Auteursarchief: Bart Verheggen

Arctische winter eindigt met luid gekraak

Gastblog van Neven. Engelse versie op Neven’s blog.

Men stelt zich bij het pakijs boven op de Arctische Oceaan vaak een monolithische, drijvende ijsplaat uit één stuk voor. Van dichterbij bekeken wordt al snel duidelijk dat het eigenlijk een verzameling van grotere en kleinere ijsschotsen is. We kennen allemaal de beelden van ijsschotsen die in de zomer door open water gescheiden worden, maar zelfs tijdens de winter ontstaan er in de poolkap barsten die honderden tot duizenden kilometers lang kunnen worden en weer snel dichtvriezen.

20110319 USS Connecticut

Dit verklaart hoe sinds de jaren ’50 van de vorige eeuw onderzeeërs in staat waren om ter hoogte van de Noordpool tevoorschijn te komen (op de foto hierboven is te zien hoe de USS Connecticut op 19 maart 2011 aan de oppervlakte verschijnt; copyright: Kevin S. O’Brien, U.S. Navy). De onderzeeërs konden niet door het dikke ijs breken en moesten dan op zoek naar een zogeheten lead waar het ijs dunner was. Vreemd genoeg wordt dit fenomeen misbruikt door mensen die het bestaan en de mogelijke gevolgen van de door de mens veroorzaakte opwarming van de Aarde ontkennen, alsof het zou bewijzen dat de huidige ontwikkelingen in het hoge noorden niet ongewoon zijn. Maar het bewijst helemaal niets, omdat barsten altijd al een normale eigenschap van de Arctische zee-ijskap zijn geweest.

‘Normaal’ is echter een woord dat de laatste jaren steeds minder van toepassing is op het Arctische gebied. Het smeltseizoen van 2012 was een nieuwe climax in een serie van recordjaren en liet zien dat het zee-ijs dunner is dan het in lange tijd is geweest. We hoeven niet eens het komende smeltseizoen af te wachten om dit herbevestigd te zien, aangezien het aan het einde van het huidige vriesseizoen al zichtbaar is. Zoals net gezegd zijn barsten in het zee-ijs gebruikelijk in het Arctische gebied, maar de video hieronder gemaakt door het Visualization Lab van Amerikaans meteorologisch instituut NOAA toont een gebeurtenis die zeer zeldzaam, zo niet uniek is voor deze tijd van het jaar:

IJs, hoe dun ook, breekt niet uit zichzelf, maar heeft daarvoor wind nodig. Deze wind werd in dit geval veroorzaakt door een groot, krachtig en koppig hogedrukgebied dat een maand geleden ontstond en de Beaufort Gyre aanzwengelde, een oceaanstroming die zee-ijs van de Noord-Amerikaanse kust richting Siberië vervoert.

De volgende korte animatie van ASCAT radarbeelden met een interval van 10 dagen laat de beweging zien vanaf 1 januari, vergeleken met de drie voorgaande winters. De zwarte stip stelt de Noordpool voor, de witte massa daaronder is het noordelijke deel van de Groenlandse IJskap, de lichtere kleuren staan voor het dikkere meerjarige zee-ijs dat het vorige smeltseizoen heeft overleefd:

Lees verder

Open discussie jan-feb 2013

Voor discussies over klimaatgerelatgeerde onderwerpen die niet een onderwerp van een recente blogpost zijn.

Hans, wat is nou eigenlijk het probleem?

Gastblog van Maarten Keulemans, in reactie op de ‘open brief’ van Hans Custers

Beste Hans (mag ik zo vrij zijn?),

Allereerst hartelijk dank voor je open brief. Ik vind het jammer dat het stuk van onze Ombudsvrouw je in het verkeerde keelgat is geschoten, want natuurlijk hoor je de chef wetenschap van De Volkskrant, als het gaat om wetenschap, aan je zijde te vinden. Misschien kan ik dan ook iets van je zorgen wegnemen. Ik ga daar even goed voor zitten, want ik krijg niet iedere dag een open brief – en de zaak die je aansnijdt is inderdaad boeiend.

Maar laat ik eerst een misverstand uit de weg ruimen. De wetenschap is bij de krant in handen van een heel team. We hebben een vijfkoppige wetenschapsredactie, een breed umfeld van specialisten van andere deelredacties (zo is de portefeuille ‘energie’ belegd bij economie) en natuurlijk hebben we ons team van freelancers: een stuk of tien voor de wetenschap alleen al. Ik kan dan ook alleen voor mijzelf spreken, hoewel ik als chef natuurlijk wel meedenk over welk nieuws we op welke manier brengen.

Ik spreek bovendien op persoonlijke titel: mijn officiële antwoord zou al snel zoiets zijn als dat je je voor reacties op het stuk van de Ombudsvrouw maar bij de Ombudsvrouw moet vervoegen. Dat zou echter flauw zijn, ik ga het debat graag aan.

Wat de Ombudsvrouw schrijft, klopt. Als het gaat om geneeskunde, bekijken we zowel homeopathie en acupunctuur als de gevestigde geneeskunde vanuit het bewijs. Als het gaat om natuurkunde, kijken we zowel tijdreizen als gevestigde fysica vanuit het bewijs. En als het gaat om klimaat is dat niet anders: het bewijs moet voorop staan, als het gaat om ‘sceptici’, maar óók als het gaat om de gevestigde orde.

Het aardige is dat onze opvattingen volgens mij niet veel verschillen. Het bewijs wijst inderdaad in de richting die jij aangeeft: opwarming, menselijke CO2-uitstoot, en de zekerheid dat er tussen die twee een oorzakelijk verband moet zijn.

Maar je moet wel eerlijk blijven, daarna neemt de onzekerheid snel toe. De manier waarop CO2 inwerkt op het klimaatsysteem, wordt zoals je weet geschud en vervormd door talloze factoren en terugkoppelingen. Zeestromingen, zonnecycli, hoge wolken, lage wolken; ijs, methaan, ozon, waterdamp, zwavel, roet; algen, grassen, rijstvelden, bossen, woestijnen; verdroging, vernatting, albedo, de warmte-inhoud van de oceanen, branden, vulkanen.

De netto uitkomst is waarom het natuurlijk gaat (want vergeet niet dat een verdubbeling van de hoeveelheid CO2 in de dampkring waarschijnlijk slechts 1,1 graad opwarming geeft als de rest van het systeem constant zou zijn), en inderdaad, de uitkomst ‘2,0 tot 4,5 graden met een beste schatting van 3,0 graad’ heeft voor zo ver ik kan inschatten goede kaarten.

Maar naar mate ik mij meer in de kwestie ging verdiepen, ben ik mij ook meer bewust geworden van de onzekerheden. Voor mijzelf sloeg de twijfel toe ergens tussen 2005 en 2010. In die jaren werd duidelijk dat we misschien hebben onderschat dat de aarde ook om andere redenen extra snel is opgewarmd tussen 1975 en 2000, bijvoorbeeld doordat westerse landen de luchtverontreiniging terugdrongen, waardoor de samenstelling van de dampkring veranderde.

En in 2010 maakten Susan Solomon en collega’s van het NOAA in Science duidelijk dat er ook heel andere factoren in het spel kunnen zijn, echte X-factoren: zo vonden ze aanwijzingen dat de opwarming in de jaren negentig voor 30 procent verklaard zou kunnen worden door waterdamptoename in de stratosfeer, een parameter waarvan domweg geen goede meetreeksen zijn.

Zo is er voortdurend nieuws, soms verontrustend, soms geruststellend, maar altijd boeiend. De snelle afsmelt van de Noordpool, de recente aanwijzingen voor versnelde zeespiegelstijging en de afsmelt van Groenland zijn onverwacht en verrassend.

Maar de vertraging van de atmosferische opwarming, de bevinding dat haast alle klimaatmodellen de opwarming van de troposfeer overschatten en de ontdekking dat de grote ‘verdroging’ die iedereen voorspelt op foute aannames is gebaseerd, zijn dat ook. We zouden ons werk niet goed doen als we dat soort nieuws niet ook meenemen.

Daardoorheen speelt een ernstig manco. Veel klimaatwetenschappers zijn gericht op de korte termijn, omdat dat de tijdspanne is waarover ze meetreeksen hebben. Maar ze hebben ook de neiging de middellange termijn (decennia tot eeuwen) te veronachtzamen. Terwijl dat nu juist de tijdschaal is van de belangrijkste oscillaties van het klimaat: denk aan PDO en NAO; denk aan de zonnecycli en de interne klimaatvariabiliteit.

Een leuk voorbeeld is hydroloog Bert Amesz met zijn recente boek Aan de knoppen van het klimaat: als je de oscillaties op de achterkant van een envelop meerekent, kom je op een best geschatte CO2-opwarming van slechts 1,0 graad, aldus Amesz. Intussen rept de nieuwe samenvatting van het Planbureau voor de Leefomgeving wederom met geen woord over de cycli. Ik begrijp dat niet; hoe kun je de periode na 1880 nou beschrijven zonder mee te nemen dat we uit een mini-ijstijd komen?

Tel dat allemaal op, en je ziet de contouren van een verhaal waarvan de grote lijnen staan, maar waarvan de invulling nog volop gaande is. Ik heb geen flauw idee, maar mijn persoonlijke gok is dat we de ‘forcerende’ werking van CO2 wat te hoog inschatten. We zullen moeten afwachten waarheen het bewijs ons voert.

Dat brengt me op de toekomst, misschien wel het belangrijkste punt. Hier zie ik een curieuze tegenstelling in je betoog. Je schrijft dat je ‘klimaatverandering als een van de grote problemen van deze tijd beschouwt’, maar ook dat je van mij verwacht dat ik de ‘wetenschappelijke realiteit glashelder duid’.

Maar wat moeten we nou als mijn ‘glasheldere duiding’ van de wetenschappelijke realiteit is dat we de zaak misschien wat te somber zien?

Daarvoor zijn goede aanwijzingen. Ook in een snel opwarmende wereld zijn zeespiegelstijging en het afsmelten van de ijsmassa’s uiterst trage processen – zelfs onder een (ondenkbaar) regime van permanent versnelde smelt duurt dat honderdduizenden of enkele miljoenen jaren, een tijdsduur die we ons niet meer kunnen voorstellen. Zelfs het snelste geologische proces dat ik ken – een methaanburst uit de diepzee – duurt vele eeuwen, zo niet millennia.

In dat licht is ook de cultuursociologische dimensie relevant. Het voorspellen van acute ecologische rampspoed zit in onze cultuur diep ingebakken, als consequentie van ons lineaire besef van tijd, en het dualisme tussen dat de judeochristelijke traditie aanlegt tussen de mens en de natuur. We zijn voortdurend bezig onze relatie met de planeet opnieuw vorm te geven, en denken steeds dat het helemaal misgaat.

Ecologisch verval is in dat spel een prominent thema, signaleerde onlangs nog filosoof Pascal Bruckner: ‘De dominante hartstocht van onze tijd is angst’. Zelf leg ik in mijn boek Exit Mundi het verband met het zondvloedthema, alweer zo’n oud, ingesleten leidmotief: de mens is zondig geweest, we verpesten ons paradijs, en als straf krijgen we zeespiegelstijging.

Het helpt niet mee dat mensen geneigd zijn om de wereld op te delen in uitersten, in ‘binaire opposities’, zoals Claude Lévi-Strauss vaststelde. Het gaat helemaal mis, of er is niets aan de hand. Terwijl de waarheid in praktijk meestal ergens in het midden ligt. Denk aan de ‘naderende ijstijd’ van de jaren zestig, de ‘imminente energiecrisis’ van de jaren zeventig, de ‘zure-regencrisis’ in de jaren tachtig. De Britse ecoloog en schrijver Matt Ridley analyseerde vijf van dat soort aangekondigde ecologische rampen en verwoordt het zó:

‘So, should we worry or not about the warming climate? It is far too binary a question. The lesson of failed past predictions of ecological apocalypse is not that nothing was happening but that the middle-ground possibilities were too frequently excluded from consideration. In the climate debate, we hear a lot from those who think disaster is inexorable if not inevitable, and a lot from those who think it is all a hoax. We hardly ever allow the moderate “lukewarmers” a voice.’

Ook dat is wetenschap, Hans. Net zozeer als de methaanmetingen op Groenland. De mens zit er voortdurend naast, en al helemaal als het gaat om het bepalen van onze eigen positie in de natuur schieten we snel in de stress.

Is klimaatverandering echt ‘een van de grote problemen van deze tijd’, zoals jij schetst? In het licht van het oplaaiende noord-zuid-conflict, de uitputting van natuurlijke bronnen, de dreiging van zoönotische virussen, de schuldenlast en de overbevolking, de wortel van de meeste van die problemen, lijkt me dat onhoudbaar.

Hans, waarover maak je je precies zorgen?

Het zou best eens zó kunnen gaan. Gaandeweg stappen we, om economische motieven, over op duurzame energie. Intussen smelt de noordpool ‘s zomers, trekt de opwarming nog wat aan, en haalt het klimaat naar ons uit met allerlei weersextremen. Maar mopperend passen we ons erop aan. De planeet trekt het wel, de mensheid ook, de technologie en de tijd staan niet stil – zeker niet als je het hebt over eeuwen (!!).

(Heb je trouwens het nieuwe risicorapport van het World Economic Forum gezien? Eén van de grote nieuwe dreigingen, signaleren ze, is dat een of andere puissant rijke miljardair of een eilandstaat zo in paniek raakt dat ze op eigen houtje gaan geo-enigineeren, het klimaat ‘afkoelen’. Dat zou pas een probleem zijn!)

Al met al levert het een curieuze situatie op, Hans. Als ik nuances aanbreng in mijn berichten, onzekerheden benoem en ook de interessante wetenschappelijke aanwijzingen versla dat de vork misschien wat anders in de steel zit, maken ze me opeens uit voor ‘scepticus’ en begin jij te jammeren dat de chef wetenschap niet meer aan je zijde staat.

De afgelopen tijd kon je in de krant lezen dat de noordpool sneller smolt, de zeespiegel sneller lijkt te stijgen en de netto wereld-ijsbalans negatief is. Maar waarmee slaat men mij om de oren? Met ieder nuancerend bericht.

Hans, als je de chef wetenschap niet aan je zijde vindt, kan dat twee dingen betekenen. Misschien is de chef afgedreven van jou en de wetenschap. Maar het kan ook kan betekenen dat jij afdrijft van de wetenschap. Je wilt gewoon graag dat ik je bevestig in je problematisering van de zaak. Heb je soms belang bij het problematiseren van de opwarming van de aarde?

Als journalist probeer ik afstand te houden, en kritisch te zijn. Ik probeer me niet voor politieke, zakelijke of maatschappelijke karretjes te laten spannen, door een scherp onderscheid te maken tussen zekerheden en onzekerheden, tussen politiek geladen uitspraken en feiten, en – het moeilijkste – door alert te blijven opletten of ik niet zelf verstrikt raak in vooroordelen. Want over een paar jaar kan het weer helemaal anders zitten.

En natuurlijk probeer ik vooral open te staan voor nieuws. Daartoe onderhoud ik contact met diverse klimaatwetenschappers, met het verzoek om mij vooral te voeden met publicaties die er wat hen betreft ‘toe doen’. De nuancering dat het weer erg rommelt rondom de exacte opwarmende werking van CO2, komt bijvoorbeeld van twee van hen, off the record, onafhankelijk van elkaar.

Blog review van 2012

Ik heb zelf beduidend minder geblogd in 2012 dan in de jaren ervoor. Toch heeft dit blog wel een bepaalde vlucht genomen in het vorige jaar, en dat is vooral te danken aan de actieve deelname in discussies van een aantal zeer pientere en welbespraakte reageerders (waaronder Bob Brand, Jos Hagelaars, Hans Custers, Marco, e.a.) en aan gastbijdragen van o.a. Jos Hagelaars, Hans Custers, Neven en Martin Vermeer. Dat biedt de nodige variatie (en continuïteit!), aangezien ieder toch met zijn of haar eigen gezichtspunten en manier van argumenteren komt. De kracht van dit blog zit ‘m volgens mij vooral in de kwaliteit van de discussies die er gevoerd worden, en daar hebben jullie en andere actieve reageerders in belangrijke mate aan bijgedragen. Dank jullie wel!

Vergeleken met mij Engelstalige blog doet deze Nederlandse het niet slecht in google (15% van de pageviews komen via google). Populaire zoektermen waren klimaatverandering en mijn naam. Toch wel relevantere zoektermen dan waarmee mijn Engelstalige blog vaak wordt gevonden (Harry Potter…). Volgens wordpress waren er ongeveer 54.000 pageviews in 2012.

Relatief veel hits kwamen binnen via een referral op twitter (bijvoorbeeld via @Klimaatzuster, @ClimateNL, @JanPaulvanSoest e.a., waarvoor dank!). Van de refererende blogs kwamen de meeste hits van Marcel Crok’s blog (zijn blogroll wordt automatisch geupdate met de meeste recente bijdragen van de betreffende blogs – ik ga vaak naar zijn blog speciaal daarvoor en ik wed dat ik niet de enige ben), gevolgd door Jules (wiens blogroll eveneens zo’n handige update heeft) en NRC (Paul Luttikhuis – meestal doordat mijn blog genoemd wordt in de discussie aldaar). Opvallend is dat de referrals vanuit facebook beperkt zijn (in tegenstelling tot bijv WUWT, die daarvandaan de meeste referrals krijgt). Ik discussieer zelf nauwelijks op facebook, dus onlogisch is dat niet.

Ik heb twitter steeds meer leren waarderen in 2012 als een snel en effectief communicatie medium. Het is een uitdaging om je boodschap in 144 tekens te condenseren. Via twitter kun je veel, tot de essentie teruggebrachte informatie, in korte tijd tot je nemen. Ook is het relatief open karakter ervan een grote pre. Je komt gemakkelijker in aanraking met mensen met wie je via de blogs misschien minder makkelijk in contact zou treden. De conversatie verschuift langzaam van de blogs naar twitter heb ik het idee. Je ziet ook meer en meer wetenschappers op twitter. Ik twitter nog steeds in het Engels en Nederlands vanuit 1 account (@BVerheggen), al is het voor mij een voortdurende vraag of dat wel verstandig is (ik denk wel eens dat ik veel potentiele Internationale volgers mis door de vele -ongeveer de helft- Nederlandse tweets).

De meest populaire posts (wat betreft pageviews) in 2012 waren:

Het zal niemand verbazen dat verreweg de meeste bezoekers van mijn blog uit Nederland komen. Opvallend vind ik wel het grote verschil met Belgie; daar kwamen 15 keer minder pageviews vandaan.

Ik wens iedereen een fantastisch mooi 2013 toe!

Volgens Leon de Winter is het allemaal een complot

Romanschrijver Leon de Winter is dol op complottheorieën, maar kan blijkbaar niet zo goed beoordelen of iets nu fictie of non-fictie is. Zijn afkeer van overheidsregulering drijft hem ertoe om de klimaatwetenschap te wantrouwen en/of te verdraaien. Volgens hem zitten die vermaledijde CO2 moleculen blijkbaar in een samenzwering om een socialistische heilstaat te stichten.

Zo schreef hij eind vorig jaar o.a. op DDS:

Wat het socialisme niet via de stembus is gelukt – de afbraak van de vrije markt – probeert links nu via klimaatpolitiek tot stand te brengen.

Het argument daarbij is: we moeten de aarde redden, want de aarde, en dus ook het leven op aarde, wordt bedreigd door een ongelimiteerde uitstoot van CO2, dus moeten we die uitstoot reguleren en beperken en dat moet via het reguleren van economische processen. Via klimaatpolitiek moet alsnog de socialistische heilstaat worden gesticht.

En de meest effectieve manier om dat te spookbeeld voorkomen is blijkbaar door de wetenschap aan te vallen (dat hebben we eerder gezien). Een typisch geval van ideologisch gedreven scepsis. Het is mij een raadsel waarom hij (en gelijkgezinden) geen marktconforme en bij het rechtse gedachtengoed passende maatregelen zouden kunnen voorstellen. Zoals Scott Denning op de Heartland Conference (ICCC6) zei voor een sterk libertarisch georiënteerd publiek:

If free-market advocates shirk their responsibility, others will dictate policy.

Is that really what you want?

When will you stand up and offer solutions to these problems? Are you cowards?

CO2 moleculen trekken zich van ons politieke gedachtengoed niets aan, en in het niet zo verre verleden was er van een links-rechts scheidslijn qua milieuzorgen (en vertrouwen in wetenschap) nauwelijks sprake (denk aan politici als Winsemius, Nijpels, Thatcher).

Over complottheorieën in het algemeen en die van Leon de Winter in het bijzonder schreef ik een paar jaar geleden het volgende (hieronder integraal overgenomen):

Lees verder

Open discussie December

Voor klimaatgerelateerde discussies die niet onderwerp zijn van een recente blogpost.

IPCC AR5 concept gelekt – invloed van zon op opwarming nog steeds minimaal

Het is intussen bij de fervente blog-lezers wel bekend dat het concept IPCC rapport naar buiten is gebracht door een skeptische “expert reviewer”, Alec Rawls.

Dit is tegen de uitdrukkelijke afspraak in die elke “expert reviewer” aangaat door zich als zodanig in te schrijven (en vrijwel iedereen die dat wil kan dat, dus aan de titel “expert reviewer” moet niet al te zwaar getild worden).

Rawls beweert dat volgens het nieuwe IPCC rapport (werkgroep 1 van AR5) de zon een grotere invloed zou hebben op het klimaat. De skeptische blog WUWT noemt het een

game-changing admission of enhanced solar forcing

Dit is tegengesteld aan wat er in het concept-rapport staat te lezen, namelijk dat de klimaatforcering door de zon naar beneden is bijgesteld. Wat Rawls en Watts bedoelen is echter dat het effect van de zon zou worden versterkt door kosmische straling. Dat wordt in hoofdstuk 7 besproken, en inderdaad zijn er intussen voorzichtige aanwijzingen dat kosmische straling kan bijdragen aan de vorming van aerosolen, microscopisch kleine deeltjes in de lucht (“fijn stof”). Maar dan ben je nog mijlenver verwijderd van een eventueel effect op het mondiale klimaat (zie bijv mijn beschrijving van de verschillende stappen in dat proces).

De zin die niet werd geciteerd door Rawls c.s., maar wel in de conceptversie staat, gaat over de ordegrootte van de amplificatie. Er wordt geschreven dat (via Ben Lankamp):

Hoewel alle studies een aantoonbare fysische relatie tussen kosmische straling en wolkencondensatiedeeltjes (CCN) vinden, lijkt de reactie te zwak om enig significant stralingseffect te hebben, omdat het mechanisme niet in staat is om de mondiale concentratie van deze deeltjes te beïnvloeden.

En

kosmische straling kan bijdragen aan aerosolvorming in de vrije troposfeer, maar het effect is te zwak om enige invloed te hebben op het klimaat tijdens de zonnecyclus of gedurende de laatste eeuw. (…) Er is geen robuuste associatie tussen kosmische straling en bewolkingsgraad geïdentificeerd.

Ben Lankamp vat het als volgt samen: Ja, er zijn meer manieren waarop de zon invloed heeft op de atmosfeer op aarde dan alleen via ‘gewone’ straling, maar nee, de kwantitatieve invloed van de zon op moderne klimaatverandering wordt niet groter ingeschat dan in eerdere rapporten.

Elders in het concept rapport wordt geconcludeerd dat het “extreem onwaarschijnlijk” is dat de bijdrage van de zon aan de opwarming sinds 1950 groter zou zijn dan die van broeikasgassen.

Voor verdere berichtgeving (in het Engels) hierover, zie bijv SkS en ABC (goed interview met een van de hoofdauteurs van het bewuste hoofdstuk). Over de invloed van de zon op het klimaat, zie bijv de (Nederlandstalige) gastblog van Jos Hagelaars of mijn eerdere Engelstalige zonneblog. De invloed van de zon zal ook nog uitgebreid aan bod komen in de skeptische top-10 van Hans Custers – nog even geduld voor deel 4, 8 en 9.

Het IPCC heeft een statement uitgebracht over het naar buiten gebrachte concept, waarin o.a. wordt benadrukt dat het om een concept gaat (en dus nog kan en zal veranderen). Over de voors en tegens van het vertrouwelijk proberen te houden van de concept teksten wordt intussen ook weer hevig gediscussieerd. Het lijkt in ieder geval schier onmogelijk om met een zo massaal en open review proces de vertrouwlijkheid te waarborgen (AR4 werd ook voortijdig gelekt). Dat vormt dus een dilemma in het licht van de op zich goede redenen om het schrijfproces (en dus ook de review) in relatieve rust te kunnen uitvoeren.

Maarten Keulemans over ClimateDialogue

Maarten Keulemans had verleden week week twee stukjes in de Volkskrant over ClimateDialogue, het nieuwe discussieplatform over klimaatwetenschap waar veel over te doen is in de blogosfeer. De laatste van die twee geeft een aardig beeld van de verhitte discussie erover:

‘absurd’ en ‘volstrekt onnodig’, reageerden diverse experts. De wetenschap heeft immers al plaatsen waar klimaatonderzoekers met elkaar kunnen discussiëren: in vaktijdschriften en op congressen.

(…)

de site mocht eens de verkeerde indruk wekken: alsof de wetenschap diep verdeeld is over de vraag of de aarde wel opwarmt. Of dat de waarheid ergens in het midden zou liggen. In werkelijkheid ligt het wetenschappelijke gelijk vooral aan de kant van het IPCC: zo is boven iedere wetenschappelijke twijfel verheven dat de aarde opwarmt door menselijk uitgestoten CO2. Het zijn dan ook vooral onderzoekers van de gevestigde orde – en belanghebbenden uit de opbloeiende duurzaamheidsindustrie – die zich verzetten tegen het idee.

De gevestigde orde onderschat echter één ding. De klimatologie is, vooral in de jaren rond de eeuwwisseling, sterk gepolitiseerd geraakt. Direct om de hoek liggen kolossale belangen, en woedt de culturele strijd tussen twee diametraal tegengestelde levensstijlen – die van overconsumptie en goedkope, fossiele energie aan de ene kant, en die van matiging, duurzaamheid en aandacht voor het milieu aan de andere.

Daar heeft hij een goed punt (al schrijft hij de grotendeels terechte bezwaren tegen de “false balance” die op de loer ligt wel wat gekscherend weg). Maar het is inderdaad vooral de ver doorgevoerde polarisatie die juist voor de mainstream wetenschap heel verkeerd uitpakt.  ClimateDialogue heeft nu juist de opzet om te de-polariseren.

Het eerdere stukje van Keulemans  was meer tendentieus. Hij noemde ClimateDialogue een “polderakkoord”, alsof wetenschap een kwestie van geven en nemen is (terwijl het natuurlijk om de sterkte van de argumentatie gaat).  Ook poneerde hij een tegenstelling tussen twee extreme standpunten (‘sceptici’ en ‘alarmisten’ of ‘opwarmers’), en maakte hij nauwelijks woorden vuil aan het gros van de wetenschap(pers), die zich ergens in het midden van dat spectrum bevindt. Dat geeft een vertekend beeld van het wetenschappelijk debat. De relatief kleine groep wetenschappers die van mening is dat de mens nauwelijks bijdraagt aan de opwarming (‘sceptici’) heeft wel disproportioneel veel invloed op het publieke en het politieke debat, daarin gevoed door de gewillige media. De groep die door Keulemans als ‘alarmisten’ werd weggezet is nog kleiner; er zijn maar weinig wetenschappers die denken dat de klimaatgevoeligheid meer dan 5 graden per CO2 verdubbeling is. Het inzoomen op (en overdrijven van) de tegenstelling is natuurlijk een manier om de lezer te prikkelen, maar vanuit het oogpunt de lezer te willen informeren over de wetenschappelijke denkbeelden vind ik het een gemiste kans.

Mede-blogger Jos Hagelaars heeft een ingezonden brief geplaatst gekregen in de Volkskrant, waarin hij op Maarten Keulemans reageert. Ik geef het hieronder integraal weer:

Er zou een ‘polderakkoord’ in de klimaatwetenschap gesloten zijn, schreef Maarten Keulemans afgelopen zaterdag in Ten Eerste. De aanleiding: de start van een nieuwe discussiewebsite waar wetenschappers waar de klimaatwetenschap besproken wordt, waarbij ook wetenschappers worden uitgenodigd met een mening die afwijkt van de wetenschappelijke consensus.

Keulemans laat voornamelijk Marcel Crok (die wetenschappelijk gezien een extreem standpunt vertegenwoordigt) aan het woord met daarnaast een curieuze opsomming ‘splijtzwammen’, waar vertekende meningen van zogenaamde ‘sceptici’ en ‘opwarmers’ tegenover elkaar geplaatst worden. Keulemans wekt de indruk dat er binnen de klimaatwetenschap grote discussies zouden zijn over de hoofdlijnen van de klimaatwetenschap. De term “polderakkoord” doet vermoeden dat twee even grote partijen met elkaar in overleg gaan, waarbij de lezer wellicht denkt dat de waarheid in het midden zal liggen. Niets is minder waar.

97% van de klimaatwetenschappers heeft over de hoofdlijnen eenzelfde opvatting over de invloed van diverse factoren op het klimaat, waaronder CO2. De volledige breedte van de stand van zaken in de klimaatwetenschap wordt regelmatig samengevat door het IPCC. Het aantal klimaatwetenschappers dat daar kanttekeningen bij plaatst is bijzonder klein, maar nuttig. Een wetenschappelijke theorie moet immers elke toets der kritiek kunnen doorstaan.

Dit kleine aantal staat in schril contrast met de talloze ‘pseudo-sceptische’ blogsites waar de meest wilde hypothesen worden opgeworpen over het klimaat met één gemene deler: dat de mens kan geen invloed zou kunnen hebben op het klimaat. In de klimaatwetenschap zijn er niet twee even grote groepen met tegengestelde meningen over de oorzaken van klimaatverandering en de waarheid ligt zeker niet in het midden.

Nieuw wetenschappelijk discussieplatform ClimateDialogue.org

Een uniek discussieplatform over klimaatverandering is net van start gegaan: ClimateDialogue. Het unieke zit ‘m enerzijds in de organisatie achter het blog: Het is opgezet door een samenwerkingsverband van KNMI (Rob van Dorland), PBL (Bart Strengers) en Marcel Crok (wetenschapsjournalist), oftewel een samenwerking tussen tussen mainstreamers  en sceptici. Daarnaast is ook de opzet van het blog uniek: Het doel is om in alle openheid een inhoudelijke discussie te faciliteren tussen experts met verschillende wetenschappelijke inzichten. Nu vindt er natuurlijk continue discussie plaats tussen wetenschappers (bijv op conferenties, workshops en in de wetenschappelijke literatuur), maar die is vaak niet direct toegankelijk voor het grote publiek. Daarnaast proberen we op dit blog in te zoomen op de hete hangijzers uit het publieke debat, die weliswaar in de reguliere wetenschappelijke  discussie ook een rol spelen, maar die daarin te midden van de vele andere issues niet altijd even prominent zichtbaar zijn. Bovendien wordt op ClimateDialogue, naast ‘mainstream’ wetenschappers ook  aan ‘sceptische’ wetenschappers gevraagd deel te nemen aan de discussie, van wie de perceptie bestaat dat zij er in de reguliere wetenschappelijke fora bekaaid van af komen (in de perceptie van sommigen door uitsluiting, in de perceptie van anderen doordat ze zichzelf afzonderen).

Het wetenschappelijke debat wordt gekenmerkt door een spectrum aan inzichten. Bij ClimateDialogue worden wetenschappers uitgenodigd  die het sterk met elkaar oneens zijn, dus we gaan op zoek naar de extremen en de grote verschillen. Het heeft dus expliciet niet de pretentie om daarmee een representatief beeld te schetsen van (het volle spectrum van) de wetenschappelijke discussie. Het idee is veeleer dat een dergelijke discussie tegenwicht kan bieden aan de toenemende polarisatie tussen ‘sceptici’ en ‘mainstreamers’. Idealiter leiden deze discussies tot meer helderheid over waar men het eigenlijk met elkaar over oneens is, waarover misschien juist wel, en wat de achtergronden en oorzaken zijn van de (on)enigheid.

Op diverse Internationale blogs zal deze week een gastblog over ClimateDialogue verschijnen. Deze is ook te vinden op mijn Engelstalige klimaatblog. Naast de drie bovengenoemde trekkers van het initiatief kijken er een zevental mensen over hun schouders mee als leden van een adviesraad. Disclaimer: Tot augustus dit jaar was ik betrokken bij de voorbereiding van het initiatief; nu heb ik zitting in de adviesraad.

Dit blog vloeit voort uit de motie Nepperus, waarin werd aangedrongen “dat ook klimaatsceptici bij vervolgstudies worden betrokken”. Ik vind het een mooi initiatief: De inhoudelijke geschilpunten blootleggen in een publiekelijk toegankelijk forum is heel nuttig. Het kan tot de nodige duidelijkheid en –misschien nog belangrijker- depolarisatie leiden, en dat kan het (publieke en wetenschappelijke) debat alleen maar ten goede komen. Er zitten echter ook risico’s aan een dergelijk project: De perceptie kan ermee gevoed worden dat de wetenschappelijke discussie door twee (gelijkwaardige) ‘kampen’ gedomineerd word (wat tot een ‘false balance’ leidt), of dat de mainstream wetenschap een monolithische eenheidsworst zou zijn (terwijl er in werkelijkheid ook binnen de mainstream continue discussie is en er een grote variatie aan inzichten is, maar dan vooral over details). Oftewel, het risico zit ‘m in de framing en de perceptie  van het project, en voor welke ideologische karretjes het gespannen zou kunnen worden. De discussies op de site zelf lijken me voornamelijk leuk, leerzaam en nuttig. Daarbij is de inbreng van goede wetenschappers natuurlijk wel een voorwaarde om het platform tot een succes te maken. Aarzel dus niet om contact op te nemen (met info [at] climatedialogue [dot] org of met mijzelf) als je je aangesproken voelt en niet bang bent voor een gemodereerd publiek debat!

De wetenschap versus de weergoden

Gast-blog van Hans Custers: Reactie van de Weergoden op NRC column van Louise Fresco

Geachte mevrouw Fresco,

Bij deze betonen wij u onze erkentelijkheid voor de brief die u namens ons schreef in het NRC van 8 november. Wij kunnen wel een steuntje in de rug gebruiken. Onze macht is immers al eeuwen tanende. Met weemoed denken we terug aan de tijd dat een beetje bliksem en donder voldoende was om de mensen bevend van angst op hun knieën te krijgen. En toen moesten jullie zo nodig beginnen met de Verlichting, met wetenschappers die deze verschijnselen rationeel gingen onderzoeken. Voor we het goed en wel wisten werd het eerste beetje opgedane inzicht al gebruikt om een bliksemafleider te ontwikkelen. Het volk schoot ons nog even te hulp. Het idee dat men dit machtige verschijnsel kon begrijpen was zo pretentieus, de pogingen om het zelfs de beheersen waren zo arrogant, daar moest de Satan wel achter zitten. Daarom kregen de eerste bliksemafleiders gewapende bewaking  De afloop kennen we. Zo nu en dan weten we nog wel eens wat te raken, maar veel lol is er niet meer aan. En we kunnen nog wat kinderen, huisdieren en een enkele volwassene de stuipen of het lijf jagen, maar van dat diepe, heilige ontzag is niets meer over.

En dat was nog maar het begin. Daarna kwamen degenen die zich meteorologen zijn gaan noemen. Het begon vrij onschuldig met waarnemen, meten en beschrijven, maar dat ging al snel over in analyseren en verklaren. Zo werd ons, beetje bij beetje, het wapen van de verrassing ontnomen. De pretenties van iemand als Buys Ballot, die ondanks alle wantrouwen doorging met zijn arrogante nieuwlichterij, die de regering zelfs wist te bewegen tot de oprichting van het KNMI, die hoogmoed heeft ons gezag ernstig ondermijnd. Wat we ook proberen, jullie doorzien onze plannen steeds beter, en steeds langer van tevoren. Ons rest slechts brute kracht; daar kunnen we zo nu en dan nog wel indruk mee maken. Maar wat is er in anderhalve eeuw tijd veel verloren gegaan.

Het klimaat is ons laatste bastion. De wetenschap heeft forse bressen geslagen, maar gelukkig is er nog een klein groepje getrouwen dat dapper standhoudt. We zijn dankbaar voor die steun, laat daar geen misverstand over bestaan, maar we moeten met leedwezen constateren dat de geschiedenis zich herhaalt. Weer zien we verwijten van hoogmoed aan het adres van de wetenschap, en weer zien we dat die wetenschap gewoon doorgaat en ons in rap tempo onze laatste geheimen ontfutselt. Als we verder proberen te kijken dan onze goddelijke neuzen lang zijn, vragen we ons wel eens af: Is het niet nog veel hoogmoediger om anderen arrogantie en pretenties te verwijten, als je niet voldoende kennis van hun wetenschap hebt om die werkelijk te kunnen beoordelen?

Mevrouw Fresco, op dit punt gekomen moeten we maar eens open kaart spelen. Als we diep in onze ziel kijken weten we al heel, heel lang dat onze macht helemaal niet tanende is. We hebben helemaal nooit macht gehad. We zijn altijd willoos overgeleverd geweest aan de regels van hemel en aarde: de natuurwetten. We hebben ons bestaansrecht altijd te danken gehad aan de illusie dat er iets hogers, iets ongrijpbaars en onbegrijpbaars zou zijn. U, de Verlichte mens, heeft ons dat bestaansrecht ontnomen. Uw ratio ontkent ons, maar ergens diep daaronder blijft een instinctief verlangen naar dat hogere, ongrijpbare en onbegrijpbare aanwezig. Zelfs het rationele besef dat dit verlangen in de loop van de evolutie van de mens is ontstaan, brengt het niet volledig onder controle. Dat de wetenschap er steeds weer in slaagt om het hogere, ongrijpbare en onbegrijpbare te bestuderen, te beschrijven, te analyseren en uiteindelijk te doorgronden kan daardoor soms ontnuchterend zijn. Maar de wetenschap demystificeert niet alles, ze werpt ook steeds weer nieuwe, nog mooiere, nog minder grijpbare en begrijpbare raadsels op. Misschien is dat een troostrijke gedachte.

De Weergoden.