Miljarden aan handel in gevaar door klimaatextremen die havens treffen

Gastblog door: dr. Jasper Verschuur, Oxford Programme for Sustainable Infrastructure Systems, Universiteit van Oxford

Foto: Quick PS, Unsplash

Meer dan US$122 miljard aan economische activiteiten en US$81 miljard aan internationale handel loopt gevaar door de gevolgen van klimaatextremen die havens kunnen treffen. Dit volgt uit ons onderzoek dat recent is gepubliceerd in het tijdschrift Nature Climate Change.

Volgens het onderzoek hebben zogenaamde systeemrisico’s – de risico’s die ontstaan door indirecte effecten binnen het wereldwijde netwerk van scheepvaart, handel en toeleveringsketens – invloed op havens en economieën over de hele wereld. Dit is zelfs het geval als lokale havens niet direct worden getroffen door klimaatextremen. Volgens onze studie is het risico aan jaarlijkse maritieme handel ongeveer US$81 miljard dollar, waarvan ongeveer 60% te wijten is aan indirecte effecten buiten de eigen jurisdictie van een land.

Delen van Noord-Europa, het westen van de Verenigde Staten, Zuid-Australië, het Midden-Oosten en West-Afrika worden naar verwachting in het bijzonder getroffen door dergelijke effecten, voornamelijk vanwege hun afhankelijkheid van havens in Oost-Azië. Dit is belangrijk omdat de risico’s als gevolg van buitenlandse afhankelijkheden van havens vaak over het hoofd worden gezien. Dit werd dramatisch zichtbaar toen vorig jaar de graan-exporterende havens in Oekraïne plotseling sloten als gevolg van de Russische invasie.

Foto: Chuttersnap, Unsplash

Als de verstoringen naar aanleiding van afhankelijke havens, handelsstromen en wereldwijde toeleveringsketens allemaal worden meegenomen komt dit neer op een totale mogelijke kostenpost van minstens US$122 miljard aan economische activiteit. Een eerdere analyse door ons onderzoeksteam onthulde al dat fysieke schade aan havens door stormen, overstromingen en andere klimaatextremen kan oplopen tot bijna US$8 miljard aan verliezen per jaar. Dit benadrukt duidelijk het belang van het kwantificeren van deze zogenaamde systeemrisico’s, aangezien het kijken naar lokale schade aan infrastructuur alleen de bredere economische verliezen kan verhullen die zich kunnen voordoen tijdens zulke extreme gebeurtenissen.

Volgens ons onderzoek omvatten de tien meest risicovolle economieën onder meer Taiwan, Macau, Hong Kong en enkele kleine eiland-ontwikkelingsstaten (SIDS), waarbij gemiddeld meer dan 0,5% van al het eindverbruik naar verwachting jaarlijks wordt verstoord. Maar dit nog kan veel hoger zijn voor bepaalde sectoren die sterk afhankelijk zijn van maritieme invoer. Het probleem waar vooral SIDS mee te maken hebben, is dat ze afhankelijk zijn van een klein aantal regionale havens die bijzonder gevoelig zijn voor klimaatextremen, met beperkte flexibiliteit in het systeem om goederen om te leiden in geval van verstoringen.

Onze onderzoeksgroep roept landen op om regulering te overwegen om mogelijke gevolgen van klimaatextremen te beperken. Dit kan bijvoorbeeld door het identificeren van alternatieve handelsroutes en handelspartners, en het verbeteren van de veerkrachtigheid van het havensysteem tegen dergelijke schokken. Ons onderzoek stelt beleidsmakers voor het eerst in staat om het risico van handelsgerelateerde verstoringen buiten hun eigen jurisdictie te evalueren. We hebben geprobeerd te benadrukken dat landen samen moeten komen om ervoor te zorgen dat risico’s worden aangepakt in mondiale handelsnetwerken en toeleveringsketens.

Het aanpassen van havens aan klimaatverandering, wat in de toekomst dringend nodig zal zijn, kan worden beschouwd als een wereldwijd publiek goed. Ons onderzoek kan helpen om de broodnodige klimaatfinanciering hiervoor vrij te maken en de business case te maken om in havens te investeren.

Plaats een reactie