Atsma’s reactie na ontvangst van Staat van het Klimaat 2010

Atsma heeft vanmiddag de Staat van het Klimaat 2010 in ontvangst genomen, en zal het “met genoegen en vooral met interesse” lezen. Na een tweetal presentaties van auteurs nam hij ook nog even het woord. Een aantal dingen uit zijn speech licht ik er even uit (met mijn commentaar tussen vierkante haken):

  • Hij gaf aan dat de Staat in een behoefte voorziet van politici en beleidsmakers om op de hoogte te worden gehouden van de wetenschappelijke kennis als basis voor beleid.
  • De opwarming zelf in twijfel trekken noemde hij een “achterhoedegevecht”. Over de rol van de mens daarin kan wel gediscussieerd worden, zei hij. [Terwijl ik denk dat ook dat tweede wel duidelijk is, al geldt bij allebei natuurlijk dat de mate waarin nooit met 100% zekerheid zal kunnen worden vastgesteld.]
  • Als doelgroepen van de Staat werden genoemd politici, beleidsmakers en het publiek. Atsma zou daar graag ook het bedrijfsleven onder scharen. [Mee eens]
  • Hij ziet graag dat wetenschappers het gesprek aangaan met sceptici, in plaats van in een “bunkermentaliteit” elkaar te bevechten. Volgens hem kan dat helpen om erachter te komen hoe het zit. [Met het eerste gedeelte ben ik het eens. Over het tweede ben ik vooralsnog sceptisch, omdat ik ook na vele discussies met sceptici daar nog nauwelijks voorbeelden van heb gezien.]
  • In het Europese politieke speelveld hecht hij groot belang aan eenheid: Het is belangrijker om het als EU-27 met elkaar eens te zijn (bijv. over de reductiedoelstelling voor 2020), dan het beste jongetje van de klas te willen zijn ten koste van die eenheid. Ban Ki Moon had tijdens de klimaattop in Cancun blijkbaar gezegd hoe belangrijk het voor de onderhandelingen was om als EU één blok te blijven vormen. [Op zich vind ik dit een redelijke en pragmatische redenering. De andere kant van de zaak is dat als de zwakste schakel beslissend is, de nodige veranderingen wellicht niet of te laat van de grond zullen komen.]
  • Hij zei dat de emissiereductie sinds 2009 niet vanzelf ging, maar erop wijst dat we goed bezig zijn. [Terwijl die reductie wel “vanzelf” ging, in de zin dat die direct samenhing met de economische crisis. De emissies zijn sindsdien weer aan het aantrekken. Dit wordt besproken in hoofdstuk 3 van de Staat]

Al met al etaleerde Atsma een gezonde no-nonsense mentaliteit. Het belang dat hij hecht aan een dialoog tussen wetenschappers en de maatschappij (waaronder politici, beleidsmakers, bedrijfsleven, NGO’s, sceptici, burgers) onderstreept het belang van een overkoepelend orgaan als het Platform Communication on Climate Change (PCCC).

Staatssecretaris Atsma ontvangt ‘Staat van het Klimaat 2010’

Turbulent jaar voor klimaat en wetenschap

Staatssecretaris Atsma van Milieu ontving vandaag het eerste exemplaar van de ‘Staat van het Klimaat 2010’. De publicatie geeft een overzicht van relevante ontwikkelingen op het gebied van klimaat en energie in het afgelopen jaar. Het is een uitgave van de onderzoeksinstellingen die samenwerken binnen het PCCC*.

Het jaar 2010 was turbulent voor de zowel de klimaatwetenschap als het klimaat zelf.

Koud hier, warm elders

We hadden te maken met een bijzondere paradox. Nederland beleefde het koudste jaar sinds 1996. De maand december was zelfs de koudste decembermaand sinds 40 jaar. Sommigen zien dit als een aanleiding om de opwarming van de aarde in twijfel te trekken. Wereldwijd was het echter één van de warmste jaren sinds 1850. Vanwege de luchtstroming (“Arctische Oscillatie”) ging de relatieve koude in Europa gepaard met relatieve warmte in het Arctische gebied en Noord Canada.

Extreem weer

Het jaar 2010 kende een aantal extreme weersgebeurtenissen en de gevolgen daarvan. Zo liep 20 procent van Pakistan onder water; ongeveer 20 miljoen mensen werden getroffen. Ook China kampte met overstromingen en dodelijke modderstromen. Terwijl Rusland de heetste zomer sinds het begin van de metingen beleefde, had Midden-Europa te maken met zware regenval.

Deze rampen en extremen zijn niet eenduidig terug te voeren op klimaatverandering. Afwijkingen in temperatuur en neerslag horen bij de grillen van de natuur. Wel zijn de gebeurtenissen meteorologisch gezien zeldzaam. Naar verwachting neemt de kans op hittegolven en extreme neerslaghoeveelheden toe als gevolg van het versterkte broeikaseffect.

Polarisatie van het klimaatdebat

Daarnaast was er ophef door de inhoud van openbaar gemaakte e-mails van de Climate Research Unit in Engeland. Ook werden enkele fouten in het laatste IPCC rapport aan het licht. Deze gebeurtenissen leidden tot twijfel over de juistheid van inhoud van IPCC rapportages, maar ook over de integriteit van klimaatonderzoekers zelf. Het werd duidelijk dat het klimaatdebat en de klimaatwetenschap in een nieuw tijdperk opereren, met een hoge mate van politisering en dynamische interactie tussen wetenschap en publiek debat. In de Staat van het Klimaat 2010 wordt een aantal veel gehoorde kritische argumenten in een wetenschappelijke context geplaatst. ECN (dat ben ik) heeft aan dit hoofdstuk (2) bijgedragen. De werking van en kritiek op het IPCC komt ook ter sprake (hoofdstuk 6).

Klimaatbeleid

Intussen gaan de pogingen om klimaatverandering te beteugelen via Internationale onderhandelingen ook door. De klimaattop in Cancún eind vorig jaar heeft niet geleid tot een bindend verdrag of beslissingen die klimaatverandering ingrijpend aanpakken. Wel zijn de emissiereducties, waar in Kopenhagen kennis van was genomen, in Cancun voor het eerst onder de VN-vlag verankerd. In combinatie met de transparante manier van onderhandelen heeft dit het vertrouwen in het multilaterale onderhandelingsproces versterkt. Er blijft een “gigaton kloof” bestaan tussen de collectieve beloftes en de benodigde emissiereductie om beneden de twee graden opwarming te blijven.

Dit en andere zaken op het gebied van energie- en mitigatiebeleid zijn een bijdrage van ECN (door mij geschreven) en komen ter sprake in hoofdstuk 4. Naast Cancún wordt het regeerakkoord van het nieuwe kabinet er besproken, een vooruitblik naar de geraamde emissies t/m 2020 en een aantal toekomstvisies voor een duurzame energievoorziening.

De Staat van het Klimaat is gratis te downloaden.

* Het Platform Communication on Climate Change (PCCC) is een samenwerkingsverband van de grote klimaatkennisinstellingen in Nederland  (PBL, KNMI, Wageningen UR, ECN, Vrije Universiteit, Universiteit Utrecht, Deltares, TNO en NWO)

 

Blog terug!

Dit blog gaat weer de lucht in. Op mijn Engelstalige klimaatblog delft Nederlands toch het onderspit, aangezien ik daar meer Engelstalige lezers heb.

Hier dus vanaf nu weer klimaat- en energienieuws, met de nadruk op context en reflectie vanuit een wetenschappelijke bril. Ik zal regelmatig berichten uit de Nederlandse media hierover bespreken en citeren.

Net als op m’n Engelstalige blog geldt hier: Ik sta open voor discussie en voor andere meningen. Wel  vraag ik iedereen om zich met een minimum aan respect uit te laten over de ander. Dat houdt o.a. in dat beschuldigingen beter achterwege kunnen worden gelaten, tenzij je een hele goeie case hebt.

Vast een vooruitblik naar deze week: Aankomende dinsdag wordt “De Staat van het Klimaat 2010” aan staatssecretaris Atsma van milieu (I&M) aangeboden (met bijdragen van uw gastheer).

Hopelijk tot ziens!

Blog verhuisd!

Deze blog is verhuisd naar http://ourchangingclimate.wordpress.com. Ik heb daar mijn Engelstalige en Nederlandse blogs samengevoegd. Om alleen de Nederlandstalige stukken te lezen, kies dan de categorie Nederlands.

Wetenschappelijk debat en de media

Wetenschappelijke conferenties en tijdschriften zijn de plaatsen waar het wetenschappelijke debat plaatsvindt (en dus niet in de krant of op televisie of op internet). Het aandeel “skeptische” argumenten in deze wetenschappelijke fora is heel erg klein ten opzichte van de grote meerderheid aan argumenten (en bewijsvoering) die in lijn zijn met de consensus dat het klimaat aan het veranderen is (grotendeels) door toedoen van menselijke activiteit. Zijn klimaatwetenschappers het over alles eens dan? Valt er niks meer te discussiëren? Natuurlijk wel. Maar het debat gaat over heel specifieke onderwerpen, en de uiteindelijke “uitkomst” heeft meestal weinig tot geen invloed op de wetenschappelijke consensus (zie bv. deze Engelstalige realclimate post). Een nieuw resultaat moet nog steeds de natuurwetten gehoorzamen, en moet consistent zijn met de enorme hoeveelheid aan waarnemingen en bewijsvoering die al beschikbaar zijn. Het zien vliegen van een vogel is geen bewijs voor het niet bestaan van zwaartekracht. Die simpele waarheid wordt vaak over het hoofd gezien. De uitdrukking “het debat is over” refereert aan het “debat” of de huidige opwarming voornamelijk door menselijke activiteit is veroorzaakt. Dat debat is inderdaad (al lang) over, tenminste in de wetenschappelijke sfeer. Er zijn nog volop interessante details om over te discussiëren, maar die zullen het algemene beeld nauwelijks beïnvloeden.

Rol van de media

De populaire media geven vaak een vertekend beeld van het wetenschappelijke debat door extreme meningen die maar door een heel kleine minderheid van wetenschappers wordt aangehangen gelijke ruimte of tijd te geven als de gangbare opvatting. Dat komt overeen met het presenteren van creationisme als theorie met evenveel wetenschappelijke geldigheid als evolutie. Of altijd als er een discussie over roken (en eventuele regelgeving) is, iemand laten vertellen dat roken helemaal niet zo ongezond is als wel beweerd wordt. Waarschijnlijk voelt het eerlijk aan voor journalisten om een gelijk platform te bieden aan tegengestelde meningen, maar het geeft een verkeerd beeld van het huidige wetenschappelijke denken. het publiek wordt verkeerd voorgelicht, soms met een verhoogd risico als gevolg. Dat is het geval in het voorbeeld over roken, maar ook bij klimaatverandering. Een controverse creëren buiten de wetenschappelijke wereld en die dan presenteren als een wetenschappelijke controverse is misleidend. Een goed overzicht van deze zogenaamde “valse objectiviteit” wordt gegeven op Stephen Schneider’s website.

 

Publiek debat

Er worden talloze debatten en panel discussies georganiseerd over echte en zogenaamde controverses. Zo zijn er nog steeds regelmatig debatten tussen creationisten en wetenschappers die de evolutieleer verdedigen (vooral in de VS). Debatten over klimaatverandering zijn er ook talloze. Hoe nuttig zijn dergelijke debatten? Vaak resulteren ze bij de toeschouwers in de indruk dat de wetenschap nog heel erg verdeeld is. Of nog erger, halen ze echte en pseudo-wetenschap door elkaar. Deze gevolgen van een debat zijn heel nuttig voor (en natuurlijk het doel van) de aanhangers van de minderheidstheorie: Onzekerheid en twijfel over de wetenschappelijke consensus vergroot hun geloofwaardigheid.

 

Twijfel: verdeel en heers

Als de bedoeling van bepaalde “skeptici” is om serieuze maatregelen te vertragen of zelfs te voorkomen, dan is twijfel zaaien over de realiteit van door de mens veroorzaakte klimaatverandering een heel effectieve strategie. Die strategie is ook bewust gekozen, gemodelleerd naar het voorbeeld van de tabakslobby. Niet alleen is de strategie hetzelfde, dezelfde mensen spelen een sleutelrol in beide (en nog andere) discussies (zie bv. de fantastische uiteenzetting van Oreskes in deze video presentatie). Publieke debatten en de zogenaamde “gebalanceerde” journalistiek doen het hier heel goed bij. De publieke discussie is met veel succes geponeerd in termen van bewijs en onzekerheid. Terwijl als basis voor (politieke) besluitvorming het concept risico veel zinvoller is. Voor een lange tijd werden maatregelen tegen roken tegengegaan door te hameren op de onzekerheid en afwezigheid van bewijs over de gezondheidseffecten. Die redenering verloor zijn effect toen mensen begonnen in te zien dat met de opeenstapeling van aanwijzingen het toch wel heel onwaarschijnlijk is dat roken geen invloed heeft op je gezondheid. Eenzelfde inzicht in de risico’s is nodig voor klimaatverandering. Absolute zekerheid is niet noodzakelijk als basis voor maatregelen; een rationele risicoanalyse daarentegen wel.

Wat weten we?

Niet alles wat we weten over klimaatverandering is even zeker. De grote lijnen (bijv. oorzaken en globale effecten) worden goed begrepen, terwijl lokale effecten veel onzekerder zijn. De volgende zaken weten we vrijwel zeker:

     De gemiddelde temperatuur op aarde is significant gestegen sinds 1850/1900. Deze stijging ligt nu duidelijk boven “natuurlijke variabiliteit”. Niks is onmogelijk, maar de kans dat het temperatuurverloop vd laatste 100 jaar pure random variaties zijn is klein, heel klein.

    CO2 is omhoog gegaan door menselijk handelen. De verhoogde CO2 concentraties in lucht en ocean komen goed overeen met de verwachting op basis vd hoeveelheden fossiele brandstoffen en bossen die verbrand zijn. Bovendien geeft de isotopische compositie vd koolstof in CO2 aan welk deel van fossiele brandstoffen afkomstig is.

    CO2 heeft een verwarmend effect omdat het een gedeelte vd infrarood-straling die de aarde naar de ruimte terugkaatst absorbeert. Dit werd al in de 19de eeuw aangetoond in laboratorium experimenten (Tyndal) en toen werd ook het versterkte broeikas effect voorspeld (Arrhenius). Het is in die zin al lang geleden bewezen, klassieke natuurkunde. Iemand die dit tegenspreekt mag mij proberen uit te leggen waarom de temperatuur op aarde niet gemiddeld -17 graden Celsius is (wat het zou zijn als er geen natuurlijk broeikaseffect zou zijn, zie boven).

   De temperatuurverhoging vanaf ca. 1900 valt niet te verklaren met natuurlijke oorzaken alleen. Je hebt natuurlijke en menselijke oorzaken nodig om het temperatuurverloop van de laatste 100 jaar te verklaren. En dan kun je hem zelfs heel erg goed verklaren (zie bijv. deze grafiek uit het laatste IPCC rapport)

Het patroon van klimaatverandering komt goed overeen met wat men zou verwachten als het voornamelijk door broeikasgassen wordt veroorzaakt (bv verwarming lagere luchtlagen, en afkoeling hogere luchtlagen; als de zon de hoofdverantwoordelijke zou zijn, zou dit andersom zijn).

 

Is het onomstotelijk bewezen dat de temperatuurverhoging door menselijk handelen komt? Daar kan een wetenschapper geen “ja” op zeggen. Nee, dat is het niet. Maar het is wel hoogstwaarschijnlijk. “Klimaat” is het lange-termijn gemiddelde van het weer. En als zodanig kunnen we in principe zelfs het huidige klimaat niet eens bepalen. Maar klimaat is ook de kans dat het weer zich op een bepaalde manier gedraagt. En over die kansberekening kunnen we wel degelijk wat zeggen. Het klimaat is als een reuze-boddelsteen, met de meeste cijfertjes op het “gemiddelde” weer, en steeds minder op de weers-extremen. Maar die kunnen nog steeds voorkomen natuurlijk. Wat wij nu doen als mensheid, is die dobbelsteen meer hoge cijfers geven, en het gemiddelde langzaam omhoog krikken. Oftewel, Het gemiddelde weer verschuift langzaam, en de kans op warm (en extreem) weer wordt groter (de Europese zomer van 2003 wordt in 2030 wellicht een “normale” zomer). Wie wil wachten op 100% zekerheid dat de mens schuld is, moet wachten tot Nederland onder water staat. En zelfs dan zal het onmogelijk zijn een 100% sluitend bewijs te leveren. Maar hoogstwaarschijnlijk was het dan wel zo. Wie wil dat risico nemen? En mag die persoon dat risico nemen, als dat voor mij en mijn (en zijn) kinderen ook zeer waarschijnlijk ernstige gevolgen zal hebben? Ik vind van niet.

Halve waarheden

 

Dit gaat over “halve waarheden”, die in feite kloppen (en ook als zodanig overbekend zijn bij klimaatwetenschappers, en in aanmerking worden genomen in modellen), maar de (on)uitgesproken implicaties kloppen vaak niet:

 

   Het klimaat is ook in het verre verleden veranderd (, en toen waren er geen autos om de schuld te geven. Implicatie: nu is het dus ook een natuurlijk process). Omdat het klimaat vanwege natuurlijke oorzaken veranderd is (geen enkele wetenschapper die dat betwist) in het verleden wil natuurlijk niet zeggen dat dat nu ook zo moet zijn. Natuurlijke factoren (bv de zonne-activiteit) staan nu ook niet stil, en worden ook meegenomen in modellen, maar die verklaren maar een heel klein deel vd waargenomen klimaatverandering. Dit is waarschijnlijk de meest populaire “sceptische” redenering, ook al klopt de logica van geen meter. Het feit dat er bosbranden van nature voorkomen, pleit Jantje niet vrij die net een bosbrand heeft veroorzaakt door een brandende sigaret. Dit voorbeeld laat nog een fout in logica zien: Dat de nietige mens zoiets groots als het klimaat niet kan veranderen. Een brandende sigaret kan heel wat vierkante kilometers bos in vlammen doen opgaan. En in de geschiedenis van de aarde hebben bacterien (toch wat kleiner dan de mens) het klimaat flink doen veranderen.

           De natuur stoot meer CO2 uit dan de mens (implicatie: de toename van de CO2 kan niet aan de mens liggen; de mens kan het klimaat helemaal niet beinvloeden). Dit klopt, maar de implicatie helemaal niet. De natuur is namelijk in balans (uitstoot en opname van CO2 zijn precies gelijk in de natuur, behalve tijdens periodes van klimaat-verandering). Een toename van de CO2 uitstoot, ook al is die klein t.o.v. de natuurlijke uitstoot, kan daarom zeker een toename vd concentratie teweeg brengen. Het is onomstotelijk bewezen dat de toename van CO2 door menselijk toedoen in de atmosfeer is gekomen, vnl via de isotopische compositie vd koolstof: fossiele koolstof (bv van olie) heeft een andere isotopische samenstelling dan recente koostof (bv van net dode planten). Daarnaast weten we redelijk goed hoeveel CO2 we uitstoten met z’n allen, en hoeveel de oceanen opnemen.

     Waterdamp is het belangrijkste broeikasgas en wordt niet meegenomen in modellen. (implicatie: klimaat verandering ligt maar voor klein deel aan CO2). Eerste deel klopt ten dele, tweede deel zeker niet. Aan het aardoppervlak is veel meer waterdamp dan CO2, en het absorbeert daar dus ook meer. Maar in de hogere luchtlagen is nauwelijks waterdamp. En daar wordt bepaald hoeveel energie naar de ruimte wordt teruggestraald. Het belangrijkste issue is echter dat waterdamp niet verandert doordat er in directe zin meer van uitgestoten wordt, maar het reageert op de temperatuur: warme lucht kan meer waterdamp bevatten. Waterdamp zal daarom altijd als een “positieve terugkoppeling” werken: Als het warmer wordt, wordt het nog warmer, en andersom. Oftewel, waterdamp is geen klimaat-forcering (oorzaak), maar een terugkoppeling (effect). Als wij het klimaat niet zouden veranderen, zou de hoeveelheid waterdamp ook niet veranderen. En het effect van waterdamp wordt zeker wel meegenomen in klimaatmodellen.

    Bij het einde van een ijstijd ging eerst de temperatuur omhoog, en pas 800 jaar later de CO2. (implicatie: de temperatuur beinvloedt CO2, niet andersom). Hier wordt niet bij verteld dat de temperatuur daarna nog 4000 jaar blijft stijgen samen met de CO2. Otwel de eerste 800-1000 (vd 5000) jaar temperatuurverhoging is niet toe te schrijven aan CO2, maar en deel vd 4000 jaar is wel aan CO2 toe te schrijven. Een ander deel ligt aan de veranderende weerkaatsing van het zee (of ijs-) oppervlak, de zogenaamde albedo (positieve terugkoppeling). Temperatuur en CO2 beinvloeden elkaar in beide richtingen; het is een beetje een kip-ei discussie. (Hier ligt wellicht een kritiekpuntje op “An inconvenient truth”, waar Al Gore niet dit hele verhaal vertelt.)

   Het broeikaseffect is natuurlijk (en dus heeft de mens er niks mee te maken). Ja, klopt. Anders was de gemiddelde temperatuur op aarde ver beneden nul en was er geen leven mogelijk. Maar wij  versterken het door meer broeikasgassen de lucht in te pompen. Door dit te zeggen, zegt de scepticus in feite dat broeikasgassen inderdaad de temperatuur beinvloeden. En aangezien het 100% zeker is dat de extra concentratie aan broeikasgassen door de mens is veroorzaakt, geeft hij aan dat de huidige klimaatverandering inderdaad door de mens is veroorzaakt.