Tagarchief: filosofie

Van realiteitsontkenning naar klimaatrealisme

Gastblog van Mario Veen

Als filosoof ben ik geïnteresseerd in realiteitsontkenning en wetenschapsontkenning in relatie tot de steeds pregnantere manier waarop de klimaatcrisis ons dagelijks leven binnenkomt. Het wetenschappelijke nieuws over klimaatverandering komt al ruim een halve eeuw ons leven binnen. Daarnaast nemen de afgelopen jaren mediaberichten over klimaatgerelateerde gebeurtenissen toe, en gaan steeds meer gesprekken die we in ons professionele en privéleven voeren over dit onderwerp. Hoewel we in Nederland tot nu toe redelijk buiten schot zijn gebleven, ervaren ook wij klimaatverandering steeds meer aan den lijve: de eerste keer dat er boven de 40 graden werd gemeten in Nederland in 2019, de overstromingen in Limburg in 2021, toeristen die vanwege bosbranden moesten worden geëvacueerd in 2023, en steeds meer weerrecords, zoals droogte of juist zware neerslag. Waarom is de combinatie van al deze wetenschappelijke informatie, mediaberichtgeving, gesprekken en eigen ervaringen niet genoeg om collectief te omarmen dat ook Nederland stevig aan de bak moet met het inperken van en aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering?

Comfortabele ontkenning

Een van de oudste verhalen over realiteitsontkenning is Plato’s allegorie van de grot. Plato vertelt hoe een groep mensen in een grot vastzit, hun blik gefixeerd op een schaduwspel op de grotmuur voor ze. Omdat ze daar al vanaf hun geboorte vastzitten en niets anders hebben ervaren dan die schaduwen, is dit hun realiteit. Plato beschrijft wat er gebeurt als een van de gevangenen wordt losgemaakt. De bevrijde gevangene draait zich om en ziet het vuur dat de schaduwen projecteert, krijgt uitleg over diens situatie, en de beelden die voor het vuur langs worden gedragen worden aangewezen. Maar Plato wist dat al deze informatie en zelfs het persoonlijk kunnen zien en ervaren niet genoeg was. De bevrijde gevangene doet dit alles af als een boze droom en wil alleen maar terug naar ‘de echte wereld’, de comfortabele plek in de grot.

Je zou de klimaatcrisis kunnen vergelijken met de situatie die Plato beschrijft. De grot is de relatieve klimatologische stabiliteit die de moderne mens de afgelopen tienduizend jaar ervaren heeft. Fossiele brandstoffen en andere manieren waarop we gewend zijn te leven, zoals het bouwen van steden in een laaggelegen kwetsbare rivierdelta als Nederland, zijn zaken die – krijgen we nu te horen – toch ineens problematisch blijken te zijn. We hebben onze samenleving ingesteld op een stabiel klimaat en zijn gewend aan de ‘goedkope’ energie die opgewekt wordt met fossiele brandstoffen. Daarom is het ook logisch dat de berichten van de afgelopen jaren en decennia, namelijk dat het klimaat verandert en dat we ingrijpend moeten veranderen om Nederland ook in de toekomst leefbaar te houden, op een zekere mate van realiteitsontkenning stuiten. En hoewel het op een begrijpelijke wijze communiceren van de wetenschappelijke conclusies over klimaatverandering en de implicaties daarvan voor onze maatschappij cruciaal is, is informatie alleen niet voldoende om de ‘nieuwe realiteit’ te accepteren en daarnaar te handelen. De klimaatcrisis roept namelijk existentiële vragen op, die  ons dwingen om na te denken over fundamentele zaken in ons leven. Het is dan soms aanlokkelijk om iets dat wetenschappelijk gezien toch echt vaststaat in twijfel te trekken, in plaats van realistisch te zijn over klimaatverandering.

Lees verder

Feiten en Waarden

Naar aanleiding van eerdere discussies over feiten (“is”) versus waarden (“ought”) vroegen wij Gerbrand Komen, voormalig onderzoeksdirecteur van het KNMI, om een gastblog te schrijven over dit thema. Bij deze:

Feiten en waarden

Gerbrand Komen, december 2015

De Schotse filosoof Hume (1711 – 1776) heeft er op gewezen dat wetenschap beschrijvend is en dat je vanuit die beschrijving niet tot morele of normatieve uitspraken kunt komen. Uit een ‘is’ kun je nooit een ‘ought’ afleiden. Het is daarom pikant dat waarden en normatieve uitspraken zich wetenschappelijk laten bestuderen. Het blijft dan toch zaak (= ought !) om dat onderzoek naar waarden te scheiden van het doen van normatieve uitspraken: onderscheid wat is en wat je zou willen! Het ‘is’ gaat over feiten, over de wereld zoals hij is. Het ‘ought’ gaat over de wereld die we zouden wensen, over wat we waardevol vinden.

Het is dus belangrijk om onderscheid te maken tussen feiten en waarden. Deze notitie gaat over de vraag of en in hoeverre je dat onderscheid kun maken.

Feiten zijn dat wat de wetenschap ons leert; en wetenschap is objectief. Wetenschap is waardevrij. Wetenschap zegt iets over werkelijkheid, over hoe het is. Drie uitspraken die ik koester.

Maar zijn ze wel waar? En wat bedoel ik eigenlijk? Het vakgebied dat zich bezig houdt met dit soort vragen, de epistemologie, duidt mijn drie uitspraken wel met de uitdrukking waardevrij ideaal (Value Free Ideal), een begrip dat vooral bekendheid kreeg door het werk van de socioloog Max Weber (1864 – 1924). Dit idee is echter heftig bekritiseerd, recentelijk bv door de Noord-Amerikaanse filosofe Heather Douglas in haar boek (2009) ‘Science, policy and the value free ideal’. Daarin laat ze zien dat wetenschappelijk onderzoek niet waardevrij is, en het ook niet hoort te zijn.

Het debat spitst zich dan toe op de vraag of je epistemische waarden kunt (onder)scheiden van andere, niet-epistemische waarden. Epistemische waarden zijn de waarden die aangeven wat goed onderzoek is. Niet iedereen is expliciet over wat die epistemische waarden nou precies zijn, maar zelf gebruik ik vaak dit (onvolledige) lijstje:

  • Hypotheses en modellen moeten worden getoetst aan waarnemingen, en op interne consistentie. Als daar aanleiding toe is moet de kennis worden herzien.
  • Waarnemingen en logica moeten daarbij leidend zijn.
  • Het hele proces dient transparant te zijn: data en modellen dienen goed gedocumenteerd te zijn, en beschikbaar voor anderen, zodat resultaten door anderen gereproduceerd kunnen worden.

Lees verder