Van realiteitsontkenning naar klimaatrealisme

Gastblog van Mario Veen

Als filosoof ben ik geïnteresseerd in realiteitsontkenning en wetenschapsontkenning in relatie tot de steeds pregnantere manier waarop de klimaatcrisis ons dagelijks leven binnenkomt. Het wetenschappelijke nieuws over klimaatverandering komt al ruim een halve eeuw ons leven binnen. Daarnaast nemen de afgelopen jaren mediaberichten over klimaatgerelateerde gebeurtenissen toe, en gaan steeds meer gesprekken die we in ons professionele en privéleven voeren over dit onderwerp. Hoewel we in Nederland tot nu toe redelijk buiten schot zijn gebleven, ervaren ook wij klimaatverandering steeds meer aan den lijve: de eerste keer dat er boven de 40 graden werd gemeten in Nederland in 2019, de overstromingen in Limburg in 2021, toeristen die vanwege bosbranden moesten worden geëvacueerd in 2023, en steeds meer weerrecords, zoals droogte of juist zware neerslag. Waarom is de combinatie van al deze wetenschappelijke informatie, mediaberichtgeving, gesprekken en eigen ervaringen niet genoeg om collectief te omarmen dat ook Nederland stevig aan de bak moet met het inperken van en aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering?

Comfortabele ontkenning

Een van de oudste verhalen over realiteitsontkenning is Plato’s allegorie van de grot. Plato vertelt hoe een groep mensen in een grot vastzit, hun blik gefixeerd op een schaduwspel op de grotmuur voor ze. Omdat ze daar al vanaf hun geboorte vastzitten en niets anders hebben ervaren dan die schaduwen, is dit hun realiteit. Plato beschrijft wat er gebeurt als een van de gevangenen wordt losgemaakt. De bevrijde gevangene draait zich om en ziet het vuur dat de schaduwen projecteert, krijgt uitleg over diens situatie, en de beelden die voor het vuur langs worden gedragen worden aangewezen. Maar Plato wist dat al deze informatie en zelfs het persoonlijk kunnen zien en ervaren niet genoeg was. De bevrijde gevangene doet dit alles af als een boze droom en wil alleen maar terug naar ‘de echte wereld’, de comfortabele plek in de grot.

Je zou de klimaatcrisis kunnen vergelijken met de situatie die Plato beschrijft. De grot is de relatieve klimatologische stabiliteit die de moderne mens de afgelopen tienduizend jaar ervaren heeft. Fossiele brandstoffen en andere manieren waarop we gewend zijn te leven, zoals het bouwen van steden in een laaggelegen kwetsbare rivierdelta als Nederland, zijn zaken die – krijgen we nu te horen – toch ineens problematisch blijken te zijn. We hebben onze samenleving ingesteld op een stabiel klimaat en zijn gewend aan de ‘goedkope’ energie die opgewekt wordt met fossiele brandstoffen. Daarom is het ook logisch dat de berichten van de afgelopen jaren en decennia, namelijk dat het klimaat verandert en dat we ingrijpend moeten veranderen om Nederland ook in de toekomst leefbaar te houden, op een zekere mate van realiteitsontkenning stuiten. En hoewel het op een begrijpelijke wijze communiceren van de wetenschappelijke conclusies over klimaatverandering en de implicaties daarvan voor onze maatschappij cruciaal is, is informatie alleen niet voldoende om de ‘nieuwe realiteit’ te accepteren en daarnaar te handelen. De klimaatcrisis roept namelijk existentiële vragen op, die  ons dwingen om na te denken over fundamentele zaken in ons leven. Het is dan soms aanlokkelijk om iets dat wetenschappelijk gezien toch echt vaststaat in twijfel te trekken, in plaats van realistisch te zijn over klimaatverandering.

Gelukkig zijn er tal van manieren waarop we realiteitsontkenning en wetenschapsontkenning kunnen begrijpen en daarmee klimaatrealisme bevorderen. Ik noem hier twee kaders die je kunt gebruiken. De belangrijkste boodschap is echter dat het ontkennen van één of meerdere aspecten van klimaatverandering niet primair te maken heeft met informatie en feiten, maar met zaken als gevoelens, identiteit en sociale context. Zonder rekening te houden met wat informatie en feiten betekenen voor de manier waarop mensen zichzelf zien en hun leven vormgeven, kunnen ze stuiten op een muur van verzet.

Van onwetendheid naar actie

Het eerste kader ontleen ik aan klimaatwetenschapper Kimberly Nicholas’ Under the sky we make. In dat boek noemt ze vijf stadia van klimaatrealisme, dat ze definieert als het vinden en accepteren van jouw rol in dat hele grote verhaal van klimaatverandering. De vijf stadia zijn onwetendheid, vermijding, doemdenken, emotionele rollercoaster en doelgerichtheid.

Een typische ontwikkeling die iemand op weg naar klimaatrealisme doormaakt kan als volgt beschreven worden. Eerst hoor en leer je steeds meer over klimaatverandering, bijvoorbeeld door mediaberichten, gesprekken in je sociale omgeving en onderwijs. Het begint te dagen dat klimaatverandering een probleem is dat ook jou aangaat, maar je vermijdt dit nog. Je zapt bijvoorbeeld weg elke keer als er iets langskomt over klimaat of sluit een gesprek daarover zo snel mogelijk af. Wanneer je de informatie uiteindelijk toch tot je door laat dringen, is het niet gek dat je er negatief, neerslachtig of zelfs cynisch van wordt. Wanneer je ook accepteert dat er nog veel is dat we kunnen doen om klimaatverandering tegen te gaan, komen er ook andere emoties bij kijken, zoals hoop maar ook boosheid en frustratie omdat er al veel te lang veel te weinig gebeurt. Wanneer deze emotionele rollercoaster wat bedaart, begint de zoektocht naar antwoorden op vragen als ‘wat kan ík doen in dit grote verhaal, wat is mijn verantwoordelijkheid en welke kennis en vaardigheden kan ik inzetten?’ Zo kun je bijvoorbeeld tot de conclusie komen dat je vanuit je professionele rol als docent, huisarts of politieagent al heel veel impact kunt hebben. Maar je kunt ook besluiten om met je gezin alles te doen om duurzamer te leven en verder zo weinig mogelijk met klimaatverandering bezig te zijn. Misschien ga je aan klimaatactivisme doen. Hopelijk ga je meer over klimaatverandering praten, want dat is wellicht het belangrijkste dat iedereen kan doen.

De stadia van klimaatrealisme lopen vaak door elkaar. Zo heb ik dagen waarop ik cynisch ben (doemdenken), alles over klimaat uit de weg ga (vermijding), of erachter kom dat ik niet op de hoogte was van een belangrijk aspect van klimaatwetenschap (onwetendheid). Dit kader van Nicholas stelt je in staat om te bepalen in welk stadium jij (of je gesprekspartner) zit en je af te vragen wat ervoor nodig is om naar het volgende stadium te bewegen.

Wat wordt ontkend?

Het tweede kader voor het begrijpen van realiteitsontkenning baseert zich op de hoofdconclusies van klimaatwetenschap. Dit zijn de hoofdconclusies die ook het kader van Klimaatveranda vormen: Het warmt op. Dat komt door de mens. Dat heeft verstrekkende gevolgen. En er zijn dingen die we kunnen doen. Wetenschapsontkenning over klimaatverandering heeft zelden betrekking op al deze feiten. Daarom is het nuttig om je af te vragen waar de ontkenning specifiek op doelt: beweert iemand (of heb jij het idee) dat het klimaat niet opwarmt, of dat het wel opwarmt maar niet door de mens? Accepteer je dat het klimaat wel door de mens opwarmt, maar denk je dat de gevolgen van klimaatverandering, in ieder geval voor Nederland, wel mee zullen vallen? Of accepteer je dit alles maar heb je je twijfels bij of we nog iets kunnen doen aan klimaatverandering?

Dit kader van de hoofdconclusies van klimaatverandering, waar je als vijfde nog aan zou kunnen toevoegen ‘hierover bestaat de hoogst mogelijke wetenschappelijke consensus’, stelt je in staat om zwart-witdenken over klimaat te overwinnen. Het is meestal niet productief om iemand als ‘klimaatontkenner’ weg te zetten. Veel nuttiger is het om geïnteresseerd te zijn in welk van deze hoofdconclusies diegene accepteert, en welke in twijfel worden getrokken. Elk feit dat geaccepteerd wordt, is een stap naar klimaatrealisme. Zo is het een heel ander gesprek met iemand die accepteert dat klimaatverandering een probleem is, maar cynisch is over wat we nog kunnen doen.

Grip op realiteitsontkenning

Vooral wanneer we deze twee kaders combineren geven ze grip op de realiteitsontkenning en wetenschapsontkenning die logischerwijs opkomt wanneer mensen geconfronteerd worden met klimaatverandering. Klimaatrealisme ontstaat wanneer we recht doen aan wat het accepteren van de realiteit betekent voor iemands leven, en de gevoelens en begrijpelijke neiging tot ontkenning die dit oproept. Bij doemdenken, het idee hebben dat het toch een verloren zaak is, is het bijvoorbeeld logisch dat iemand het liever niet heeft over hoe erg klimaatverandering is. Het is dan waarschijnlijk productiever om het te hebben over wat we nog wél kunnen doen.

Het doel van deze bijdrage aan Klimaatveranda was niet om anderen als ‘ontkenner’ weg te zetten. Iedereen ontkent weleens een stuk van de (wetenschappelijke) realiteit. Juist als we van onszelf begrijpen waarom we soms feiten niet onder ogen willen zien, kunnen we meer begrip opbrengen voor waarom anderen dit doen. Het is zelden het feit zelf dat de echte reden is voor het ontkennen ervan. De echte reden is meestal de angst voor de oncomfortabele gevolgen die erkenning van dat feit heeft voor je leven.

Net als bij andere vormen van wetenschapsontkenning zoals creationisme of anti-vaxxers  zal er waarschijnlijk altijd een groep mensen blijven die de wetenschappelijke realiteit van klimaatverandering ontkent, meestal om ideologische redenen. Ook zal de krachtige lobby die al decennia met opzet desinformatie over klimaatwetenschap verspreidt met als doel klimaatbeleid te vertragen of voorkomen, dit voorlopig wel blijven doen. Maar voor verreweg de grootste groep mensen ligt het genuanceerder en zijn realiteitsontkenning en wetenschapsontkenning begrijpelijke reacties. Voor mensen die twijfels hebben bij een of meerdere aspecten van klimaatwetenschap dienen deze twee kaders hopelijk als ondersteuning voor een goed gesprek.

29 Reacties op “Van realiteitsontkenning naar klimaatrealisme

  1. Arnout Jaspers

    De kardinale denkfout die filosoof Veen hier maakt, is dat ‘klimaatrealisme’ maar 1 ding kan betekenen: alles accepteren in het alarmistische narratief dat ons door de woke politiek en een groot deel van de media wordt voorgeschoteld.

    Typerend voorbeeld: Veen presenteert onderstaande vraag

     “Accepteer je dat het klimaat wel door de mens opwarmt, maar denk je dat de gevolgen van klimaatverandering, in ieder geval voor Nederland, wel mee zullen vallen?”

    niet als een valide vraag, waarover zinnige discussie mogelijk zou moeten zijn, maar als een stadium van klimaatontkenning. Indien men niet het enige toegelaten antwoord geeft – namelijk dat het niet mee zal vallen – dan is men volgens Veen klimaatontkenner (althans, geen klimaatrealist).

    Het is precies dit binaire dogmatisme dat zoveel weerstand oproept, en bijna elke discussie over klimaat laat ontaarden in een ideologische loopgravenoorlog.

    Like

  2. Dirk Roorda

    Jasper, eens even nadenken over wat je hier zegt:

    ” “Accepteer je dat het klimaat wel door de mens opwarmt, maar denk je dat de gevolgen van klimaatverandering, in ieder geval voor Nederland, wel mee zullen vallen?” 

    niet als een valide vraag, waarover zinnige discussie mogelijk zou moeten zijn, maar als een stadium van klimaatontkenning. 

    Of het wel of niet meevalt, hangt van twee dingen af: wat gaat het klimaat fysiek doen, en hoe goed kan de mensheid (of de Nederlander) zich er aan aanpassen?

    Wat betreft 1: Nederland gaat op termijn onderlopen, de Randstad het eerst.

    Wat betreft 2: Deltawerken zullen te duur worden, dus we moeten migreren. Hopelijk hebben we voldoende krediet om dat te doen.

    Dit vooruitzicht vind ik persoonlijk niet meevallen. Andere scenario’s zijn niet voorhanden.

    Geliked door 1 persoon

  3. radiantc2d1485121

    Beste Arnout, dank voor je reactie op mijn post. Ik denk eigenlijk dat we het voor een groot deel eens zijn. ‘Klimaatrealisme’ betekent inderdaad niet maar 1 ding. Juist niet: ieder moet zelf bepalen hoe zich te verhouden tot de feiten over klimaat. Ik geef o.a. als voorbeeld “je kunt ook besluiten om met je gezin alles te doen om duurzamer te leven en verder zo weinig mogelijk met klimaatverandering bezig te zijn.”

    Je schrijft ook “dan is men volgens Veen klimaatontkenner”. Maar ik schreef juist “Het is meestal niet productief om iemand als ‘klimaatontkenner’ weg te zetten.” en “Het doel van deze bijdrage aan Klimaatveranda was niet om anderen als ‘ontkenner’ weg te zetten.”

    En ik schrijf “Voor mensen die twijfels hebben bij een of meerdere aspecten van klimaatwetenschap dienen deze twee kaders hopelijk als ondersteuning voor een goed gesprek.” Als iemand ontkent dat klimaatverandering, ook voor Nederland, verstrekkende gevolgen heeft, is dat dus wat mij betref juist het begin van een gesprek. Het citaat dat je aanhaalt hangt natuurlijk af van wat je onder ‘meevallen’ verstaat. De overstromingen in Limburg in 2021 en de toenemende kans op meer van dit soort weersextremen vind ik persoonlijk persoonlijk heftig. Hetzelfde geldt voor de impact van klimaatverandering op de volksgezondheid zoals aangegeven door bijvoorbeeld de Nederlandse Federatie voor Universitair Medisch Centra, het RIVM et cetera. En de impact van klimaatverandering op veiligheid, zoals beschreven door o.a. Tom Middendorp in De Klimaatgeneraal en erkend door o.a. politie en andere veiligheidsprofessionals die zich bezighouden met klimaatveiligheid.

    En dan nog de vraag voor wie ‘valt het wel mee’? Onze tijd zal het wel duren. Maar we kunnen het ook hebben over de impact op het leven van onze kinderen en kleinkinderen in de toekomst, en op de kwetsbaren in onze samenleving nu al.

    Geliked door 1 persoon

  4. Hans Custers

    Of iets mee- of tegenvalt hangt natuurlijk ook af van je verwachtingen. Concentreer je je vooral op worstcasescenario’s, dan zal het uiteindelijk wel meevallen. Zie je alle berichten over mogelijke, maar nog niet met zekerheid aangetoonde gevolgen als overdreven alarmisme, dan valt het waarschijnlijk tegen.

    Onzekerheid, en hoe mensen daarmee worstelen, zou ook onderdeel van de discussie moeten zijn. Zorgen over heel ingrijpende gevolgen, zelfs als die niet heel waarschijnlijk zijn, zijn legitiem. Als jij het zo vervelend vindt om weggezet te worden als ontkenner, Arnout, zou je zelf dan niet wat terughoudender mogen zijn om anderen uit te maken voor alarmist of dogmaticus? En in plaats daarvan proberen hun ideeën en zorgen wat beter te begrijpen?

    Geliked door 3 people

  5. goffredofabbro

    “Voor mensen die twijfels hebben bij een of meerdere aspecten van klimaatwetenschap dienen deze twee kaders hopelijk als ondersteuning voor een goed gesprek.”

    Met alle respect, Mario, maar ‘goede gesprekken’ tussen burgers zoals jij en ik en onze buurlui hebben geen enkele invloed op ghg-uitstoot. Die uitstoot is uiteraard een (geo)politieke kwestie en waar de gesprekken over totaal iets anders gaan. Je blogstuk is wat mij betreft lang over houdbaarheidsdatum.

    Like

  6. radiantc2d1485121

    @goffredofabbro Plato schreef zijn allegorie zo’n 2.400 jaar geleden, over houdbaarheidsdatum gesproken. Klimaatverandering is inderdaad een fysisch proces. Maar aangezien het door menselijk handelen wordt veroorzaakt is een verandering in menselijk handelen ook de sleutel om gevaarlijke klimaatverandering te beperken. Voor die verandering zijn goede gesprekken cruciaal. En dat geldt ook voor klimaatadaptatie, hoe we onze maatschappij aanpassen om schade van klimaatverandering zoveel mogelijk te beperken. Kijk vooral de video van Katherine Hayhoe die gelinkt is bij “Hopelijk ga je meer over klimaatverandering praten, want dat is wellicht het belangrijkste dat iedereen kan doen.”

    Like

  7. goffredofabbro

    Mario,

    Tja, de grot-allegorie. Er is intussen warempel wel wat handigers bekend over de relatie perceptie / fysische realiteit. Darwin, co-evolutie, etc. nou ja je kent zelf wel de makke van die allegorie neem ik aan.

    Linkjes naar auteurs als Katherine Hayhoe zijn aan mij niet besteed. Het ghg-dossier is een (geo)politek dossier en daar hebben we ampel illustratie van. Het ghg-dossier is geen kwestie van ‘goed gesprek’, dat is een frame dat geen zoden aan de ghg-dijk zet.

    Like

  8. Arnout Jaspers

    Beste Dirk Roorda, je stelt: Nederland zal op termijn onderlopen. ‘Op termijn’. Welke termijn heb je in gedachten? Dat zal namelijk, gesteld dat er nog zoiets als Rijkswaterstaat bestaat in Nederland, de komende drie eeuwen zeker niet gebeuren, en zelfs daarna betreft het alleen west-Nederland, de kustlijn komt dan ergens bij Amersfoort te liggen. We weten niet eens of Nederland over drie eeuwen nog bestaat. Misschien is er dan een pandemie met een mortaliteit van 75% door Europa geraasd, waardoor we aan Oost-Nederland ruim voldoende hebben. Misschien is Nederland dan een wingewest van het GrootRussischChinese Rijk.
    Anderzijds, we hebben ook geen flauw idee welke mogelijkheden we over een eeuw of twee ontwikkeld hebben om het klimaat direct te sturen.
    Mijn punt is: het heeft uberhaupt geen zin om nu beslissingen te nemen vanwege mogelijke problemen over drie eeuwen, als die beslissingen nu enorme kosten en nadelige bijwerkingen met zich meebrengen. Een reeele planningshorizon voor aanpassing aan klimaatverandering is 50 tot 100 jaar. Daarna laten we het aan onze achterkleinkinderen over.

    Like

  9. Arnout Jaspers

    Beste Mario,
    je schreef in je blog inderdaad dat het niet effectief of productief is om iemand ‘weg te zetten als klimaatontkenner’. Maar dat is een procedurele overweging: je wilt met zo iemand in gesprek blijven, om hem of haar te kunnen overtuigen. Het komt niet in je hoofd op, dat iemand die het niet eens is met een van de hoofdconclusies van klimaatwetenschap *gelijk zou kunnen hebben*, en dat jij dus overtuigd wordt. De stelling dat de gevolgen van klimaatverandering ook voor Nederland heel ernstig zullen zijn, staat in jouw opsomming onder het tussenkopje ‘Wat wordt ontkend?’ en in het hele stuk wordt met ‘ontkenning’ bedoeld: het niet accepteren van feiten over het klimaat die wetenschappelijk bewezen zijn.
    Wat je over het hoofd ziet, of niet wilt erkennen, is dat die hoofdconclusies niet allemaal boven elke twijfel verheven zijn, zeker niet als je ze toepast op Nederland.

    Ik ben er van overtuigd, dat de gevolgen van klimaatverandering voor Nederland de komende eeuw zeer gematigd zullen zijn, en deels positief (minder koude-gerelateerde doden, bijvoorbeeld). Dat hoef je niet meteen met me eens te zijn, maar daar moet rationele discussie over mogelijk zijn.
    Je zegt, terecht, dat je mensen met dat standpunt niet wilt wegzetten als klimaatontkenner, maar ondertussen zet je dat standpunt in je stuk wel weg onder ‘klimaatontkenning’.

    Natuurlijk kun je ook twisten over wat ‘heftig’ is. Bij de overstromingen in Limburg in 2021 zijn in Nederland 0 doden gevallen. Vergelijk dat eens met de Watersnoodramp in 1953, die niets met klimaatverandering te maken had: 1800 doden en de halve provincie Zeeland in puin.
    Andere mogelijke weersextremen door klimaatverandering zijn hittegolven. Een extreme hittegolf zoals in de worst-case scenario’s voorspeld voor Nederland in 2080, is in een tropisch land normaal warm weer. Kan oncomfortabel zijn, maar echt niet iets waar we Nederland voor hoeven te evacueren.
    Ik ga nu niet de hele lijst met vermeende klimaatcrises in Nederland langs lopen, want dan wordt deze reactie te lang. Maar ik heb ze allemaal bekeken, en wat ik dan vooral denk is: wat zijn we toch ontzettend kleinzerig en risicofobisch geworden met z’n allen.

    Like

  10. Hans Custers

    Een planningshorizon van 50 tot 100 jaar, dat zou inderdaad een argument kunnen zijn om niet verder te kijken. Maar daarmee zeg je dan ook dat het ons probleem niet is als al het cultuurhistorisch erfgoed in laaggelegen gebieden, en talloze natuurgebieden over enkele eeuwen verdwijnen in de golven. Je kunt hoog of laag springen, Arnout, maar daar ga ik absoluut niet in mee. Bovendien zou een gedwongen volksverhuizing van nagenoeg de hele Randstad over 200 jaar nog net zo ingrijpend zijn als nu het geval zou zijn. Dat simpelweg opzij schuiven als ‘niet onze zaak, want te ver weg’ is wel heel erg makkelijk.

    En er zit ook nog een andere kant aan die planningshorizon. 50 of 100 jaar is zo’n beetje de periode waarvoor we vooruit kunnen plannen in het behoorlijk stabiele klimaat, zoals we dat lang hebben gekend. Een eeuw vooruit plannen wordt een stuk lastiger als je niet precies weet hoeveel de zeespiegel zal stijgen, of hoe neerslagpatronen gaan veranderen. Het probleem met klimaatverandering zit ‘m niet zozeer in het feit dat een warmer klimaat per definitie slechter is, maar dat aanpassing aan de verandering niet eenvoudig is. En dat wordt problematischer naarmate het meer en sneller opwarmt. Zeker ook omdat de onzekerheden dan toenemen.

    Verder lijkt het me van belang om te constateren dat Nederland niet losstaat van de rest van de wereld. Hier zijn we inderdaad heel behoorlijk geëquipeerd om ons aan te passen aan de verandering. Onder meer omdat de verantwoordelijke instanties (nog?) bereid zijn om de risico’s onder ogen te zien, in plaats van weg te kijken. Maar zelfs als wij ons perfect zouden voorbereiden en aanpassen, dan zijn we nog niet immuun voor wat er in de rest van de wereld kan gebeuren. En, ook dat, als we doorgaan op de oude voet zijn we ook medeverantwoordelijk voor wat er in de rest van de wereld kan gebeuren.

    Like

  11. Hans Custers

    Nog een aanvulling, over de opmerking dat we ‘risicofobisch’ zouden zijn. Want ook daar zit een andere kant aan. Sommige mensen lijken inderdaad niet zo risicoavers, maar dan vooral als het gaat over risico’s die anderen lopen. Is dat niet ook een beetje makkelijk?

    Like

  12. Dirk Roorda

    Arnout, je zegt:

    “Mijn punt is: het heeft uberhaupt geen zin om nu beslissingen te nemen vanwege mogelijke problemen over drie eeuwen, als die beslissingen nu enorme kosten en nadelige bijwerkingen met zich meebrengen. Een reeele planningshorizon voor aanpassing aan klimaatverandering is 50 tot 100 jaar. Daarna laten we het aan onze achterkleinkinderen over.

    Ik ben gevoelig voor dit argument. Ik hanteer het zelf ook wel eens. Maar ik twijfel er ook aan. Je kunt inderdaad niet al te veel plannen op de termijn van meer dan een eeuw.

    Maar er zit ook een andere kant aan. Wat als er ongeplande gevolgen van ons collectief handelen zijn die over 100, 200, 500, 1000 jaar aanwijsbaar zijn? En bovendien zeer nadelig voor volgende generaties? En wat als die nadelen voorkomen hadden kunnen worden met lastige, maar beperkte maatregelen nu, die ook nog bijkomende voordelen hebben voor milieu en geopolitiek?

    Ongeacht wat het antwoord hierop is, ben ik het met je eens dat hier ruimte voor discussie is, en dat je hier echt verschillend over kunt denken.

    Daar kunnen wel felle emoties en grote waardeoordelen bij komen kijken, van beide kanten.

    Wat bij mij ook speelt is dat de meeste mensen die zeggen dat klimaatmaatregelen te kostbaar zijn, eerder zeiden dat ze onmogelijk waren, en nog eerder dat er eigenlijk niets aan de hand was. Dan rijst de vraag: heb je wel goed geïnternaliseerd wat de enormiteit is van wat er gebeurt? Ben je dan wel in staat het kleinere belang van de huidige economie af te wegen aan het totaal verdwijnen van hele stukken economie in de toekomst?

    Diezelfde mensen zijn ook vaak voor een streng begrotingsbeleid, want je mag de volgende generaties niet opzadelen met de gevolgen van onze verkwistingen. Mooi principe, maar dan moet je het ook toepassen op de externaliteiten, i.e. de dingen die wel waardevol zijn, maar niet in de gangbare economie meegerekend worden, zoals klimaat, biodiversiteit, gezonde bodems en bossen.

    Mensen hebben meerdere keren hun leefgemeenschap aan de rand van de afgrond gebracht door overexploitatie. Het Japan van 1800 was op weg naar een ecologische ramp vanwege de erosie door ontbossing. De hele 19e eeuw hebben ze herbebossingsprogramma’s uitgevoerd om het tij te keren, en dat is gelukt. Mensen doen veel en kunnen veel als de grond onder hun bestaan dreigt te verdwijnen.

    De ironie wil dat voor de meeste landen klimaatverandering niet direct de letterlijke grond onder de voeten weghaalt. Maar juist in Nederland zal het onbegonnen werk worden om ons aan te passen aan wat gaat komen. Ver voordat we echt onder water staan, zal alles hier gaan stilstaan.

    Nederland heeft zich altijd geprofileerd als het land dat op de centen lette. En daarbij soms belangrijke belangen verspeelde. Als wij CO2 reductie te duur vinden, dan handelen we precies volgens die karikatuur.

    Like

  13. goffredofabbro

    “Ik ben er van overtuigd, dat de gevolgen van klimaatverandering voor Nederland de komende eeuw zeer gematigd zullen zijn, en deels positief (minder koude-gerelateerde doden, bijvoorbeeld). Dat hoef je niet meteen met me eens te zijn, maar daar moet rationele discussie over mogelijk zijn.”

    Een rationele discussie hierover is m.i. niet mogelijk, Arnout, omdat het een existentieel vraagstuk is en veel-gelaagd bovendien. Daarbij, een ‘planningshorizon’van een eeuw is evenzeer een slag in de lucht als eentje van drie eeuwen. Met de uitvoering van de één-decennium-planning schiet het al niet op: stikstofdossier, onenigheid over landgebruik in de NL delta, waterschappen die zich achter de oren krabben. En vooral, waar kun je je op voorbereiden als je niet kunt voorzien uit welke hoek de klimatologische en (geo)politike wind over drie dennia waait? Niemand die het weet en het rationele eufemisme daarvoor is ‘onzekerheid’.

    Menselijke ‘planningshorizon’ is relevant binnen min of meer stabiele randvoorwaarden en daarvan is hier geen sprake, Dirk. Klimatologisch niet en (geo)politiek niet. Het thema is een paar maatjes te groot voor onze ratio.

    Ik ben sympatisant van de niet-courante cultureel antropologische visie op civilisaties dat ze vooral ge-preoccupeerd zijn met de afval en het vuil dat ze produceren. Wat mij betreft, Hans, zijn ‘wij’ daar geen uitzondering op. Anders gezegd: huidige vuilophaaldienst is relevanter dan planning voor eventueel vuil van morgen.

    Like

  14. Dirk Roorda

    Goff, Arnout: ik ben het eens met jullie opmerkingen over planningshorizon.

    Dat neemt niet weg dat je best de gevolgen van *ongeplande* activiteiten kunt voorzien, zelfs eeuwen in het voren.

    Natuurlijk altijd onder voorbehoud. Maar dat maakt het niet minder relevant, omdat je dan preciezer gaat kijken naar die voorbehouden.

    Het is makkelijker om al ver van te voren de klimaatrampen aan te zien komen, dan om te plannen wat je er aan zou kunnen doen, bedoel ik maar te zeggen.

    Like

  15. Hans Custers

    Dirk,

    Wat mij betreft is de planningshorizon vooral een technisch (of technocratisch?) begrip. In principe heel bruikbaar als je een nieuwe woonwijk ontwerpt, of een kustverdediging. Het hangt overigens ook heel sterk af van welke beslissingen er worden genomen. Economen zeggen wel eens dat hun planningshorizon niet verder gaat dan een jaar of vier. Terwijl in het oorspronkelijke plan van de Deltawerken was uitgegaan van een planhorizon van 200 jaar (als ik me niet vergis, en natuurlijk is die horizon inmiddels is ingehaald door de realiteit.)

    Voor ethische kwesties vind ik het begrip wat minder relevant. Een hypothetisch voorbeeld, ter illustratie. Stel dat je in je eentje iets zou doen dat tot de uitroeiing van de hele mensheid zou kunnen leiden. Dat lijkt me hoe dan ook onjuist, ongeacht of dat gevolg optreedt over 10, of 100, of 1000 jaar.

    Verantwoordelijkheid voor de gevolgen van je handelen heeft in mijn ogen niet zoveel te maken met de technocratische toepassing van zoiets als een planningshorizon.

    Like

  16. Dirk Roorda

    Hans,

    “Verantwoordelijkheid voor de gevolgen van je handelen heeft in mijn ogen niet zoveel te maken met de technocratische toepassing van zoiets als een planningshorizon.”

    Ja! En daarmee trek ik ook de conclusie dat het argument waarmee het begon, fout is: “het heeft uberhaupt geen zin om nu beslissingen te nemen vanwege mogelijke problemen over drie eeuwen, als die beslissingen nu enorme kosten en nadelige bijwerkingen met zich meebrengen.”

    De kwestie is: gaan wij, de veroorzakers, die eventuele enorme kosten en nadelige bijwerkingen dragen, of de volgende generaties?

    Het argument dat de volgende generaties die beter kunnen dragen (omdat ze technisch verder zijn) lijkt me een enorme gok, waar de toekomstige generaties hoe dan ook niet blij mee zullen zijn. Ze zullen keihard moeten werken om het hoofd boven water te houden, in plaats van dat ze vooruit kunnen gaan.

    Het argument dat de volgende generaties misschien wel niets van de klimaatverandering zullen merken, omdat er veel grotere rampen hebben plaatsgevonden is wel een heel duistere manier van gokken. Je gokt dat we sneller kunnen innoveren dan dat het klimaatprobleem erger wordt.

    Kortom: ik zal dit argument niet meer in welke vorm dan ook gebruiken.

    Het lijkt verdacht veel op hoe wij in Nederland het stikstofprobleem aan het oplossen zijn: nooit iets doen wat nu een prijs heeft, maar de prijs verdelen over de toekomst en wedden op oplossingen die nog moeten komen.

    Eigenlijk is klimaatverandering niet het probleem, maar een symptoom van een onderliggend groter probleem: het gebruik van de aarde door de mensheid gegroeid tot over de grens van wat de aarde aankan. Klimaatverandering is dan nog een mild signaal om de koers te verleggen. Doe je dat niet, dan komen de harde signalen op ons af: afsterven van onze voedingsbronnen, vergiftiging van het milieu, oorlog.

    Like

  17. Bert Amesz

    Wat we vooral niet moeten vergeten is dat het aandeel van Nederland in de mondiale uitstoot verwaarloosbaar klein is maar dat we juist kwetsbaar zijn voor de eventuele gevolgen van de opwarming (zeespiegel, neerslag, etc). Dat komt door onze lange kustlijn met de Noordzee, onze ligging aan de monding van Rijn en Maas, groot deel onder zeeniveau en slappe zettingsgevoelige ondergrond. Alle reden dus om het accent te leggen op adaptatie en wat minder op emissiereductie lijkt me

    Like

  18. Hans Custers

    Je pleit maar weer eens voor dweilen met de kraan open, Bert? Dat we ons aan moeten passen aan de veranderingen die er hoe dan ook aan zitten te komen is een feit dan niemand hier ontkent. Maar, zoals je al vaker is uitgelegd, is het een valse tegenstelling als je adaptatie tegenover mitigatie te stellen. Hoe meer en sneller het opwarmt, hoe moeilijker en duurder aanpassing wordt. En hoe meer we ook de gevolgen zullen voelen van wat er ergens in de wereld gebeurt.

    En dat je aankomt met dat ‘kleine aandeel in de mondiale uitstoot’ valt me wel een beetje tegen van je. Zo moeilijk is het niet om in te zien dat de grootte van het land waar je woont niet relevant is voor de mate waarin je bijdraagt aan een mondiaal probleem. Per hoofd van de bevolking ligt onze uitstoot nog altijd een eind boven het mondiale gemiddelde. Zolang dat het geval is, is dat ‘kleine landje’ niks anders dan een goedkoop smoesje voor free-riders gedrag.

    Like

  19. goffredofabbro

    “…onderliggend groter probleem: het gebruik van de aarde door de mensheid gegroeid tot over de grens van wat de aarde aankan.”

    Dirk, de aarde kan iedere verandering aan. Het zijn wij die begrensd zijn in aanpassing aan veranderingen. Als je op zoek bent naar een onderliggend probleem kun je het m.i. ‘t best vinden in de ontkenning van dat feit. Homo saspiens is niet de vernietiger van de aarde en is er ook niet de redder/rentmeester van. Net als elke andere soort dopt hij zijn boontjes.

    Bert,

    “…reden dus om het accent te leggen op adaptatie en wat minder op emissiereductie lijkt me.”

    Tja, met de ghg-emissiereductie schiet het niet op. Wat betreft aanpassing aan de huidige klima/metereologische condities in de NL delta, dat is een kwestie grond- en watergebruik. Daar komen ze in de 2e Kamer en de regering niet uit.

    Like

  20. Dirk Roorda

    Goff,

    “de aarde kan iedere verandering aan”

    Moet ik het uitspellen? Als wij de hulpbronnen van de aarde uitputten, dan is het de aarde die ons een grens stelt.

    Bert, Hans

    Om adaptatie versus mitigatie nog wat aan te scherpen: als we inzetten op adaptatie, zullen we de dijken flink moeten gaan verhogen. Dat zal elke eeuw opnieuw moeten gebeuren, en elke verhoging is duurder dan de vorige. En het wordt steeds duurder om het rivier en regenwater met een steeds groter hoogteverschil weg te pompen.

    En na een aantal eeuwen, als er niet voldoende is gemitigeerd, zal blijken dat we het met die hogere dijken toch niet redden, en hebben we onze resources verspild aan een nutteloos project.

    Met jouw insteek Bert, gaat het een uitputtingsslag worden.

    Het zou best kunnen dat niet-Nederlanders dat beter begrijpen dan wij.

    Belcampo heeft eens een verhaal geschreven dat begon met: Nederlanders hebben de dijken doorgestoken. Het is een verhaal over een collectieve waan die de de Nederlanders bevangen had.

    Daar moet ik steeds aan denken als ik mensen van onder het zeeniveau hoor beweren dat we niet veel aan de oorzaken van klimaatverandering hoeven te doen. Na enig googelen blijk ik niet de enige te zijn die deze link legt: http://ikmaakmezorgen.nl/paginas/Krantenartikelen/Nederlanders-zijn-gek-geworden.html

    Like

  21. goffredofabbro

    Dirk,

    je pakt niet op wat ik schreef, ga het niet herhalen en laat het verder met rust.

    Like

  22. Lennart van der Linde

    Nieuw klimaatrealistisch artikel van Stokes et al over de te verwachten smelt van de ijskappen bij 1,5 graad opwarming: Warming of +1.5 °C is too high for polar ice sheets | Communications Earth & Environment

    Like

  23. Dirk Roorda

    Goff, je hebt een merkwaardig vermogen om iets wat ik zeg op te pakken, en er een heel eigen kant mee op te gaan, zonder in te gaan op wat ik ermee wil zeggen. Alsof je doof bent voor de achterliggende intentie.

    Maar het kan ook zijn dat mijn referentiekader zo verschilt van de jouwe, dat mijn bedoeling niet duidelijk overkomt.

    En het kan zijn dat ik me niet duidelijk uitdruk.

    Als ik een last van 200 kg op de bagagedrager van mijn fiets leg, waardoor die het begeeft, en dan zeg: “mijn bagagedrager kan het niet aan”, dan zal jij zeggen: “die bagagedrager kan alles aan, dat die bij 200 kg inelkaar zakt is normaal voor een bagagedrager, maar jij kunt je niet aanpassen aan een inzakkende bagagedrager.”

    Terug naar de aarde: wij leven erop, en vragen er meer van dan de aarde kan leveren. Dus gaan er dingen kapot. Ecosystemen. Habitats voor allerlei soorten. Etc.

    Natuurlijk zal de aarde als planeet blijven bestaan. Ook zullen de meeste virussen, bacteriën en eencelligen alles overleven wat wij aanrichten. Maar er is een serieus risico dat we een flinke deuk gaan slaan in het meercellige leven, net zoals bij de vijf eerdere uitstervingen is gebeurd.

    Like

  24. goffredofabbro

    Dirk,

    het was jij die letterlijk beweerde “…tot over de grens van wat de aarde aankan” en daar reageerde ik op. En nu zeg je hetzelfde als wat ik in mijn reactie al beweerde: de aarde kan het wel aan.

    Het hoofdpunt in die reactie van mij negeer je. Namelijk dat het ‘onderliggende probleem’, waar je over begon, ons eigen begrensd aanpassingsvermogen is. Dat probleem wordt al heel lang ontkend en de laatste denennia omgecat met het frame dat de aarde ‘het’ niet aankan. Je vergelijking met de bagagedrager van een fiets is een voorbeeld van die omcatting.

    Like

  25. goffredofabbro

    Lennart,

    oef, die studie van Stokes et al. Het leest als een drastische bijstelling van eerdere inschattingen/verwachtingen van de oceaanspiegel. En als ik me niet vergis is het de zoveelste studie die corrigeert voor eerdere projecties. Voor kustgebieden zal het uiteraard onmogelijk zijn om zich op termijn te beschermen tegen gestaag stijgend oceaanpeil. Of ‘op termijn’ neerkomt op vijf of op -tig generaties na ons is koffiedik kijken. Ophogen van dijken door onze (klein)kinderen is uitstel van executie, nà hen is er geen houden meer aan. Links- of rechtsom betekent adaptatie aan zeespiegestijging volgens deze studie maar één ding: massale migratie uit de grootstedelijke kustconglomeraties overal ter wereld. Mensen gaan het hogerop zoeken.

    Like

  26. Dirk Roorda

    Goff,

    wat een pedante onzin. Sorry. Mijn punt is dat klimaatverandering slechts een symptoom is, en dat ons gedrag op deze planeet nog voor veel grotere problemen gaat zorgen.

    Wat jij zegt over ons gebrek aan aanpassingsvermogen klopt helemaal, maar is niet terzake voor dit punt.

    Je had ook kunnen zeggen dat we niet om kunnen gaan met ons gebrek aan aanpassingsvermogen. Ook waar, en nog pedanter.

    Je hoeft toch niet elke uitspraak van een gesprekspartner eerst naar je eigen denkraam te trekken en als het niet past een zgn corrigerende opmerking te plaatsen?

    Like

  27. Dirk Roorda

    Goff

    laat ik eens uitspellen wat de metafoor “de aarde kan het niet aan” zou kunnen betekenen.

    Je kunt de aarde zien als een systeem dat een groot deel van de tijd in homeostase is, in het bijzonder m.b.t. het leven. De aarde biedt langdurige perioden waarin omstandigheden die nodig zijn voor het leven gehandhaafd blijven.

    Niet altijd. Er treden ook kleine en grote veranderingen op waarin het leven schokken te verwerken krijgt waaraan het zich niet meer kan aanpassen. Hele secties van het leven verdwijnen dan.

    Soms is dat de configuratie van continenten, soms een asteroïde, soms de ongetemde groei van cyanobacteriën, en nu is het homo sapiens die habitats vernietigt en koolstof uit de aardkorst haalt en in de atmosfeer dumpt.

    Kortom, wijzelf onderbreken de huidige homeostase van de aarde waarin wij floreren, en vele sectoren van leven met ons.

    Dat is: de aarde kan het niet meer aan.

    De aarde zal overschakelen op een ander regime waarin wij mogelijk ten onder gaan en vele soorten met ons.

    Misschien kunnen we ons aanpassen, misschien niet. Beide laat onverlet dat (1) wij de oorzaak zijn van de schade (2) de schade niet alleen ons betreft.

    Het gaat er dus niet zozeer om of wij ons wel kunnen aanpassen aan het nieuwe regime van de aarde, maar of wij ons eigen gedrag zo kunnen veranderen dat de aarde niet tot een regimeverandering getriggerd wordt.

    Ik hoop dat deze taal duidelijker is.

    Like

  28. goffredofabbro

    Helemaal duidelijk, Dirk.

    Like

  29. jaaplont
    • klimaatverandering is slechts een deel van het ecologische probleem waarin de planeet en de mensheid nu verkeert.
    • Dit ecologische probleem is een spanningsopbouwer en conflictversterker dat in toenemende mate polariserend werkt en de kwaliteit van alle sociale aspecten en culturele verworvenheden negatief infecteert (economisch, politiek, juridisch, enzovoorts), waardoor oplossingen eerder uit zicht raken dan dat ze in beeld komen.
    • We verkeren al decennialang in planetaire overshoot en weten de trends niet afdoende om te buigen.
    • terwijl we de redelijk stabiele Holocene leefbaarheidsomstandigheden in toenemende mate achter ons laten is dat ons referentiekader en mede bepalend voor ons historisch besef en onze risicoperceptie. Dit referentiekader heeft ook betrekking op onze denkbeelden omtrent (on)omkeerbaarheid.
    • ‘Het warmt op’ – valt niet meer te ontkennen, het probleem is echter veel groter dan dat.
    • ‘Dat komt door de mens’ – valt niet te ontkennen, we weten dat al decennialang maar het blijft maar de verkeerde kant opgaan.
    • ‘Dat heeft verstrekkende gevolgen’ – de betekenis van ‘verstrekkend’ is multi-interpretabel, maar bagatellisering lijkt me toch niet passend bij de ontwikkelingen. We worden al decennialang gewaarschuwd door de wetenschap en intuïtief kunnen we ook wel e.e.a. aanvoelen; de termijn waarop ellende en onheil grootschalig losbarst is gewoon een kwestie van vroeger of later, bij doorgaande trends.
    • ‘Er zijn dingen die we kunnen doen’ – hoewel geen garantie voor de toekomst zijn de al decennialang gaande trends wel typerend voor de volgens mij aannemelijke suggestie dat de mensheid onvoldoende in staat lijkt te zijn om de trends nog om te buigen, omdat ook toenemende spanningsopbouw die mogelijkheden verder verkleint.

    Like

Plaats een reactie