Open discussie voorjaar 2025

Vanaf vandaag staken Nederlandse universiteiten in reactie op de bezuinigingen op het hoger onderwijs en de wetenschap. De actiegroep WOinActie organiseert samen met vakbonden een zogenaamde estafettestaking, waarbij vanaf vandaag elke dag een andere Nederlandse universiteit of hogeschool het onderwijs en onderzoek plat legt. De acties zijn een protest tegen de aangekondigde bezuinigingen van ruim een miljard euro op het hoger onderwijs, waar de Eerste Kamer nog over moet stemmen.

Klimaatveranda is geen wetenschappelijk instituut en onze bloggers zijn ook niet allemaal wetenschappers, maar onze missie, dat grofweg het duiden en begrijpelijk uitleggen van ontwikkelingen in de klimaatwetenschap omvat, wordt wel degelijk door deze bezuinigingen geraakt. Ook wij zien dat Nederlandse onderzoekers met wie we regelmatig contact hebben, wiens werk wij citeren in onze blogs, en die we op sociale media met regelmaat reposten, moeite hebben met het vinden van een (vast) contract, en in sommige gevallen zelfs moeten vrezen voor het behoud van hun baan. Wij vinden dat een zorgelijke ontwikkeling, omdat het de kwaliteit van Nederlands Nederlands (klimaat-)onderzoek en onderwijs ernstig belemmert, en daarom staan we vandaag stil bij de estafettestaking van WOinActie.

Overigens ontgaat ook de bizarre aanval op de wetenschap in de Verenigde Staten ons niet. Wetenschappers worden massaal ontslagen, financiële stromen worden gepauzeerd, en woorden zoals ‘climate crisis’ en ‘science-based’ mogen niet meer worden gebruikt door onderzoeksinstellingen… Ook NOAA en NASA worden daarbij getroffen, waarbij de continuïteit van weer- en klimaatdata die wereldwijd worden gebruikt onder druk staat. En de Trump-regering houdt zelfs wetenschappers tegen om vergaderingen bij te wonen om aan het volgende IPCC-rapport te werken.

Een lijst aan woorden die in verschillende VS-overheidsinstellingen niet meer mogen worden gebruikt, samengesteld door de New York Times, waaronder ‘climate science’.

Veel klimaatexperts in de VS die ik op sociale media volg, maken zich grote zorgen en spreken zich uit. Als ik dat lees, voel ik me vooral machteloos. Wat kunnen wij hier doen om ervoor te zorgen dat dit in Europa, en in Nederland, niet kan gebeuren? En is er een manier om onze collega’s aan de andere kant van de Atlantische Oceaan te steunen? Zelf aan de stoelpoten van onze wetenschappelijke instellingen zagen door middel van de aangekondigde bezuinigingen, dat kunnen we in elk geval niet gebruiken.

Dit, en allerlei andere klimaatgerelateerde zaken kunnen besproken worden in deze open draad.

26 Reacties op “Open discussie voorjaar 2025

  1. goffredofabbro

    Arthur,

    bezuiniging van €1 miljard op het totale NL onderwijs&wetenschap budget vind ik niet verontrustend. En het argument dat mensen in die sector geen vast baan krijgen of ontslagen worden lijkt me niet relevant voor het wetenschappelijk bedrijf. Relevant is dat echt onderzoek -observatie en herhaalbaar experiment- in tact blijft. Ik wijs er op dat a) een substantieel deel van ‘wetenschappelijk’ onderzoek niet berust op observatie maar op literatuur-analyse, en b) veel experimenten methodologisch niet blijken te deugen c..q. niet herhaalbaar zijn. Met name in het labyrint humaniora/sociologie/politicologie/economie. Er zijn veel bullshit banen in de academische werkgemeenschap en dat mag van mij minder.

    Een paralel ding is hoe het is gesteld is met de wetenschappelijke buro’s (WRR, CBS, PBL, etc.) die de NL overheid van wetenschappelijke info voorzien. Vallen die ook onder de bezuiniging?

    Like

  2. Maarten van der Geest

    Goff,

    PBL, CBS etc vallen onder hun verantwoordelijke ministeries en worden dus in meer of mindere mate gekort (of niet gekort afhankelijk van het ministerie) vanwege de bezuinigingen op het ambtelijk apparaat. Werknemers van deze instituten zijn formeel ambtenaren en leggen dus bijvoorbeeld ook de recent herziene ambtenareneed af.

    Like

  3. jaaplont

    Vandaag in Trouw: Europa wil wetenschapsgeld beschikbaar maken voor militair onderzoek | Trouw

    “De EC wil wetenschapssubsidies ook openstellen voor militair doel.” Lijkt me een duidelijk voorbeeld van de verschuivende prioriteiten – een voorbeeld dat ook in het verhaal van Ko van Huissteden past.

    Like

  4. Bart Vreeken

    Het is moeilijk om aan goede informatie te komen over de veranderingen aan de ijskap van Antarctica. Wat er wel naar buiten komt is vrij opvallend. Door toegenomen sneeuwval is er de afgelopen jaren gemiddeld geen afname geweest. Op weerwoord.be heb ik de beschikbare gegevens op een rijtje gezet.

    https://www.weerwoord.be/m/3201750

    Like

  5. Bart Vreeken

    Het is moeilijk om aan goede informatie te komen over de veranderingen aan de ijskap van Antarctica. Wat er wel naar buiten komt is vrij opvallend. Door toegenomen sneeuwval is er de afgelopen jaren weinig of geen afname geweest. Op weerwoord.be heb ik de beschikbare gegevens op een rijtje gezet.

    https://www.weerwoord.be/m/3201750

    De afgelopen jaren kwamen er (hopelijk) goede overzichten van het ‘IMBIE-team’. Hierin werden resultaten van verschillende meetmethoden (zwaartekracht, hoogte, input-output) geïntegreerd tot één overzichtelijke trend. Helaas komen er geen updates meer. Het IMBIE-team lijkt uit elkaar gevallen te zijn. Copernicus noemt in een jaaroverzicht nog wel een totaal massaverlies, maar het is onduidelijk waarop dat gebaseerd is. WMO noemt helemaal geen getal meer, en verwijst naar onderzoek uit 2018.

    De gravitatiemetingen van GRACE laten grote veranderingen per maand zien. Mogelijk nemen de fluctuaties toe (méér sneeuwval, méér afsmelt), maar omdat de meetserie nog niet zo lang is is dat ook niet helemaal zeker. Opvallend was de massatoename van december 2024 naar januari 2025 (+65 gigaton), midden in de zuidelijke zomer. Dat was in deze mate nog niet eerder vertoond.

    Like

  6. Dirk Roorda

    Bart, dat is interessant. Antarctica is koud genoeg voor een ijskap, maar het is ook aan de droge kant, en dat hindert de vorming van meer ijs. Het zou dus kunnen dat door de opwarming van de wateren rond Antarctica je er meer actieve depressies krijgt die warme lucht hoog kunnen laten opstijgen om het weer te laten uitsneeuwen op Antarctica zelf. De aangroei van ijs wordt dan meer, maar door diezelfde warmte in het zeewater wordt de afkalving ook meer.

    De vraag is dus eigenlijk: tot hoeveel graden opwarming zal de vermeerderde aangroei groter zijn dan de vermeerderde afkalving?

    Is het mogelijk dat tot zeg 2 graden mondiale opwarming Antarctica’s ijskap juist gaat groeien en zo de zeespiegelstijging gaat afremmen? Of zit dat punt bij 0.5 graden opwarming, of gaat de afkalving sowieso sneller dan de aangroei?

    Jammer dat de metingen die de modellen zouden kunnen voeden nu schaarser lijken te worden.

    Like

  7. Hans Custers

    Op basis van die grote fluctuaties en statistische logica kun je volgens mij een behoorlijk harde conclusie trekken: je hebt een lange meetserie nodig om een enigszins betrouwbare trend te kunnen bepalen. Dat is ook best logisch, want veranderingen in een ijskap spelen zich af op een geologische schaal.

    Wat de toekomst zal brengen hangt vooral af van het mogelijk instabiel worden van delen van de ijskap op (vooral) West-Antarctica. Die onzekerheid is misschien wel het grootste probleem. Als we de komende eeuw, of anderhalve eeuw, een aanzienlijke maar vrij goed voorspelbare zeespiegel zouden krijgen, zouden we daar nu al plannen voor kunnen maken. Inspelen op onzekerheid is een stuk lastiger.

    En we zullen de komende tijd waarschijnlijk moeten wennen aan het feit dat er minder informatie komt. Dat is het onvermijdelijk gevolg van hoe het regime van Trump huishoudt in de wetenschap. Al weet ik niet of dat nu al meespeelt in de informatie over de Antarctische ijskap.

    Like

  8. Bart Vreeken

    `Het zou dus kunnen dat door de opwarming van de wateren rond Antarctica je er meer actieve depressies krijgt die warme lucht hoog kunnen laten opstijgen om het weer te laten uitsneeuwen op Antarctica zelf. De aangroei van ijs wordt dan meer, maar door diezelfde warmte in het zeewater wordt de afkalving ook meer.`

    Ja, het lijkt wel zeker dat de sneeuwval op Antarctica meer wordt. Dat is al te zien aan de trend van de Surface Mass Balance, de netto aanwas van ijs bovenop de ijskap. Deze was in de laatste vijf jaar steeds flink boven het gemiddelde van 1981-2010. De SMB wordt berekend over de periode maart t/m februari.

    Verschillende modellen komen voor de komende decennia op een negatieve bijdrage van Antarctica aan de zeespiegel. Bij voortgaande opwarming komt er een omslagpunt, waarna het massaverlies steeds sneller gaat.

    https://tc.copernicus.org/articles/18/4463/2024/#Ch1.T1

    Like

  9. Bart Vreeken

    Het plaatsen van reacties gaat niet helemaal goed. De figuur ontbrak.

    Like

  10. Bart Vreeken

    En weer niet gelukt. Dan maar zo:

    https://www.weerwoord.be/m/3190670

    Like

  11. Hans Custers

    Afname van zee-ijs heeft mogelijk ook invloed, omdat daardoor meer open wateroppervlak is in de omgeving van Antarctica, waar water kan verdampen.

    Like

  12. Bart Vreeken

    Ja, dat denk ik ook.

    Like

  13. goffredofabbro

    Hans,

    “En we zullen de komende tijd waarschijnlijk moeten wennen aan het feit dat er minder informatie komt. Dat is het onvermijdelijk gevolg van hoe het regime van Trump huishoudt in de wetenschap.”

    Wat betekent ‘minder informatie’ in de context van de tijdschalen waarover we het hebben? Permanente monitoring is op de intensive care van een ziekenhuis wezenlijk. Me lijkt dat eventuele afname in de frequentie van klimatologische sondering en meting niet af hoeft te doen aan de wetenschappelijke kwaliteit, de robuustheid van bevindingen. Maar misschien zie ik iets over het hoofd?

    Los daarvan, dollemannen Trump c.s. veranderen niks aan de klimatologische onzekerheden-op-termijn. Zoals je zegt: “Die onzekerheid is misschien wel het grootste probleem” en me lijkt dat zelfs * opschroeven * van de frequentie van klimatologische sondering en meting geen soelaas biedt.

    Like

  14. Hans Custers

    Goff,

    Als er minder informatie is, kan het lastige zijn om de vinger aan de pols te houden over bijvoorbeeld de AMOC, of veranderingen in ijskappen. Het zou moeilijker kunnen worden om een trendbreuk op te sporen.

    Verder lijkt monitoring me zeker belangrijk voor onderzoek naar gevolgen van klimaatverandering op regionale schaal. Dergelijke veranderingen kunnen soms heel anders uitpakken dan het mondiaal gemiddelde. En voor adaptatie is het juist van belang wat er op regionale of lokale schaal gebeurt. Of liever nog: wat daar te verwachten is. Zodat het mogelijk is op veranderingen te anticiperen voor ze teveel impact hebben.

    Ook attributie van extreem weer zou moeilijker kunnen worden als adequate informatie ontbreekt. Attributie is belangrijk om zicht te krijgen op de impact die klimaatverandering nu al heeft. En dus cruciaal voor de informatievoorziening.

    Dat zijn enkele voorbeelden die ik kan bedenken. Er zullen er vast meer zijn.

    Like

  15. Dirk Roorda

    Goff

    “en me lijkt dat zelfs * opschroeven * van de frequentie van klimatologische sondering en meting geen soelaas biedt.”

    Hans

    “Dat zijn enkele voorbeelden die ik kan bedenken. Er zullen er vast meer zijn.”

    Ja, het gaat niet alleen om een voldoend hoge resolutie in tijd (frequentie), maar ook in plaats (dicht netwerk van sensoren), en ook met voldoende proxies. De meeste dingen die je eigenlijk wilt weten, kun je niet direct meten, dus je meet iets anders dat een goede indicatie geeft. Hoe meer verschillende proxies, hoe beter. Satellieten, ballonnen, weerstations.

    Juist op ijskappen is de resolutie in plaats niet erg groot. En juist mbt de tipping points in de veranderingen in een ijskap komt het op fijnmazige data aan.

    In dit artikel over het afknijpen van de NOAA (National and Atmospheric Administration) kun je zien wat er allemaal voor nodig is om voorspellingen te doen over hurricanes.

    https://arstechnica.com/science/2025/05/on-cusp-of-storm-season-noaa-funding-cuts-put-hurricane-forecasting-at-risk/

    En zelfs daar wordt nu dus op ingehakt. Het lijkt wel alsof ieder instituut met de potentie om slecht nieuws te brengen, een kopje kleiner gemaakt wordt.

    Like

  16. goffredofabbro

    Hans, Dirk

    jullie reacties hebben me aan het denken gezet want ze klinken wel o.k. maar overtuigen me niet.

    We hebben te maken met twee verschillende wetenschappelijke categorie-en:

    1) (globale) klimatologische trendbepaling.

    2) (regionale) metereologische variabiliteit.

    Mijn idee wat betreft wetenschappelijke inspanning/prioriteit is dat 1) het met wat soberder klimatologische monitoring kan doen. En dat metereolische risico-analyse van 2) intensief wordt opgevoerd.

    Like

  17. Hans Custers

    Goff,

    Als je het heel grofstoffelijk bekijkt zou je die categorieën inderdaad kunnen onderscheiden. Maar zoom je wat in op details, dan zie je talloze verwevenheden. Meer informatie over het een kan ook meer inzicht opleveren in het andere.

    Denk bijvoorbeeld aan een fenomeen als El Niño, dat in een groot gebied invloed heeft op het weer, met grote verschillen tussen regio’s. Terwijl het grootschalige fenomeen weer wordt beïnvloed door de wereldwijde opwarming.

    Of aan veranderende stromingspatronen in de lucht en de oceaan, die uiteindelijk lokaal ingrijpende gevolgen kunnen hebben, maar veel beter begrepen kunnen worden door ze op een veel groter schaalniveau in beeld te brengen.

    Klimatologie en meteorologie waren ooit behoorlijk gescheiden disciplines, maar dat is niet meer zo. Ze lopen tegenwoordig, dankzij het voortschrijdend inzicht van de afgelopen decennia, in elkaar over.

    Like

  18. goffredofabbro

    Hans,

    “…zoom je wat in op details, dan zie je talloze verwevenheden. Meer informatie over het een kan ook meer inzicht opleveren in het andere. […] Klimatologie en meteorologie waren ooit behoorlijk gescheiden disciplines, maar dat is niet meer zo. Ze lopen in elkaar over.”

    Tja, er is en blijft een wezenlijk verschil tussen onderzoek naar theoretische trend in de historie van willekeurig fenomeen x en momentane sondering/meting van fenomeen x zelf. Lange termijn klimatologische data geven geen inzicht in korte termijn metereologische data. En omgekeerd geven metereologische korte termijn-data geen inzicht in klimatologische trends. Het is mij een raadsel hoe het een in het ander zou kunnen ‘overlopen’ (jouw term). Voor het werk van de metereoloog zijn klimatologische trends niet relevant. En omgekeerd zijn klimatologisch geconstateerde trends niet relevant voor metereologische observatie.

    Like

  19. Hans Custers

    Goff,

    Je verkoopt onzin. Klimatologische trends bepaal je door het analyseren van meteorologische data. En data zijn data. Er zijn korte- of langetermijndata. Er zijn data die je op allerlei manieren kunt analyseren.

    Klimatologische analyse van die data geeft inzicht in hoe het momentane weer (zoals de extremen daarin) is veranderd, en in de toekomst nog meer kan veranderen.

    Het gaat vooral over de inzicht in de werking van het klimaatsysteem, op allerlei schaalniveaus. Van de microschaal waarop en wolkendruppeltje zich vormt, tot de schaal van de energiebalans van de hele atmosfeer. En van tijdschalen van minder dan een seconde tot de geologische tijdschaal van veranderingen in het verleden. Het is een continuüm. Geen twee gescheiden stukjes ‘weer’ en ‘klimaat’ met niks daar tussenin.

    Like

  20. Dirk Roorda

    Goff,

    bovendien: klimaatmodellen werken (onder andere) door de fysica van het weer te modelleren. Je voert een begintoestand in, je stemt wat parameters af, en dan laat je de computer het weer uitvoeren, van dag x tot dag x + n, waarbij n best groot mag zijn.

    Maar je kunt niet ieder molecuul gaan simuleren, dus nemen ze “cellen” in de atmosfeer, van een bepaalde grootte, zeg 10 bij 10 km, en kijken ze alleen naar bepaalde eigenschappen.

    Doordat het een benadering is, gaat het model uit de pas lopen met de werkelijkheid. Hoe hoger de n, hoe meer uit de pas. Je kunt het verbeteren door de cel grootte te verkleinen, bijvoorbeeld naar 1 x 1 km. Dat kost je dan wel 1000 x zoveel rekenkracht, en als je die net hebt, wordt je n kleiner.

    Het is dus continu spelen met je parameters, je resoluties, de tijdspanne die je wilt overzien, en de kosten die je moet maken.

    Daarbij is het verschil tussen weer en klimaat inderdaad gradueel.

    Er is een tak van sport waar het onderscheid tussen micro en macro heel succesvol is geweest: de thermodynamica. Als je gassen en energie beschouwt, kun je voor heel veel doeleinden abstraheren van moleculen, en werken met termen als temperatuur en druk, theoretische concepten die op molecuulniveau geen betekenis hebben.

    Maar ook daar geldt dat je de wetten in termen van temperatuur en druk ook met enige moeite af kunt leiden uit de wetten over moleculen en hun bewegingen.

    Onlangs is er nog een resultaat behaald dat zegt dat je de macroscopische theorieen over vloeistof dynamica kunt reduceren tot de microscopische theorieen daarover.

    https://dailygalaxy.com/2025/04/physics-puzzle-finally-cracked/

    En zoals Hans zegt, bij het klimaat zijn alle schaalgroottes relevant. Een microscopische verstoring kan een macroscopisch effect krijgen. Omdat op te sporen moet je zo microscopisch gaan als je je kunt veroorloven, qua kosten.

    Like

  21. Hans Custers

    Bedenk ook dat het bij elkaar sprokkelen van data altijd een groot deel van het werk is geweest van aardwetenschappers. Omdat je geen experimenten uit kunt voeren met het aardsysteem moeten ze het doen met alles dat ze uit de aarde zelf weten te peuren. Elk beetje informatie dat er is, is daarom wel op een of andere manier bruikbaar.

    Like

  22. Dirk Roorda

    Even iets heel anders: zeespiegelstijging of daling. Er is, los van het klimaat, nog een oorzaak waardoor de zeespiegel kan dalen en stijgen, en dat is de cyclus van oceaanwater dat verdwijnt in de aardmantel bij subductiezones, bijvoorbeeld in de Marianentrog. Dat water komt ook wel weer terug, maar er is geen exacte balans op korte termijn.

    Ik weet niet precies hoe groot dit effect is. Wel is het zo dat de hoeveelheid mantelwater op enige oceanen geschat wordt (maar de spreiding is de schattingen is hoog, en er wordt nog steeds onderzoek gedaan om die schattingen nauwkeuriger te maken).

    Zie bijvoorbeeld dit artikel: https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC8288861/

    De Engelse science-fiction schrijver Stephen Baxter heeft dit gegeven gebruikt in zijn tweeluik “Flood” en “Ark” (https://en.wikipedia.org/wiki/Flood_(Baxter_novel)), waarin hij beschrijft dat het mantelwater stelselmatig omhoog komt, en waarbij het gaandeweg duidelijk wordt dat zelfs de Mount Everest zal gaan onderlopen. Volgens het artikel hierboven zit dat er niet in, trouwens.

    Het meeste dat wij van dat water merken is dat de platentektoniek daardoor “soepeler” gaat, en de platentektoniek is zeer bepalend voor het klimaat (of we in een ijstijd zijn of niet).

    Het geeft te denken dat wij zonder hulp van platentektoniek in staat zijn om de CO2 voorraad in de atmosfeer in vergelijkbare mate te beïnvloeden, en dan ook nog honderdduizend keer zo snel (wat het ene in 10 miljoen jaar doet, doet de mensheid in 100 jaar).

    Ik vond die boeken van Baxter fascinerend, en als je ze uit hebt, denk je, oh, gelukkig, bij ons gaat het in het ergste geval over slechts zo’n 60 meter zeespiegelstijging. In dat relativerende gevoel moet je dan weer niet te lang blijven hangen, natuurlijk.

    Like

  23. Bob Brand

    De toename van de CO₂-concentratie over het afgelopen jaar is opvallend: 3,7 ppm op jaarbasis (NOAA) en zelfs 4,7 ppm indien je maart 2024 met maart 2023 zou vergelijken:

    https://nos.nl/artikel/2567613-zorgwekkende-toename-co2-vooral-doordat-natuur-minder-lijkt-op-te-nemen

    Bedenk wel dat er een forse El Niño heeft plaatsgevonden. In zulke jaren is de airborne fraction, het gedeelte van onze emissies dat in de dampkring blijft, beduidend groter dan andere jaren. De vraag is of dit een structurele dan wel incidentele toename van de airborne fraction betreft.

    Lees s.v.p. wat prof. Guido van der Werf hierover geschreven heeft op ons blog:

    Toekomstige CO2-concentraties

    CO2-concentratie sneller gestegen dan ooit tevoren (2014)

    Wil de echte CO2-toename opstaan?

    Like

  24. goffredofabbro

    Knoeiwerk in de sociale wetenschappen en hun tijdschriften. Voor wie het interesseert zie: https://asteriskmag.com/issues/10/can-we-trust-social-science-yet

    Het is een recent overzicht door een methodologie-expert van de deplorabele (met name de statistiek) stand van zaken in die tak van het wetenschappelijke bedrijf. Vergelijkbaar schreef fysicus Carlo Rovelli onlangs in Nature [betaalmuur] over de stand van zaken (met name de methodologische aannames) in de fundamentele natuurkunde. Let wel: de auteurs hebben het over serieuze defecten in wetenschappelijk werk.

    Mijn vraag is of serieuze defecten in de klimatokogische methodologie door een expert-klimatoloog zijn geconstateerd/beschreven. Iemand een lees-suggestie?

    Like

  25. Dirk Roorda

    Goff,

    Boeiend artikel. Bekende problemen. Vooral in de sociale wetenschappen, waar weinig natuurwetten zijn, veel patronen, en relatief weinig data per patroon.

    Aan de problemen wordt gewerkt, zoals uit het artikel blijkt, en ook in Nederland is er een heel KNAW instituut dat zich bezig houdt met het opslaan van onderzoeksdata zodat onderzoek repliceerbaar blijft en ook anderszins herbruikbaar is.

    https://dans.knaw.nl/nl/

    Like

  26. Hans Custers

    Goff,

    De klimaatwetenschap ligt permanent onder een vergrootglas, en de beoefenaars ervan zijn zich daarvan bewust. En (mede) daarom zijn ze behoorlijk kritisch op elkaars werk. Bovendien wordt eens in de 6, 7 jaar de balans opgemaakt van de stand van zaken, via een IPCC-assessment. In dat opzicht is de klimaatwetenschap uniek, denk ik.

    Het betekent natuurlijk niet dat er helemaal geen ondermaats onderzoek is, of dat er geen slechte artikelen worden gepubliceerd. Maar wel dat er genoeg mechanismes zijn om het kaf van het koren te scheiden.

    Als je klimaatwetenschap wat breder definieert dan alleen de natuurwetenschappelijke kant, dan zijn daar nog wel wat gevoeligheden. Met name rond de ontwikkeling van sociaaleconomische scenario’s en de modellen die daarvoor worden gebruikt. Zowel Arthur als ik hebben daar de afgelopen tijd over geschreven. Of je daar van knoeiwerk zou mogen spreken, of eerder van voortschrijdend inzicht, mag iedereen voor zichzelf uitmaken.

    (Overigens is het probleem met de fundamentele natuurkunde volgens mij vooral dat het onderzoek daar zo goed als helemaal is vastgelopen. “Doing the same thing over and over again and expecting different results” is daar de stug volgehouden werkwijze bij gebrek aan een alternatief. Tot ooit iemand toch de opening vindt naar echte vooruitgang.)

    Like

Plaats een reactie