behoorlijk wat, leveren het beeld op van een wereld die nu warmer is dan hij in millennia is geweest. Veel sceptici bestrijden dit en daar kan ik me nog wel wat bij voorstellen. Bij historische onderzoeken die zo ver teruggaan in de tijd is het altijd een beetje behelpen: het vinden van aanwijzingen die informatie geven is al een hele klus en de interpretatie van die aanwijzingen is ook nooit eenvoudig. Elk type proxy heeft zo zijn eigenaardigheden en onzekerheden, wat tot een paradoxale situatie leidt: hoe meer informatie er is in de vorm van verschillende soorten proxies, hoe meer aangrijpingspunten er zijn voor kritiek. De realiteit is natuurlijk dat meer informatie meer zekerheid oplevert zolang alles min of meer dezelfde kant op wijst; ook als elke individuele proxy zijn onzekerheden heeft.

Er is één grote complicatie. De reconstructies plaatsen niet alleen het huidige klimaat in een historische context, ze laten ook zien dat kleine variaties in het klimaat niet zo uitzonderlijk zijn. En dat past dan weer uitstekend in het klimaatsceptische gedachtegoed. Dat zulke natuurlijke variaties voorkomen wordt overigens algemeen geaccepteerd, maar het hoeft allerminst te betekenen dat de huidige hoge temperaturen ook een natuurlijke oorzaak hebben. Een maatschappij zoals de onze, die op grote schaal fossiele brandstoffen gebruikt is nooit eerder voorgekomen; in dat opzicht gaat elke historische vergelijking mank. Lees verder

De sceptische top 10 of: waarom klimaatsceptici ongeloofwaardig zijn (proloog)

Gastblog door Hans Custers

Alweer een jaar of twee geleden deed ik, in een discussie met een van de bekende Nederlandse klimaatsceptici een voorstel: “Als jullie, de sceptici, nu eens met een lijstje komen van de belangrijkste argumenten waarom de klimaatwetenschap het mis heeft, dan kunnen we die argumenten daarna eens één voor één onder de loep nemen.” Eerlijk gezegd verwachtte ik destijds al geen groot enthousiasme bij de sceptici, en dat kwam er dan ook niet. Klimaatsceptici houden niet zo van het verdedigen van hun argumenten. Ze zijn er ook niet zo goed in. Ze kiezen liever voor de aanval, met een min of meer vast repertoire aan stellingen en beschuldigingen. De weerleggingen van al die argumenten zijn ook bekend (Skeptikal Science heeft ze verzameld, inclusief Nederlandse vertaling; het Nederlandse Klimaatportaal dekt de belangrijkste ook af), maar wanneer een klimaatscepticus daarmee geconfronteerd wordt, haalt hij gewoon weer wat nieuwe argumenten boven uit het standaardrepertoire. Ofwel: de klimaatscepticus is geneigd de inhoudelijke discussie over zijn argumenten te ontwijken, in plaats van die te voeren.

Onlangs hoorde ik dat Climategate.nl enkele weken geleden een top 10 van hun favoriete argumenten had gepubliceerd. Hieronder de lijst.

De 10 redenen waarom er geen klimaatcatastrofe komt

  1. Warme tijden zijn in het verleden altijd de betere geweest voor mens, dier en plant (Holocene Climate Optimum, Minoïsch Optimum, Romeins Optimum, Middeleeuws Optimum) en de koude fasen rampzalig (Kleine IJstijd 1350-1850)
  2. Behalve de periode 1975-1998 is er geen periode in de geschiedenis waarin CO2-concentratie en temperatuur ook maar enig verband vertonen
  3. Het enige “fundamentele bewijs” dat klimaatmodellen leveren is dat hun insituten meer geld nodig hebben
  4. Er is een stortvloed aan recent onderzoek dat wijst op een hele kleine rol van CO2 en een hele grote van zon en oceanen
  5. 3x meer CO2 in de lucht is optimaal voor vergroening en meer landbouwopbrengst en biodiversiteit
  6. Sinds de super El Ninjo van 1998 stijgt de wereldtemperatuur niet meer
  7. De zon was in de tweede helft van de 20e eeuw actiever dan in duizenden jaren daarvoor en het is logisch dat de temperatuurstijging daarna nog een tijdje doorgaat
  8. Sinds 2007 is de zon geleidelijk aan het inslapen en krijgen we vanaf 2013 volgens Prof. De Jager een Dalton minimum (koude fase uit kleine ijstijd) en volgens anderen zelfs een bitterkoude herhaling van het Maunder minimum
  9. Onderzoek van Bas van Geel levert keihard bewijs voor de extreme gevoeligheid van het klimaat voor veranderingen van de zon
  10. Wiens brood men eet diens woord men spreekt ofwel follow the money

Lees verder

Maarten Keulemans over ClimateDialogue

Maarten Keulemans had verleden week week twee stukjes in de Volkskrant over ClimateDialogue, het nieuwe discussieplatform over klimaatwetenschap waar veel over te doen is in de blogosfeer. De laatste van die twee geeft een aardig beeld van de verhitte discussie erover:

‘absurd’ en ‘volstrekt onnodig’, reageerden diverse experts. De wetenschap heeft immers al plaatsen waar klimaatonderzoekers met elkaar kunnen discussiëren: in vaktijdschriften en op congressen.

(…)

de site mocht eens de verkeerde indruk wekken: alsof de wetenschap diep verdeeld is over de vraag of de aarde wel opwarmt. Of dat de waarheid ergens in het midden zou liggen. In werkelijkheid ligt het wetenschappelijke gelijk vooral aan de kant van het IPCC: zo is boven iedere wetenschappelijke twijfel verheven dat de aarde opwarmt door menselijk uitgestoten CO2. Het zijn dan ook vooral onderzoekers van de gevestigde orde – en belanghebbenden uit de opbloeiende duurzaamheidsindustrie – die zich verzetten tegen het idee.

De gevestigde orde onderschat echter één ding. De klimatologie is, vooral in de jaren rond de eeuwwisseling, sterk gepolitiseerd geraakt. Direct om de hoek liggen kolossale belangen, en woedt de culturele strijd tussen twee diametraal tegengestelde levensstijlen – die van overconsumptie en goedkope, fossiele energie aan de ene kant, en die van matiging, duurzaamheid en aandacht voor het milieu aan de andere.

Daar heeft hij een goed punt (al schrijft hij de grotendeels terechte bezwaren tegen de “false balance” die op de loer ligt wel wat gekscherend weg). Maar het is inderdaad vooral de ver doorgevoerde polarisatie die juist voor de mainstream wetenschap heel verkeerd uitpakt.  ClimateDialogue heeft nu juist de opzet om te de-polariseren.

Het eerdere stukje van Keulemans  was meer tendentieus. Hij noemde ClimateDialogue een “polderakkoord”, alsof wetenschap een kwestie van geven en nemen is (terwijl het natuurlijk om de sterkte van de argumentatie gaat).  Ook poneerde hij een tegenstelling tussen twee extreme standpunten (‘sceptici’ en ‘alarmisten’ of ‘opwarmers’), en maakte hij nauwelijks woorden vuil aan het gros van de wetenschap(pers), die zich ergens in het midden van dat spectrum bevindt. Dat geeft een vertekend beeld van het wetenschappelijk debat. De relatief kleine groep wetenschappers die van mening is dat de mens nauwelijks bijdraagt aan de opwarming (‘sceptici’) heeft wel disproportioneel veel invloed op het publieke en het politieke debat, daarin gevoed door de gewillige media. De groep die door Keulemans als ‘alarmisten’ werd weggezet is nog kleiner; er zijn maar weinig wetenschappers die denken dat de klimaatgevoeligheid meer dan 5 graden per CO2 verdubbeling is. Het inzoomen op (en overdrijven van) de tegenstelling is natuurlijk een manier om de lezer te prikkelen, maar vanuit het oogpunt de lezer te willen informeren over de wetenschappelijke denkbeelden vind ik het een gemiste kans.

Mede-blogger Jos Hagelaars heeft een ingezonden brief geplaatst gekregen in de Volkskrant, waarin hij op Maarten Keulemans reageert. Ik geef het hieronder integraal weer:

Er zou een ‘polderakkoord’ in de klimaatwetenschap gesloten zijn, schreef Maarten Keulemans afgelopen zaterdag in Ten Eerste. De aanleiding: de start van een nieuwe discussiewebsite waar wetenschappers waar de klimaatwetenschap besproken wordt, waarbij ook wetenschappers worden uitgenodigd met een mening die afwijkt van de wetenschappelijke consensus.

Keulemans laat voornamelijk Marcel Crok (die wetenschappelijk gezien een extreem standpunt vertegenwoordigt) aan het woord met daarnaast een curieuze opsomming ‘splijtzwammen’, waar vertekende meningen van zogenaamde ‘sceptici’ en ‘opwarmers’ tegenover elkaar geplaatst worden. Keulemans wekt de indruk dat er binnen de klimaatwetenschap grote discussies zouden zijn over de hoofdlijnen van de klimaatwetenschap. De term “polderakkoord” doet vermoeden dat twee even grote partijen met elkaar in overleg gaan, waarbij de lezer wellicht denkt dat de waarheid in het midden zal liggen. Niets is minder waar.

97% van de klimaatwetenschappers heeft over de hoofdlijnen eenzelfde opvatting over de invloed van diverse factoren op het klimaat, waaronder CO2. De volledige breedte van de stand van zaken in de klimaatwetenschap wordt regelmatig samengevat door het IPCC. Het aantal klimaatwetenschappers dat daar kanttekeningen bij plaatst is bijzonder klein, maar nuttig. Een wetenschappelijke theorie moet immers elke toets der kritiek kunnen doorstaan.

Dit kleine aantal staat in schril contrast met de talloze ‘pseudo-sceptische’ blogsites waar de meest wilde hypothesen worden opgeworpen over het klimaat met één gemene deler: dat de mens kan geen invloed zou kunnen hebben op het klimaat. In de klimaatwetenschap zijn er niet twee even grote groepen met tegengestelde meningen over de oorzaken van klimaatverandering en de waarheid ligt zeker niet in het midden.

Nieuw wetenschappelijk discussieplatform ClimateDialogue.org

Een uniek discussieplatform over klimaatverandering is net van start gegaan: ClimateDialogue. Het unieke zit ‘m enerzijds in de organisatie achter het blog: Het is opgezet door een samenwerkingsverband van KNMI (Rob van Dorland), PBL (Bart Strengers) en Marcel Crok (wetenschapsjournalist), oftewel een samenwerking tussen tussen mainstreamers  en sceptici. Daarnaast is ook de opzet van het blog uniek: Het doel is om in alle openheid een inhoudelijke discussie te faciliteren tussen experts met verschillende wetenschappelijke inzichten. Nu vindt er natuurlijk continue discussie plaats tussen wetenschappers (bijv op conferenties, workshops en in de wetenschappelijke literatuur), maar die is vaak niet direct toegankelijk voor het grote publiek. Daarnaast proberen we op dit blog in te zoomen op de hete hangijzers uit het publieke debat, die weliswaar in de reguliere wetenschappelijke  discussie ook een rol spelen, maar die daarin te midden van de vele andere issues niet altijd even prominent zichtbaar zijn. Bovendien wordt op ClimateDialogue, naast ‘mainstream’ wetenschappers ook  aan ‘sceptische’ wetenschappers gevraagd deel te nemen aan de discussie, van wie de perceptie bestaat dat zij er in de reguliere wetenschappelijke fora bekaaid van af komen (in de perceptie van sommigen door uitsluiting, in de perceptie van anderen doordat ze zichzelf afzonderen).

Het wetenschappelijke debat wordt gekenmerkt door een spectrum aan inzichten. Bij ClimateDialogue worden wetenschappers uitgenodigd  die het sterk met elkaar oneens zijn, dus we gaan op zoek naar de extremen en de grote verschillen. Het heeft dus expliciet niet de pretentie om daarmee een representatief beeld te schetsen van (het volle spectrum van) de wetenschappelijke discussie. Het idee is veeleer dat een dergelijke discussie tegenwicht kan bieden aan de toenemende polarisatie tussen ‘sceptici’ en ‘mainstreamers’. Idealiter leiden deze discussies tot meer helderheid over waar men het eigenlijk met elkaar over oneens is, waarover misschien juist wel, en wat de achtergronden en oorzaken zijn van de (on)enigheid.

Op diverse Internationale blogs zal deze week een gastblog over ClimateDialogue verschijnen. Deze is ook te vinden op mijn Engelstalige klimaatblog. Naast de drie bovengenoemde trekkers van het initiatief kijken er een zevental mensen over hun schouders mee als leden van een adviesraad. Disclaimer: Tot augustus dit jaar was ik betrokken bij de voorbereiding van het initiatief; nu heb ik zitting in de adviesraad.

Dit blog vloeit voort uit de motie Nepperus, waarin werd aangedrongen “dat ook klimaatsceptici bij vervolgstudies worden betrokken”. Ik vind het een mooi initiatief: De inhoudelijke geschilpunten blootleggen in een publiekelijk toegankelijk forum is heel nuttig. Het kan tot de nodige duidelijkheid en –misschien nog belangrijker- depolarisatie leiden, en dat kan het (publieke en wetenschappelijke) debat alleen maar ten goede komen. Er zitten echter ook risico’s aan een dergelijk project: De perceptie kan ermee gevoed worden dat de wetenschappelijke discussie door twee (gelijkwaardige) ‘kampen’ gedomineerd word (wat tot een ‘false balance’ leidt), of dat de mainstream wetenschap een monolithische eenheidsworst zou zijn (terwijl er in werkelijkheid ook binnen de mainstream continue discussie is en er een grote variatie aan inzichten is, maar dan vooral over details). Oftewel, het risico zit ‘m in de framing en de perceptie  van het project, en voor welke ideologische karretjes het gespannen zou kunnen worden. De discussies op de site zelf lijken me voornamelijk leuk, leerzaam en nuttig. Daarbij is de inbreng van goede wetenschappers natuurlijk wel een voorwaarde om het platform tot een succes te maken. Aarzel dus niet om contact op te nemen (met info [at] climatedialogue [dot] org of met mijzelf) als je je aangesproken voelt en niet bang bent voor een gemodereerd publiek debat!

De wetenschap versus de weergoden

Gast-blog van Hans Custers: Reactie van de Weergoden op NRC column van Louise Fresco

Geachte mevrouw Fresco,

Bij deze betonen wij u onze erkentelijkheid voor de brief die u namens ons schreef in het NRC van 8 november. Wij kunnen wel een steuntje in de rug gebruiken. Onze macht is immers al eeuwen tanende. Met weemoed denken we terug aan de tijd dat een beetje bliksem en donder voldoende was om de mensen bevend van angst op hun knieën te krijgen. En toen moesten jullie zo nodig beginnen met de Verlichting, met wetenschappers die deze verschijnselen rationeel gingen onderzoeken. Voor we het goed en wel wisten werd het eerste beetje opgedane inzicht al gebruikt om een bliksemafleider te ontwikkelen. Het volk schoot ons nog even te hulp. Het idee dat men dit machtige verschijnsel kon begrijpen was zo pretentieus, de pogingen om het zelfs de beheersen waren zo arrogant, daar moest de Satan wel achter zitten. Daarom kregen de eerste bliksemafleiders gewapende bewaking  De afloop kennen we. Zo nu en dan weten we nog wel eens wat te raken, maar veel lol is er niet meer aan. En we kunnen nog wat kinderen, huisdieren en een enkele volwassene de stuipen of het lijf jagen, maar van dat diepe, heilige ontzag is niets meer over.

En dat was nog maar het begin. Daarna kwamen degenen die zich meteorologen zijn gaan noemen. Het begon vrij onschuldig met waarnemen, meten en beschrijven, maar dat ging al snel over in analyseren en verklaren. Zo werd ons, beetje bij beetje, het wapen van de verrassing ontnomen. De pretenties van iemand als Buys Ballot, die ondanks alle wantrouwen doorging met zijn arrogante nieuwlichterij, die de regering zelfs wist te bewegen tot de oprichting van het KNMI, die hoogmoed heeft ons gezag ernstig ondermijnd. Wat we ook proberen, jullie doorzien onze plannen steeds beter, en steeds langer van tevoren. Ons rest slechts brute kracht; daar kunnen we zo nu en dan nog wel indruk mee maken. Maar wat is er in anderhalve eeuw tijd veel verloren gegaan.

Het klimaat is ons laatste bastion. De wetenschap heeft forse bressen geslagen, maar gelukkig is er nog een klein groepje getrouwen dat dapper standhoudt. We zijn dankbaar voor die steun, laat daar geen misverstand over bestaan, maar we moeten met leedwezen constateren dat de geschiedenis zich herhaalt. Weer zien we verwijten van hoogmoed aan het adres van de wetenschap, en weer zien we dat die wetenschap gewoon doorgaat en ons in rap tempo onze laatste geheimen ontfutselt. Als we verder proberen te kijken dan onze goddelijke neuzen lang zijn, vragen we ons wel eens af: Is het niet nog veel hoogmoediger om anderen arrogantie en pretenties te verwijten, als je niet voldoende kennis van hun wetenschap hebt om die werkelijk te kunnen beoordelen?

Mevrouw Fresco, op dit punt gekomen moeten we maar eens open kaart spelen. Als we diep in onze ziel kijken weten we al heel, heel lang dat onze macht helemaal niet tanende is. We hebben helemaal nooit macht gehad. We zijn altijd willoos overgeleverd geweest aan de regels van hemel en aarde: de natuurwetten. We hebben ons bestaansrecht altijd te danken gehad aan de illusie dat er iets hogers, iets ongrijpbaars en onbegrijpbaars zou zijn. U, de Verlichte mens, heeft ons dat bestaansrecht ontnomen. Uw ratio ontkent ons, maar ergens diep daaronder blijft een instinctief verlangen naar dat hogere, ongrijpbare en onbegrijpbare aanwezig. Zelfs het rationele besef dat dit verlangen in de loop van de evolutie van de mens is ontstaan, brengt het niet volledig onder controle. Dat de wetenschap er steeds weer in slaagt om het hogere, ongrijpbare en onbegrijpbare te bestuderen, te beschrijven, te analyseren en uiteindelijk te doorgronden kan daardoor soms ontnuchterend zijn. Maar de wetenschap demystificeert niet alles, ze werpt ook steeds weer nieuwe, nog mooiere, nog minder grijpbare en begrijpbare raadsels op. Misschien is dat een troostrijke gedachte.

De Weergoden.

Reactie op de “blunders” van Rypke Zeilmaker

Rypke Zeilmaker had vorige week een artikel in Het Parool waarin hij de ‘vijf grootste blunders van zowel klimaatalarmisten als klimaatsceptici’ poogt te beschrijven. Door zowel (milde) kritiek richting klimaatsceptici als (scherpe en veelal incorrecte) kritiek richting de mainstream wetenschap te benoemen, probeert hij zich in het midden van het debat te positioneren. Ook probeert hij het zogenaamde midden te herdefiniëren door sceptische wetenschappers als ‘échte klimaatpuristen’ te bestempelen, in tegenstelling tot diens zogenaamd ‘alarmistische’ collega’s (waarvan hij de mainstream beticht). De zogenaamd gebalanceerde houding die Rypke Zeilmaker in dit Parool stuk aanneemt staat in schril contrast tot zijn mening over klimaatwetenschap, die ver van de gangbare opvattingen is verwijderd.

Bart Strengers van PBL en Jan Wuite, als glacioloog werkzaam in Oostenrijk, hebben een reactie naar het Parool opgestuurd, die helaas niet is geplaatst. Deze reactie is blijkbaar door het Parool wel naar Rypke Zeilmaker doorgespeeld. Op zich niet onredelijk, aangezien het een reactie op Rypke’s stuk betrof. Rypke heeft deze reactie op climategate.nl gezet, nog voordat bekend was of het stuk geplaatst zou gaan worden. Hij had dit vooraf aan Bart Strengers gemeld, maar die mail bereikte Bart pas toen het stuk al op climategate stond. Het is al met al een aparte gang van zaken om een niet-gepubliceerd stuk van je antagonisten, dat jou in vertrouwelijkheid is toegezonden, op je eigen webstek te plaatsen zonder toestemming van de schrijvers. Het zou aan de auteurs moeten zijn of en hoe zij dat alsnog in de openbaarheid willen brengen.

De reactie van Strengers en Wuite is nu ook op de PBL website gepubliceerd, en ik neem het hier –met toestemming van de auteurs- integraal over (hyperlinks door mij toegevoegd). Er is na publicatie een addendum toegevoegd: Rypke Zeilmaker heeft aangegeven dat het Parool wijzigingen heeft doorgevoerd in zijn artikel zonder dat ze dit met hem hadden gecheckt. Zo is de fout over de 0,8 graden per jaar niet van zijn hand en is het stukje over ijsberen ook van iemand anders. De reactie van Strengers en Wuite is gericht op het stuk zoals het in het Parool verscheen, maar natuurlijk wordt niemand graag achtervolgd door misquotes of door fouten die hem niet aan te rekenen zijn.

Lees verder