Blog review van 2013

De trend van vorig jaar heeft zich voortgezet: KlimaatVerandering is de facto een groepsblog geworden waar mijn medebloggers Bob Brand, Hans Custers en Jos Hagelaars veruit het actiefste zijn. Moderatie wordt eveneens door ons alle vier uitgevoerd. Blogposts worden in de meeste gevallen voor publicatie door elkaar becommentarieerd; er vindt dus als het ware een interne review plaats die als extra kwaliteitsborging dient. Ook hebben we ettelijke gastblogs gehad. Op het blog komen o.a. nieuwe wetenschappelijke inzichten, de basale kennis over klimaatverandering en reflectie op het klimaatdebat aan de orde.

We zijn recent ook met een twitteraccount begonnen als aanvulling op het blog: @KlimaatVeranda. Deze beheren we ook met z’n vieren. En alsof dat niet genoeg is zijn we ook op facebook te vinden. Nieuwe blogposts worden automatisch op twitter en facebook gezet. Hoe zich dit alles gaat ontwikkelen zal de toekomst uitwijzen, want “voorspellen is moeilijk, zeker als het de toekomst betreft”.

Het blog was in 2013 meer dan 90.000 keer bekeken; dat is dik anderhalf keer meer dan in 2012. Opvallend is dat enkele “open discussies” tot de meest bekeken posts horen, al worden die qua bezoekers waarschijnlijk gedomineerd door een klein aantal actieve discussianten op de draad in kwestie. De twee meest populaire “echte” blogs waren Hans Labohm vindt de projecties van de klimaatwetenschap te optimistisch (door Hans Custers) en de twee tijdperken van Marcott (door Jos Hagelaars).

Hans Labohm mengde zich in de eerstgenoemde discussie, waaraan een -hoe zal ik het zeggen?- interessant staartje zat (zie ook hier). Arthur Rorsch werd er ook nog bijgehaald, maar dat mocht niet baten.

De post over Marcott (ook op mijn Engelstalige blog OurChangingClimate verschenen) is weer een heel ander verhaal. Jos had daarvoor een grafiek gemaakt waarin vier verschillende datasets gecombineerd werden tot een magnifieke figuur waarin de gemiddelde temperatuur op aarde wordt weergegeven vanaf de laatste ijstijd tot de geprojecteerde temperatuur voor 2100 (bij gestaag voortschrijdende emissies volgens het A1B scenario):

Shakun_Marcott_HadCRUT4_A1B

Deze iconische grafiek, gedoopt “the wheelchair” door de kleurrijke blogger Eli Rabett, is een verdiende bloghit geworden in 2013 en is intussen op talloze andere blogs en websites te zien.

Veruit de meeste verwijzingen naar ons blog kwamen via twitter (dank wederom aan @ClimateNL en @JanPaulvanSoest voor regelmatige verwijzingen/retweets). Daarnaast kwamen er hits binnen via Marcel Crok’s blog, nujij, symbaloo, facebook en wetenschap24 (waar Elmar Veerman er helaas mee ophoudt; zie hier zijn laatste W24 klimaatbericht).

De belangrijkste zoekwoorden zijn evenals het jaar ervoor “klimaatverandering” en “Bart Verheggen”. Bezoekers kwamen in totaal uit 88 landen, al kwam bijna 80% uit Nederland.

Licht op wolken – de rol van bewolking in een opwarmend klimaat

Klimaatmodellen met een relatief hoge klimaatgevoeligheid (>3ºC) komen beter overeen met observaties van de mate van vermenging van verschillende luchtlagen dan minder gevoelige modellen. Dat is de conclusie van een recent artikel van Sherwood en collega’s in Nature.

Bewolking is één van de grootste bronnen van onzekerheden in klimaatsimulaties. Wolken zijn daarmee een belangrijke oorzaak van de ruime bandbreedte die deze simulaties geven voor de klimaatgevoeligheid. (Klimaatgevoeligheid is de verandering van de temperatuur als gevolg van een verandering in de stralingsforcering; in de praktijk krijgt deze term vaak de betekenis: de temperatuurstijging als gevolg van een verdubbeling van de concentratie van broeikasgassen in de atmosfeer). In Nature verscheen afgelopen donderdag een artikel van Australische en Franse onderzoekers, onder leiding van professor Steven Sherwood van de University of New South Wales, over een proces dat een aanzienlijke invloed lijkt te hebben op de vorming van wolken: de menging van natte lucht in de laagste luchtlaag met drogere lucht uit hogere lagen van troposfeer. Het blijkt dat stromingspatronen op verschillende schaalniveaus en hoogtes deze menging sterk beïnvloeden en daarmee in grote mate bepalen waar in de atmosfeer de luchtvochtigheid zo hoog wordt dat er wolken ontstaan. Hoe meer menging, hoe droger de laagste luchtlaag wordt en hoe minder lage bewolking er ontstaat.

De onderzoekers hebben de simulaties van de stromingspatronen die voor deze menging zorgen in klimaatmodellen bestudeerd en ze vergeleken met waarnemingen (via onder meer satellieten en radiosondes; om een goede vergelijking mogelijk te maken gebruikten ze zogenaamde “reanalyses” van deze gegevens: MERRA en ERAi). Ze concluderen dat de modellen die deze patronen het beste simuleren, de modellen zijn met de hoogste klimaatgevoeligheid. Dat wijst er op dat de relatief grote versterkende feedback van bewolking, die uit deze modellen volgt, het best overeenstemt met de realiteit.

Lees verder

Voortzetting van The Keeling Curve

Al in 1958 startte Charles David Keeling met zijn Mauna Loa CO2 metingen bij het Scripps Institution of Oceanography. Deze metingen staan inmiddels bekend onder de naam The Keeling Curve. Het Scripps CO2 en O2 meetprogramma, nu onder de supervisie van Ralph Keeling, wordt geconfronteerd met financiële problemen en het voortzetten van deze metingen loopt gevaar, zie deze brief:
http://keelingcurve.ucsd.edu/a-letter-of-appeal-from-ralph-keeling/
In de Engelstalige blogosfeer is inmiddels een campagne voor het behoud van de Keeling Curve op gang gekomen, nadat Eli Rabett van Rabett Run een bescheiden oproep tot steun oppikte en een donatiebutton maakte.

Charles Keeling in zijn lab 1988 (Bron: UC San Diego)

Lees verder

Kerstklimaatpuzzel

De illustraties bij dit blog zijn van Marije Mooren.

kerst1

Zo af en toe kom je eens iets tegen dat misschien niet belangrijk is, maar wel interessant. Een merkwaardig fenomeen, waar je je hersens eens goed over kunt laten kraken. Hier volgt er zo eentje. Lees verder

AGU Fall Meeting 2013

FM13-logo2

Vandaag begint in San Francisco de jaarlijkse meeting van de American Geophysical Union, een intensief programma van vijf dagen vol lezingen, presentaties en discussiesessies in het Moscone Center. Naast vele bekende namen uit de oceanografie, geofysica, klimaatonderzoek en het planetair onderzoek zijn er ook veel studenten aanwezig – vaak uit Californië maar ook van verder weg. Op RealClimate en Twitter is het te volgen:

AGU 2013 preview and participation
#AGU13 op Twitter
@ClimateOfGavin
@MichaelEMann

Het is nog leuker om een deel ervan live te volgen, en dat kan. De meeste sessies worden ‘live streamed’ (audio en video) en kunnen ook achteraf ‘on-demand’ bekeken worden (t/m 31 december 2013), via:

http://virtualoptions.agu.org

Om aan de virtuele sessies deel te nemen en de presentaties te volgen hoef je geen AGU lid te zijn. De virtuele toegang is gratis mits je de ‘kortingscode’ AGU13 gebruikt. Het registreren blijkt heel simpel en snel te gaan via http://virtualoptions.agu.org waarna je per mail een account ontvangt om in te loggen. Elke ochtend om 17 uur Nederlandse tijd (8:00 AM in San Francisco) beginnen de uitzendingen op 5 ‘live kanalen’:

Agenda met virtuele sessies
Uitgebreid programmaboek

Update 10 december – Inmiddels heeft de AGU ook presentaties van de Fall Meeting op hun youtube kanaal staan: AGU Videos.

Lees verder

Tien drogredenen over risico’s

Wij, mensen, blijken niet zo goed te zijn in het afwegen van risico’s. Dat is ook wel te begrijpen als je naar de gangbare definitie van het begrip risico kijkt:

Risico = Kans * Effect

Waar we ons, al dan niet met wat moeite, meestal nog wel wat voor kunnen stellen bij de beide elementen “Kans” en “Effect”, wordt de combinatie van die twee behoorlijk abstract. Het lijkt er vaak op dat we de neiging hebben om ons, bij het afwegen van risico’s, op één van de twee elementen te concentreren en het andere uit het oog te verliezen. De afbeelding hieronder laat zien hoe onze beoordeling van risico’s af kan wijken van de werkelijke omvang.

risk_perception_and_actual_hazards_onwhite[1]

De definitie hierboven zou de indruk kunnen wekken dat risico’s altijd kwantificeerbaar zijn. De praktijk is weerbarstiger. Het kan soms al een hele klus zijn om helder te maken wat het “Effect” precies is, en om een kwantificeerbare grootheid te vinden om dat effect in uit te drukken. Effecten kunnen variëren van financiële of economische schade tot aantasting van natuurwaarden, van gevoelens van onbehagen tot doden en gewonden. Hoe we een risico beoordelen hangt natuurlijk in sterke mate samen met het type effect dat op kan treden.

Een extra complicatie is het feit dat het begrip “Risico” zich vaak bevindt op het grensvlak van wetenschap en politiek, van logisch redeneren en subjectief beoordelen. Hoezeer je ook kunt proberen risico’s op objectieve criteria af te wegen, uiteindelijk draait het toch om de vraag: wat vinden we acceptabel en wat niet? Een volledig objectief antwoord op die vraag bestaat niet.

In een dergelijk mijnenveld voor de logica kunnen allerlei drogredenen de kop opsteken. Judith Curry haalde op haar blog het artikel “Fallacies of Risk” van Sven Ove Hansson uit 2009 aan, en probeerde dit te vertalen naar de klimaatdiscussie. Hansson richt zich in zijn artikel vooral op risico’s van (nieuwe) technologie, en dan met name die met een kleine kans en grote gevolgen. Vanuit die benadering is niet alles één op één naar het klimaatdebat te vertalen, en die hindernis lijkt te groot voor Curry. Bij deze een poging om het beter te doen.

Lees verder

Voorlopig even geen nieuwe ijstijd

Door Jos Hagelaars

In de reacties op het NRC blog van Paul Luttikhuis werd ik onlangs geconfronteerd met mensen die bang zijn voor een naderende ijstijd. Er werden teksten gebezigd zoals: “Zorgen maken”, “Temperatuur enkele graden gaat dalen”, “de moeilijkheden zullen gigantisch zijn” tot zelfs “Het kan elk moment afgelopen zijn”.  In klimaatdiscussies wordt vaak gesproken over veronderstelde ‘Alarmisten’ en ‘Sceptici’ en ergens in dat grijze tussengebied zou zich de wetenschap bevinden. Nu zijn er dus blijkbaar ook alarmisten onder de zogenaamde ‘sceptici’, mensen die catastrofes voorzien omdat de ijsbergen misschien bijna voor de deur staan.

Zoals bij de meeste lezers bekend zal zijn, doen de glacialen (ijstijden) en interglacialen zich in een betrekkelijk regelmatig tempo voor: iedere ca. 100.000 jaar begint er een nieuw glaciaal en de tussenliggende warme perioden (de interglacialen zoals ons Holoceen) duren korter, ergens tussen de 10.000 en 28.000 jaar (lees ook hier).

Figuur 1. De temperatuur en de CO2 concentratie tijdens de afwisseling van glacialen en korter durende interglacialen over de laatste 800.000 jaar gebaseerd op ijskerndata. Naar fig. 6.11 uit het NRC rapport “Advancing the Science of Climate Change” 2010.

Lees verder

Open discussie Nov 2013

Voor inhoudelijke discussies over klimaatwetenschap en klimaatverandering.

Als je voelt dat je in herhaling dreigt te vallen in antwoord op de herhalingen van een mede-discussiant, dan is een “agree to disagree” wellicht het hoogst haalbare en dat is ok.

 

In het datamoeras van een moerasgas

Door Jos Hagelaars

Methaan kennen we als het hoofdbestanddeel van ons aardgas. Het is ook volop aanwezig in de gassen die ontstaan in moerassen, vandaar dat het soms ook moerasgas genoemd wordt. Methaan is tevens een broeikasgas, als de hoeveelheid methaan in de atmosfeer toeneemt wordt het broeikaseffect versterkt. Uiteraard kom je daarom methaan op veel plaatsen tegen in het nieuwe IPCC AR5 rapport. Een rapport dat absoluut een rijke databron is voor geïnteresseerde enthousiastelingen zoals ik en dat meer zekerheid verschaft over de menselijke invloed op het klimaat. Omtrent methaan is er onlangs nog veel meer data beschikbaar gekomen door de publicatie van een onderzoek over het budget van alle ‘sources’ en ‘sinks’ van de methaanemissies, het Global Methane Budget. Ik bevind me hierdoor nu in een datamoeras.

Op basis van het IPCC AR5 rapport en het Global Methane Budget zijn de volgende conclusies te trekken:

  • De hoeveelheid methaan in de atmosfeer is sinds 1750 met 150% gestegen en de hoeveelheid CO2 met 41%.
  • De bijdrage van methaan aan het versterkte broeikaseffect was in 2011 (t.o.v. 1750) 17% en die van CO2 64%.
  • Via een bepaling uit waarnemingen blijkt dat de menselijke methaanemissies inmiddels circa 335 miljard kg per jaar bedragen tegen 218 miljard kg per jaar voor de natuurlijke emissies, een verhouding van 60% tegen 40%.
  • De hoofdmoot van de natuurlijke methaanemissie is afkomstig uit moerasachtige gebieden.
  • 90% van alle methaan wordt opgeruimd via chemische reacties waarbij luchtvervuiling kan optreden in de vorm van het gas ozon.

Lees verder

Reacties op Pascal Bruckner

Hieronder twee reacties op het interview met Pascal Bruckner in Trouw van afgelopen zaterdag.

Eerst een gastbijdrage van Michel van Delft.

De Franse denker Pascal Bruckner vindt dat we het advies van het IPCC moeten opvolgen en werken aan het decarboniseren van onze economieën (Trouw, 19 oktober). Hij heeft gelijk maar komt wat wonderlijk tot deze conclusie.

Bruckner kent zijn natuurwetten als hij zegt dat opwarming een feit is, dat de oceanen tijdelijk verkoelen en dat de zeespiegel en temperatuur meer zullen stijgen dan gedacht. De wetenschap is zelfs verder dan hij beseft. De extra broeikasgassen komen echt van ons af. Dat leidt tot opwarming en extremer weer. Om maar een voorbeeld te noemen.

In het interview gebruikt Bruckner het wereldbeeld van de Kerk, de Communisten, de Bankier en het Kwaad. En de Groenen die overal tegen zijn. We zien het vast allemaal terug in het zelfportret waar hij aan werkt. Hopelijk gaat hij dan ook in op een paar vragen, die hij oproept.

Want waarom beperkt hij onze verantwoordelijkheid tot onze kleinkinderen en niet bijvoorbeeld hun kinderen? Over honderd jaar zijn we allemaal dood, stelt hij terecht, maar is dat dan het moment voor le déluge? En waarom gaat Bruckner in op de kans dat het meevalt, zonder aan de kans te denken dat het tegenvalt? En misschien een typisch Nederlandse vraag, maar bij de Deltawerken hanteren we een kans dat het mis gaat van 1 op de 10.000 jaar. Waarom ligt de lat als het om klimaat gaat op fifty-fifty?

Stuk voor stuk vragen waar een denker zijn tanden in kan zetten.


Dit opiniestuk van Ben Lankamp, meteoroloog bij Weerplaza, verscheen vandaag in Trouw.

De Franse filosoof Pascal Bruckner spreekt zich uit over klimaat en klimaatverandering, in Trouw van zaterdag 19 oktober. Daarbij laat hij echter flinke steken vallen, die zijn verdere betoog tamelijk ongeloofwaardig maken.

Hij denkt dat voorspellingen die worden gedaan door de klimaatwetenschap, mede op basis van modellen, erg onzeker zijn. Dat vindt hij een brevet van onvermogen van klimatologen: van een voorspelling zou zo eigenlijk helemaal geen sprake zijn. Lees verder